Opinie: Met boerkaverbod komen we nergens

Wat zullen de gevolgen van het boerkaverbod zijn? Het verbieden van allerlei geloofsuitingen versterkt vooral het bolwerk van de getroffen religieuze groep.

Nu het boerkaverbod, alias, zo neutraal mogelijk geformuleerd, de ‘Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding’, ook door de Eerste Kamer is aanvaard, is de vraag wat Den Haag daarmee wil bereiken.

Inderdaad, als mij in het winkelcentrum een nikab of boerka tegemoetkomt (wat zelden gebeurt), bevangt mij een zekere huiver. Het is een naar gezicht, zo’n geheel in zwarte stof gehulde gestalte waaruit een paar ogen naar de buitenwereld gluren. Het is een lopende gevangenis en je vraagt je af of die vrouwen er zelf voor kozen, zoals ze zeggen wanneer ernaar gevraagd wordt: deze kledij dragen wij alleen om redenen des geloofs. Maar hoeveel groepsdwang komt daarbij kijken? Moet het van de mannen?

Huiver

Maar is die huiver, zeg maar rustig weerzin, voldoende reden om het dragen van boerka en nikab in de openbare ruimte te verbieden? Frankrijk, België en Oostenrijk gingen ons voor en ook in Denemarken nam het parlement dezer dagen een verbod op het publiekelijk dragen van nikab en boerka aan.

Dwang

Wat is daarbij de overweging? Wij willen die vrouwen beschermen tegen religieuze dwang, maar daar vragen ze bij mijn weten niet om. We dwingen hen vooral zich aan te passen aan onze normen en waarden voor de omgang in het openbaar. Daar, wordt aangevoerd, moeten wij elkaar kunnen herkennen, maar dat lijkt een drogreden. Als die vrouw in het winkelcentrum geen boerka droeg zou ik haar waarschijnlijk ook niet herkennen. Ook wordt betoogd dat onze veiligheid in het geding is. Onder zo’n nikab kun je met gemak een wapen verbergen. Maar terrorisme moet anders bestreden worden dan met kledingvoorschriften.

Breed geloofsfront

Volgens Amnesty International beperkt het voorgenomen Deense verbod op nikab en boerka niet alleen de godsdienstvrijheid, maar ook het recht op vrijheid van meningsuiting. Dat is lariekoek. Zo’n omhulsel van zwarte lappen kan niet voor een ‘mening’ gehouden worden, het is een geloofsuiting en de legitieme vraag is nu juist of we die moeten willen verbieden.

De cultuurstrijd tegen de islam wordt op een breed front gevoerd. De nieuwe Oostenrijkse regering sluit zeven moskeeën en bedreigt veertig imams met uitzetting. De regering van IJsland wil besnijdenis van jongetjes verbieden, al moet ze door het verzet van de schaarse imams en rabbi’s in het land vooralsnog bakzeil halen.

Cultuurstrijd

De strijd in Europa tegen alle mogelijke manifestaties van de islam doet denken aan de kulturkampf, die de Duitse ‘ijzeren kanselier’ Otto von Bismarck anderhalve eeuw geleden inzette tegen de aanspraken van de katholieke kerk.

Net als wij nu in de islam, zag Bismarck in de opmars van het katholicisme, alias het ‘zwarte gevaar’, een bedreiging van de eenheid van de prille Duitse staat, een vreemd en vijandig element in de natie. Katholieken waren immers in de eerste plaats loyaal aan een buitenlands staatshoofd, de paus van Rome, die toen net ‘onfeilbaar’ was verklaard. Ze golden als ‘ultramontaans’, horig aan een vorst van over de bergen, en ondermijnden het Deutschtum. Bovendien kregen ze veel kinderen, waardoor het gevaar dreigde dat het Duitse volk werd ‘overspoeld’.

Snelle emancipatie

Bismarck sloot vanaf 1872 kloosters, decreteerde dat alleen Duitsers priester mochten worden, verbood processies en het exclusief kerkelijk huwelijk. Bisschoppen werden het land uitgezet. In het Limburgse Steyl kun je nog zien hoe vijf Duitse congregaties toen met hun hele hebben en houden over de grens vluchtten en zich daar vestigden.

De kulturkampf duurde tien jaar en het effect was dat de katholieken zich steeds hechter organiseerden en snel emancipeerden. Hun Zentrumspartei werd het centrum van de Duitse politiek en Bismarck zag in dat het verstandiger was met de katholieken samen te werken.

Bolwerk

Is dit een les voor nu? Het grote verschil is dat er, anders dan onder de huidige islamieten, bij de Duitse katholieken geen terroristen waren die aanslagen pleegden. Maar de overeenkomst is dat het verbieden van allerlei geloofsuitingen vooral het bolwerk van de getroffen religieuze groep versterkt: men verschanst zich daarbinnen en zoekt steun bij elkaar.

Tegen terrorisme dienen deugdelijke veiligheidsmaatregelen, intelligente inlichtingendiensten en een voortdurende alertheid te worden ingezet, geen verboden van ongewenste kledij.

John Jansen van Galen is journalist en publicist

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.