Gijzeling in Assen precies veertig jaar geleden: 'Acties totaal ondenkbaar geworden'

Het is vandaag precies veertig jaar geleden dat het provinciehuis in Assen gegijzeld werd. Gewelddadige Molukse actie zoals die zijn in veertig jaar tijd totaal ondenkbaar geworden. Dat betekent niet dat het ideaal van de vrije RMS is verdwenen.

,,Nee, ik geloof niet dat zulke acties vandaag de dag nog kunnen plaatsvinden”, zegt Noes Solisa, gemeenteraadslid in Assen. Hij speelde zelf geen rol bij de gijzeling, maar is wel nauw betrokken bij de Molukse gemeenschap en functioneerde als woordvoerder bij de treinkapingen in de jaren zeventig.

Overtuiging

In Zuid-Molukse kringen gold in die tijd nog de overtuiging dat de Nederlandse regering een verschil kon maken in het streven naar een zelfstandige Republiek der Zuid-Molukken (RMS). Om de regering tot actie te bewegen, hebben Zuid-Molukkers sinds 1970 zes grote en diverse kleinere gewelddadige acties gehouden. De gijzeling in het provinciehuis in Assen is daarvan de laatste.

De Molukse acties, waarvan de gijzeling op het Drentse provinciehuis op 13 maart 1978 de laatste was, openden de ogen van de Nederlandse overheid, volgens de vorige maand geïnstalleerde hoogleraar Molukse migratie en cultuur Fridus Steijlen. De frustraties over het gebrek aan toekomstperspectief – de 12.500 voormalige Molukse KNIL-militairen die in de jaren vijftig naar Nederland waren verscheept was terugkeer in het vooruitzicht gesteld, waardoor hier niets voor ze werd gedaan – en het wantrouwen tegen Nederland leidden uiteindelijk tot geweld tegen onschuldige burgers, zelfs kinderen.

Geschrokken

,,Ook de Molukse samenleving is enorm geschrokken daarvan”, zegt Solisa. ,,Er is toen veel interne discussie en bewustwording gekomen. Ook het harde ingrijpen van de Nederlandse overheid, vooral bij de kaping bij De Punt, heeft de jongeren waarschijnlijk tot het inzicht gebracht dat geweld niet de juiste keuze was.”

In de afgelopen veertig jaar zijn de verhoudingen ingrijpend veranderd. ,,Het ideaal van de Republiek der Zuid-Molukken uit zich tegenwoordig veel meer in sociale projecten in Indonesië, maar ook in gemeenschapsontwikkeling in Nederland”, zegt Solisa.

De Molukkers kregen na de jaren zeventig meer inspraak en er werden projecten opgezet tegen drugsverslaving en om jongeren aan een baan te helpen, zei Steijlen eerder in deze krant. ,,De overheid en de Molukse gemeenschap waren zo gefixeerd op die tijdelijke politieke agenda, dat men het probleem van de toenemende drugs en werkloosheid niet zag.’’

Bewustwording bij overheid

Kun je daarmee stellen dat de gewelddadige treinkapingen en gijzelingen toch nog iets positiefs hebben opgeleverd? ,,Positief, negatief, dat is altijd lastig. In elk geval heeft het de boel wel wat opgerekt. Het leidde tot bewustwording bij de Nederlandse overheid. Dat kwam voor het eerst met een aanzet tot een minderhedenbeleid”, zegt Solisa. ,,Dat gaf weer toekomstperspectief. Er zijn sindsdien bijvoorbeeld veel gemengde huwelijken gesloten, de gemeenschap is minder geïsoleerd geraakt.”

Volgens Solisa is de zoektocht naar een eigen identiteit van de Molukse gemeenschap nog niet geheel afgerond. ,,Maar ik meen dat we nu wel in de nadagen zitten.”

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.