‘Maffiapraktijken ook in Drenthe’

Maffiapraktijken komen niet alleen voor in Brabant, maar net zo goed in Drenthe of Overijssel. Dit zegt wethouder Bouke Arends uit Emmen, die noodgedwongen dit voorjaar moest onderduiken vanwege zware dreigementen.

„Ondermijning is in ons land genesteld en geworteld. Het gebeurt niet alleen in Colombia of op Sicilië, het gebeurt ook in Nederland. Het gebeurt zelfs in Emmen, of all places. En wat hier gebeurt, kan morgen ergens anders gebeuren. Weten we dat er een soort Nederlandse maffia is?”, vertelt wethouders Arends in een interview in het blad Binnenlands Bestuur.

Naïviteit kwijtgeraakt

„Als wethouder wist ik dat niet, daar ben ik eerlijk in. Als locoburgemeester ben ik mijn naïviteit kwijtgeraakt. Ik heb díngen gezien en gehoord over de verwevenheid van de onderwereld met bovenwereld. Het boek van Tops en Tromp (’De achterkant van Nederland’, over de misdaad die de bovenwereld corrumpeert, red.) gaat over Brabant, maar je kunt net zo goed Drenthe of Overijssel invullen.”

Arends moest begin dit jaar enkele weken onderduiken in het buitenland. Over die tijd vertelt de met de dood bedreigde Emmenaar: „Naar aanleiding van de sluiting van het clubhuis van No Surrender op last van het college, twee maanden eerder, waren signalen binnengekomen die wezen op een bedreiging.”

Groot gevaar

Toen hij ‘s avonds op de tribune zat bij FC Emmen, kreeg hij te horen dat hij niet meer naar huis kon komen, want er dreigde groot gevaar. Hij belandde in een hotel in Noord-Nederland, waar de hoofdofficier van justitie de volgende dag langs kwam. Hij kreeg het advies onder te duiken in het buitenland. „Geen denken aan, was mijn eerste reactie. Ik wilde het naadje van de kous weten. Hij vertelde hoe ze aan de informatie waren gekomen, hoe ik die moest duiden, wat er bekend was, wat het voor mij betekende. Toen pas realiseerde ik mij hoe groot het gevaar was.”

Hij besloot naar Schotland te gaan. In een gepantserde auto met zwaailicht werd hij met zijn vrouw naar een hotel in Amsterdam gereden. „De kinderen waren niet mee. De dreiging was op mij gericht, maar uiteindelijk moesten ook zij het huis uit. Eerst alleen ‘s nachts, later ook overdag. En in mijn auto mochten ze ook niet meer rijden.”

‘Niet wijken voor dreigementen’

Uiteindelijk keerde hij vrijdag 24 maart terug naar Nederland, een dag eerder vertrok hij naar Vietnam voor een geplande reis van de gemeente. Daar hoorde hij dat de zaak onder controle was, en dat hij niet meer hoefde te vrezen voor zijn leven. Arends wilde bewust zijn verhaal vertellen, en kreeg daarvoor groen licht van het Openbaar Ministerie. „Het gaat mij niet om mijzelf, maar ik vind dat iedereen moet weten dat dit gebeurt in ons land. Als bedreiging niet benoemd wordt maar wel voorkomt, dan is het ook voor bestuurders verleidelijk om de andere kant op te kijken. Laten we dat noodzakelijke besluit maar even niet nemen. Dat mogen we nooit accepteren! Het is ook een signaal aan onze ambtelijke medewerkers, met name van toezicht en handhaving. We verwachten dat zij hun werk doen, maar dan moeten bestuurders wel voorop gaan en niet wijken voor dreigementen.”

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven