Vliegtuigwrakken uit WOII worden opgegraven

Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) gaat akkoord het met opgraven van dertig vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog.

Ze past de kosten bij uit het Gemeentefonds. Het gaat om wrakken waarin nog stoffelijke resten van vliegers en bemanningsleden worden vermoed.

In Friesland betreft het een wrak bij Follega, in Drenthe eentje bij Norg/Westerveld. In het IJsselmeer worden nog twee wrakken met stoffelijke overschotten vermoed bij Marken en bij de Afsluitdijk.

Het akkoord komt er na inspanning van de Tweede Kamerleden Stieneke van der Graaf (ChristenUnie) en Harry van der Molen (CDA). Zij dienden donderdag, op de laatste dag voor het Kamerreces, een breed gesteunde motie in, samen met Wybren van Haga (VVD). Al voor de stemming ging Ollongren met het voorstel mee. ,,In sta daar sympathiek tegenover.’’ Vliegtuigwrakken worden in Nederland beschouwd als oorlogsgraf. Daarom worden ze in beginsel met rust gelaten.

Erezaak

Stieneke van der Graaf noemt het ,,een erezaak’’ om vermiste piloten en bemanningsleden de laatste eer te bewijzen en recht te doen aan hun nabestaanden. Opgraving van een vliegtuig kost al gauw 0,5 miljoen euro. Gemeenten krijgen 70 procent terug van het rijk. Vaak hikken ze aan tegen het restant.

Met de koerswijziging van het ministerie worden die drempels weggenomen. Ollongren gaat samen met het ministerie van Defensie en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een lijst opstellen van kansrijke bergingen op land en in het IJsselmeer. Ze zoekt de financiering in het Gemeentefonds.

,,Dit is supertof’’, reageert Van der Graaf. Het Kamerlid is samen met Harry van der Molen maanden in de weer geweest met het voorstel. Van der Molen was als wethouder van Leeuwarden betrokken bij de voorbereidingen voor de opgraving van de Engelse Lancaster bij Warten, vorig jaar.

Specialistisch werk

Eind dit jaar wordt bekend welke toestellen de komende twee jaar als eerste worden geborgen. De rangschikking blijft nog even geheim om te voorkomen dat gemeenten elkaar gaan bevechten. Het opgraven is specialistisch en tijdrovend werk. De Stafdienst Vliegtuigberging van Defensie kan hooguit drie bergingen per jaar aan; dertig wrakken in tien jaar.

,,We zijn bezig om de lijst goed te krijgen’’, legt Ivo de Jong van de Studiegroep Studiegroep Luchtoorlog 1939-1945 uit. De groep heeft alle vindplaatsen van neergestorte toestellen in kaart gebracht. ,,Het is geen wiskunde, er zijn geen zuivere criteria voor.’’

Het ene toestel is in het veen gezakt, het andere is boven de grond uiteengespat. Verder moet er ,,enige kans op zekerheid zijn’’ dat er stoffelijke resten worden aangetroffen. Dat geldt bijvoorbeeld voor het toestel in het IJsselmeer bij Marken, waar vlakbij harnassen van parachutes zijn gevonden.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.