Opinie: Leuk voor de Shell, niet goed voor ons land

De 1,4 miljard die de afschaffing van de dividendbelasting kost kan beter besteed worden aan het vestigingsklimaat, bijvoorbeeld door verbetering van het onderwijs.

Het nieuwe kabinet is van plan de dividendbelasting af te schaffen. Dat kost onze schatkist 1,4 miljard aan inkomsten, maar daar staat tegenover dat bedrijven het hierdoor aantrekkelijker zouden vinden om zich in Nederland te blijven vestigen. Die extra bedrijvigheid en werkgelegenheid moeten aldus opwegen tegen het verlies aan belastinginkomsten. Premier Rutte liet bij de regeringsverklaring zelfs weten de afschaffing van de dividendbelasting van cruciaal belang te vinden voor de internationale concurrentiepositie van Nederland. Zwaar geschut dus van het kabinet om deze maatregel te verdedigen.

Het bewijs dat het afschaffen van deze belasting veel zoden aan de dijk zet voor de economie, ontbreekt echter. De officiële rekenmeesters van het Centraal Planbureau lieten bijvoorbeeld weten geen positief werkgelegenheidseffect te zien.

Shell

Gevraagd naar de reden van de maatregel hulde de regering zich in stilzwijgen, totdat plots bleek dat hoogstwaarschijnlijk enkele van onze grote multinationals, onder aanvoering van Shell, tijdens de kabinetsformatie hierop hadden aangedrongen. Voor internationale beleggers in aandelen Shell of Unilever geldt dat hun behaalde dividend op aandelen verhandeld in het Verenigd Koninkrijk tegen nul procent dividendbelasting wordt afgerekend. Shell denkt aantrekkelijker te worden voor beleggers als de dividendbelasting tussen Engeland en Nederland gelijk wordt getrokken, dus bij ons ook naar 0 procent gaat. Het zou dan gemakkelijker aan financiering voor zijn investeringen kunnen komen. Tegen deze redenering valt in te brengen dat aandelenfinanciering een relatief onbelangrijke financieringsbron voor bedrijfsinvesteringen vormt. Voldoende eigen middelen zijn veel belangrijker, Shell verschilt daarin niet van het eerste de beste midden- of kleinbedrijf.

Onderzoek toont dan ook aan dat het verlagen van de dividendbelasting weinig tot geen effect heeft op de investeringen van een bedrijf. Maar goed, vanuit het particuliere bedrijfsbelang van Shell of Unilever, bedrijven met grote belangen in het Verenigd Koninkrijk, valt nog wel te begrijpen waarom men onze dividendbelasting liever kwijt dan rijk is.

Levensbelang?

Waar de schoen wringt voor Rutte is dat in het regeerakkoord natuurlijk niet staat dat we bereid zijn 1,4 miljard aan belastinginkomsten op te geven om het Shell of Unilever naar de zin te maken. De door het kabinet bij herhaling genoemde reden is dat afschaffing van deze belasting goed, ja zelfs van levensbelang zou zijn voor de nationale economie, dus voor ons allemaal. Vasthouden aan de dividendbelasting zou Nederland onaantrekkelijk maken als vestigingsplaats voor internationale bedrijven. De bewijsvoering voor dit doemscenario ontbreekt helaas. Sterker nog, het kabinet wekt ten onrechte de indruk alsof bedrijven bij het kiezen van hun vestigingsplaats zich in de eerste plaats door de hoogte van de dividendbelasting of de vennootschapsbelasting laten leiden.

Vestigingsland

Keer op keer blijkt dat Nederland een aantrekkelijk vestigingsland is voor buitenlandse bedrijven omdat we een goede infrastructuur, een goed opgeleide beroepsbevolking en een naar internationale maatstaven bovengemiddeld goed werk- en leefklimaat hebben. Allemaal zaken die (grotendeels) met belastingopbrengsten worden gefinancierd en waarvoor bedrijven (en burgers) best willen betalen zolang de belastingtarieven niet te hoog zijn of teveel uit de pas lopen met andere landen.

Economisch sterke landen in de EU, zoals Nederland of Duitsland, kunnen zich dus ook relatief hogere belastingen veroorloven omdat daar deels met belastinggeld gefinancierde voordelen tegenover staan. Vestigingskwaliteit mag en kan dus wat kosten. Landen die op dit vlak minder te bieden hebben, zullen zich eerder gedwongen voelen met hun belastingtarieven te gaan concurreren in de hoop bedrijven aan te trekken. De Nederlandse economie zal het internationaal niet redden als we vooral gaan voor een strategie van lage kosten, waarvan het afschaffen van de dividendbelasting helaas een voorbeeld is.

Onderwijs

Zo bezien kan die 1,4 miljard beter worden besteed aan verbetering en versterking van het onderwijs omdat dat op termijn wel uitmaakt voor de economische kracht van ons land. Kortom, wat mogelijk mooi meegenomen is voor Shell, is daarmee nog niet goed voor Nederland.

Harry Garretsen is hoogleraar International Economics & Business aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven