Opinie: Recht partneropname blijft een lege huls

Er komt maar geen einde aan de wanhopige zoektochten naar opvang voor zorgafhankelijke hoogbejaarde echtparen.

Kortgeleden waren twee hoogbejaarde echtparen de wanhoop nabij omdat geen enkel verpleeghuis hen samen kon opnemen en ze nu na ruim zeventig jaar huwelijk uit elkaar gehaald dreigden te worden. Terwijl ze wel degelijk recht hebben op een plek samen. Een beschamende vertoning rond ouderen, die tot de kwetsbaarste mensen van onze samenleving behoren.

Geloofwaardigheid

Kabinetsinformateur Herman Tjeenk Willink stelde vorig jaar in zijn eindverslag kritische vragen bij de legitimiteit van de overheid. Geloofwaardigheid van de overheid vereist dat veel beter wordt nagedacht over de consequenties van overheidsmaatregelen. En dat uit zich niet in de beleidsplannen, maar in de uitvoering, in de effecten van het beleid.

Het recht tot partneropname is weinig bekend en zeker niet bij de kwetsbare doelgroep die het betreft. Zowel de overheid als de verpleeghuiszorg heeft betrokken partijen onvoldoende geïnformeerd en er zeker geen reclame voor gemaakt. Zelfs huisartsen, die deze trieste situaties van nabij meemaken, zijn hiervan nauwelijks op de hoogte. Zij zouden een belangrijke ondersteunende rol hierbij moeten spelen.

Triest

Vier jaar geleden maakte de Tweede Kamer zich nog erg druk over deze trieste problematiek. Tot 2012 konden hoogbejaarde echtparen met sterk uiteenlopende indicaties in een gecombineerde verzorgingshuis/verpleeghuisinstelling wonen. Door het toenmalige kabinetsbeleid rond het sluiten van de verzorgingshuizen werd hun positie verslechterd. Daardoor steeg het aantal mensen dat uit elkaar moest na vijftig, zestig of zeventig jaar huwelijk, omdat één van de twee te zorgafhankelijk werd en de ander niet meekon. Kamerbreed werd toen een motie aangenomen, waarbij in de nieuwe Wet langdurige zorg (Wlz) expliciet het recht tot partneropname (meeverhuizende partner) werd meegenomen. De Wlz geeft mensen die zelf geen Wlz-indicatie hebben (mate van zorgbehoefte en zorgnoodzaak) het recht mee te verhuizen met partners die zo’n indicatie wel hebben.

‘Strategisch’

Mijn kwetsbare schoonmoeder werd eind 2014 in een verpleeghuis in de buurt opgenomen, waar mijn schoonvader haar elke dag trouw bezocht. Hij ging zelf steeds meer achteruit en wilde ook worden opgenomen in hetzelfde verpleeghuis. Op basis van het recht op partneropname hebben we toen een opname aangevraagd. Die werd echter keihard door het management van de zorgketen afgewezen met het argument dat het verpleeghuis alleen maar over eenpersoonskamers beschikte. Het paste niet binnen hun ‘strategische huisvestigingsplannen’ en het leidde tot verdringingseffecten. Potentiële bewoners met een hoge zorgzwaarte komen hierdoor langer op de wachtlijst te staan.

We hebben het plekje, uiteindelijk geholpen door het zorgkantoor, voor mijn schoonvader echt moeten bevechten. Dat was voor mij voldoende reden om schriftelijk contact te zoeken met de vaste Kamercommissie VWS. Deze commissie legde mijn vragen/opmerkingen voor aan de toenmalige staatssecretaris Martin van Rijn. In zijn beantwoording nam hij door het veld zelf aangedragen argument over ,,dat het niet altijd de locatie van voorkeur kan zijn. Niet alle locaties van instellingen beschikken immers over meerpersoonskamers, of die zijn niet altijd op het gewenste moment direct beschikbaar”.

Kamervragen

Twee maanden geleden werden rond deze twee trieste situaties opnieuw Kamervragen gesteld, waarbij de huidige minister Hugo de Jonge hetzelfde standpunt nog eens herhaalde: ,,Hoewel partneropname mogelijk is op grond van de Wlz kan het voorkomen dat de zorginstelling van voorkeur niet beschikt over echtparenappartementen of dat deze reeds bezet zijn.’’

De meeste zorgkantoren gaan op hun websites nog een stap verder dan VWS. Zij zeggen rond partneropname het volgende: ,,Als u samen naar een zorginstelling wilt verhuizen is het belangrijk dat u kiest voor een zorgaanbieder die partnerplekken aanbiedt. Niet elke zorgaanbieder doet dit en zorgaanbieders zijn dit ook niet verplicht.’’

Lege huls

Het recht op partneropname voor hoogbejaarde echtparen blijft voor velen van hen een lege huls als de toegang tot de bestaande verpleeghuizen geblokkeerd blijft. Daarbuiten zijn veel te weinig faciliteiten om aan de vraag te kunnen voldoen.

De echtparen hopen ook niet per se op een tweepersoonskamer. Twee kamertjes naast elkaar of bij elkaar in de buurt is al heel mooi. Mijn schoonouders zijn daar heel tevreden mee. In hun grote kwetsbaarheid en afhankelijkheid voelen ze zich intens verbonden met elkaar en ervaren ze de goede zorg en veiligheid die hen daar wordt geboden. Ze kijken beiden uit naar begin juni, naar de dag waarop ze 65 jaar getrouwd zijn.

Ben van Remmerden is humanistisch raadsman

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.