Duitse zeilverenigingen ontdekken Oldambtmeer

Waar een decennium geleden combines en aardappel rooimachines een prominente plek in het landschap opeisten, zijn het nu zeilboten, sloepjes en rondvaartboten die afsteken tegen de horizon. Het Oldambtmeer in Blauwestad bestaat tien jaar.

Gewassen zijn er niet meer, wel boeien die de vaargeul markeren. Geen decibels uit tractoren, maar klapperende zeilen van een kleine kajuit zeilboot. Waar ooit de boer z'n broodje at spelen nu kinderen op het strand. Gebleven is de zucht van de polderwind.

Het is ergens in 2003 als Thijs Huisman in de krant leest dat in de regio Oldambt een groot meer wordt aangelegd. De dan 23-jarige in de stad-Groningen woonachtige zeilliefhebber kent heg noch steg in dat gebied, maar trekt er op een zondagmiddag op uit om het te ontdekken. Daarna schrijft hij aan de directie van Blauwestad op een velletje papier zijn plan voor en zeilschool. ,,Het was natuurlijk geen origineel idee, want waar een grote plas wordt aangelegd moet ook vaarrecreatie komen.''

Woon- en waterplan

Bijna twee jaar lang hoort hij niets, totdat hij in 2005 wordt uitgenodigd voor een gesprek met de directie van het woon- en waterplan in Oldambt. ,,Ik dacht al: ze zijn mij vergeten.'' Huisman krijgt al snel te horen dat hij zijn droom mag waarmaken in de noordelijke jachthaven in Midwolda. ,,We stonden in het directiegebouw van Blauwestad. Met een vingertje over veld en zandvlakte werd mij aangewezen waar mijn toekomst lag. Je moest enige verbeelding hebben, want water was in geen velden of wegen te zien. Maar ik was apetrots en reed met een voldaan gevoel terug naar Groningen.''

Een decennium later kan Huisman voor het eerst met enige zekerheid naar de toekomst kijken. ,,Het was de achterliggende jaren altijd weer spannend hoe een vaarseizoen er zou uitzien en wat ik zou verdienen. Ik heb dagen meegemaakt dat ik de enige in de jachthaven was. Mooi die stilte, maar daar verdien je niets mee. Zo'n avontuur zou ik nu niet meer aangaan. Ik heb inmiddels een gezin en dan wil je bepaalde zekerheden. Een inkomen bijvoorbeeld.''

Met een tienjarig contract op zak voor de exploitatie van de jachthaven in Midwolda en een goed lopende zeilschool, heeft hij nu die zekerheid. ,,Het Oldambtmeer heeft mij gebracht wat ik er van verwachtte. Ik heb van mijn hobby mijn beroep gemaakt. Er is een nadeel: ik kom amper nog aan zeilen toe.''

Bofkont

Ruim een jaar duurt het om het 800 hectare grote Oldambtmeer in Blauwestad vol water te laten lopen. In mei 2005 draait Koningin Beatrix de kraan open en eind augustus 2006 is het waterpeil bereikt. Veertien miljoen kubieke meter water wordt in ruim een jaar tijd in het meer gepompt. ,,Dat zijn wel even veertien miljard gevulde literflessen'', maakt Peter Paul Schollema, aquatisch ecoloog bij waterschap Hunze en Aa's, het inzichtelijk. Hij noemt zich een bofkont dat hij het project vanaf de start heeft mogen meemaken. ,,Dit is voor mijn beroepsgroep een unicum. Ik heb het akkerbouwgebied tot een groot meer zien transformeren. We zijn met een nieuw ecosysteem aan de slag gegaan. Dat is ongekend in Nederland.''

Belangrijkste aspect voor Schollema is: hoe om te gaan met de aanwezige meststoffen in de bodem. ,,Het is een landbouwgebied geweest en wij wilden een schoon meer creëren. Dat is goed voor de recreant en de bewoners. Op een groene, stinkende soepbak zit niemand te wachten.'' Schollema doelt op een te veel aan waterplanten. Jaren achtereen tieren de waterpest en fonteinkruid welig, slecht voor het watersportimago. Maar er is een kentering. ,,We denken te weten waarom er zoveel waterplanten groeiden. Dat heeft volgens onze analyse te maken met strenge winters in combinatie met het uiterst schone water. Na een strenge winter met ijsgang was er een explosie aan waterplanten. Door ijsgang kunnen bepaalde watervogels de planten niet opeten. Na de vorstperiode groeien de planten explosief. Een student gaat op deze materie zelfs afstuderen. Projectontwikkelaars die plannen hebben om een meer aan te leggen zijn ook geïnteresseerd in onze theorie. Die expertise was er tot dusver nauwelijks. In Friesland bijvoorbeeld heb je veel meren, maar het water is er relatief troebel, dat voorkomt een explosieve groei van waterplanten.''

Waterplanten

Van problemen met waterplanten heeft de familie Smit uiteraard ook gehoord, maar ze komen zelf nooit op het water, dus ervaringdeskundige zijn ze niet. Geert en Beke Smit, beide 82 jaar, wonen al 58 jaar aan de Niesoordlaan in Midwolda. Eerst keken ze over landbouwvelden. Ze zagen de contouren van het verderop gelegen dorp Finsterwolde. Nu hebben ze vanuit hun keuken uitzicht op het meer. ,,We leven nu in een ansichtkaart'', zegt Geert Smit. ,,Ik vond het vroeger altijd mooi als ik een kaartje met een boot er op kreeg. Nu kijk ik naar buiten en zie ik de zeilen van voorbij varende schepen. Mooi toch.''

Eigenlijk hebben ze maar één kritisch puntje. ,,Vroeger wist je precies in welk seizoen je leefde. Je zag de gewassen groeien, het oogsten en het ploegen en het zaaien. Nu zie je het hele jaar water.'' Op die ene keer na, leest Beke haar de man de les. ,,Ze doelt op een strenge winter, enkele jaren geleden. ,,Het ijs waaide over het fietspad. Maar nog steeds zie ik de beelden van dat ijszeilen. Dat was mooi. Maar wat was het toen koud, hé Geert.'' Geert knikt instemmend.

Vanaf de ‘geboorte' van de plannen waren Geert en Beke positief over het project. ,,Maar of het financieel iets heeft opgeleverd? Geert heeft zijn bedenkingen. ,,Gewassen leveren geld op. Boeren en loonwerkers verdienen er hun geld mee, maar of je veel geld met water verdient?''

Kanaal

Al met al lijkt de kritiek op de aanleg van het Oldambtmeer en Blauwestad in de regio te verstommen. Over de 70 miljoen euro die de provincie Groningen inmiddels op het plan heeft afgeboekt, hoor je bijna niemand meer. De regio Oost-Groningen heeft er een attractie bij. Een nieuw recreatiegebied, met fietspaden, fietspontjes, stranden, restaurantjes en in de zomermaanden culturele evenementen.

Gedeputeerde Henk Staghouwer gaat zelfs zover door te stellen dat het Oldambtmeer beter bezocht gaat worden dan het Sneekermeer. Hij jubelde het bijna uit toen het voorbije weekend het Oldambtmeer officieel met de zee werd ontsloten door de opening van de Blauwe Passage. Een twee kilometer nieuw gegraven kanaal verbindt het Oldambtmeer met het Termunterzijldiep en komt uit op de Eems en Dollard. Kosten: bijna twintig miljoen euro, inclusief een nieuwe rondweg en sluizen. Voor watersporters een mooie aansluiting op de stad-Groningen en Friesland.

,,Je moet af en toe een statement met een knipoog kunnen maken'', verklaart Staghouwer z'n opmerking richting Friesland. ,,Een bestuurder moet zijn nek durven uitsteken. Dat heeft de provincie ook gedaan met Blauwestad en Oldambtmeer. Je kunt nu, na al die jaren stellen dat het economisch gezien geen succes is. Qua gebiedsontwikkeling en infrastructuur is het ongekend wat er is neergezet.'' Zonder de forse investering had volgens Staghouwer verpaupering in de regio Oldambt, mede door de sterke krimp, hard toegeslagen. ,,Nu zie je dat in de omliggende dorpen ook particulieren hun woningen opknappen. Er gaat een positieve prikkel uit van Oldambtmeer en Blauwestad.''

Fietsen

Staghouwer vertoeft in 2014 een week in Blauwestad. Vooral om zelf de beleving van het wonen aan het meer te ervaren. Hij fietst dagelijks kilometers weg en wordt getroffen door de vergezichten. De rust en de ruimte. “Kroonjuwelen zijn het.'' Ook de trots van de bewoners is hem bijgebleven. ,,Ik heb ze gesproken, de mensen die eerst zeiden: ik moet het nog zien. Nu zijn ze overtuigd van het succes.''

In alle euforie over het meer, de noordelijke vaarverbinding, de infrastructuur en het toerisme maakt wethouder Ricky van den Aker van de gemeente Oldambt een opmerking die tot nadenken stemt. ,,Het doet toch zeer als je boerenland ziet omgevormd naar een andere functie. Het is niet zomaar een streep grond. Er ligt verknochtheid in. Het verstand, het oog en de handen van de akkerbouwer hebben eeuwen gebouwd aan dat land. Jaar na jaar, eeuw na eeuw zijn er gewassen verbouwd. Voedselproductie voor mens en dier. In tijden van voedseltekort mogen we daar best bij stilstaan'', meent de politica.

Het verbouwen van gewassen kan voor Geert-Jan Molema uit Beerta binnenkort weleens verleden tijd zijn. Zijn toekomst ligt voortaan in de vaarrecreatie. ,,Dit is het moment om een keuze te maken en er voor de volle 100 procent voor te gaan.'' De akkerbouwer stapte in 2009 de wereld van de pleziervaart binnen, nadat hij daarvoor decennialang suikerbieten en granen had verbouwd. Achter de boerderij kreeg hij een ‘uitloper' van het Oldambtmeer met uitzicht op de natuurbegraafplaats, het natuurtheater en bos. ,,Ik zag kansen om een jachthaven te beginnen, maar wilde niet in een keer alle schepen achter mij verbranden.''

Weloverwogen

Amper vijf jaar zijn verstreken en Molema neemt weloverwogen afscheid van het boerenleven. Juist vandaag biedt hij zijn laatste 60 hectare landbouwgrond te koop aan. Hij gaat er van uit dat later dit jaar voor hem de laatste oogst van suikerbieten en granen wacht. Sentimenteel is hij er niet onder. Welnee. Molema is een boerenjongen. Nuchter en zakelijk. ,,Een jachthaven exploiteren geeft ook veel voldoening. Dagelijks zie ik vrolijkheid om mij heen. Maar eerlijk, dit had ik nooit verwacht. Het boerenleven is prachtig, maar de wereld van bootjes is ook fascinerend. Ik wist nooit dat er zoveel verschillende type vaartuigen zijn.''

De kennis van de vaarrecreatie doet hij bij collega's op. Frequent bezoekt hij jachthavens in het land. ,,Waarom het wiel opnieuw uitvinden.'' Het levert hem een schat aan informatie op. ,,Je bent nooit uitgeleerd, maar ik kan mensen wel een eerlijk verhaal vertellen over bijvoorbeeld het onderhouden van boten.''

Zijn Reiderhaven herbergt nu al bijna tweehonderd boten en is daarmee bijna vol. ,,Ik zeg nooit dat er geen plaats meer is. Een wachtlijst hanteer ik ook niet. Dat moet je voorkomen. Maar ik moet wel weer uitbreiden. Ik schat dat ik volgend jaar weer zeventig extra plekken er bij krijg.'' Al met al investeert hij de laatste jaren zes ton in zijn nieuwe werkplek en hij blijft ambitieus, want hij heeft weer iets nieuws in petto. Hij neemt ons mee naar een grasland naast de jachthaven. ,,Daar ga ik een eiland aanleggen met chalets er op. Alleen voor eigenaren met bootjes. Er is nu al animo.'' Het lijkt op een succesverhaal, maar Molema blijft bescheiden. ,,We doen alles stapje voor stapje. Op de borst kloppen heeft geen zin.''

Sloepje

Thomas Gelder uit het Duitse Bunde, net over de grens bij Bad Nieuweschans, komt met zijn vrouw Reiderhaven binnenlopen. Ze komen al jaren naar het meer. Het is de rust, de natuur en het water dat ze boeit. ,,Maar eerlijk, ik houd deze superlatieven liever voor me, anders stikt het hier straks van de Duitsers.'' Na talloze uitstapjes met een huurboot moest het er dan toch van komen. Sinds een jaar heeft de familie een eigen sloepje. Een van de beste investeringen die ze ooit heeft gedaan. ,,We denken er nu al aan om een grotere boot te kopen. Oh, ik kan nu ook rechtsreeks naar de Dollard en naar open zee varen? Dat wist ik nog niet.'' Tegen zijn vrouw: “Het wordt hier steeds aantrekkelijker.'' Hij noemt het Oldambtmeer Einfach Toll. ,,Alleen het weer kan beter, maar onze familie amuseert zich altijd. Op het water, maar ook aan wal, lekker koffie drinken. We hebben twee kinderen en die willen in het weekend niets liever dan naar het Oldambtmeer.''

Hobbyvissers zijn minder enthousiast over het meer. Ondanks dat er veel vis zwemt en er legio plekken zijn om een dagje naar de dobber te turen is de aantrekkingskracht gering, weet hobbyvisser Derk Nieuwenhuis uit Winschoten. Zelf is hij er in al die jaren maar drie keer geweest. ,,Vooral voor de oudere hengelsportliefhebber heeft het meer obstakels. Er zijn voldoende parkeerplaatsen, maar je moet op en top gezond zijn om je spullen naar het meer te kunnen brengen. Tegenwoordig heeft iedereen zoveel spullen dat je wel drie keer naar je auto heen en weer moet lopen, voordat je kan beginnen met vissen. Nou, dan moet je niet honderd -, maar tweehonderd procent fit zijn. En als je uiteindelijk op een steiger zit, blijkt die van een particulier te zijn. Daarom tref je dus relatief weinig vissers aan. Ja, de hobbyvisser met een dikke portemonnee die zich voor een dagje de huur van een boot kan permitteren, die zie je wel. Maar voor het gros is dat niet weggelegd. Jammer.''

Kor van der Flier komt wel regelmatig op het meer. Soms in een bootje, gezellig met de familie, maar ook beroepsmatig. Zijn firma komt in actie als er te veel waterplanten zijn in het meer. Als recreant vindt hij het jammer dat er weinig eilandjes zijn in het meer. ,,Maar het Oldambt kenmerkt zich ook door weidsheid. Dus het hoort er een beetje bij. Maar ik vind het meer en Blauwestad een verrijking. Ook voor de smaakpapillen. Sinds we het meer ‘maaien' eten we regelmatig Amerikaanse rivierkreeft, afkomstig uit het meer. Koken, pellen en eten. Een delicatesse.''

Foto's Jan Willem van Vliet

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven