Bloedluis: de kwelgeest van de kip (en het ei)

De crisis rond de fipronil-eieren zou nooit zijn uitgebroken als kippenhouders niet al decennialang geteisterd worden door de bloedluis.

De bloedluis is de schrik van elke leghennenhouder. Een vrijwel niet te bestrijden, lichtschuwe parasiet die ’s nachts uit zijn spleet komt, naar de dichtstbijzijnde kip tijgert en zich vol zuigt met kippenbloed.

De bloedluis

Een bloedluis is ongeveer 0,6 millimeter lang, heeft acht poten en geen echte mond maar monddelen. Na een bloedmaaltijd kleurt het dier van grijs/zwart naar rood. Gemiddeld leeft een bloedluis twintig dagen. De vrouwtjes leggen in die periode gemiddeld 50 eitjes. Een andere naam voor Dermanyssus gallinae is vogelmijt.

Tienduizenden tegelijk

,,Met tienduizenden tegelijk. Op één kip kunnen wel 100.000 tot 200.000 bloedluizen zitten’’, zegt Rick van Emous, de bloedluisexpert van Nederland. ,,De jeuk is enorm.’’

Per nacht tappen de mijten ongeveer 3 gram bloed af. De in hun slaap gestoorde kippen verzwakken zienderogen. Ze pikken zichzelf, vallen aangetaste soortgenoten aan; kannibalisme is geen uitzondering. Naar buiten vluchten, wat ze normaal zouden doen, kunnen ze in de gesloten stallen niet. Het dierenwelzijn en de productie lijden eronder.

De Wageningse onderzoeker becijferde vorig jaar dat de bloedluis dit jaar voor 21 miljoen euro schade zou toebrengen aan de Nederlandse pluimveehouderij. De Europese rekening zou 231 miljoen euro groot zijn. Omgerekend 60 cent per kip.

,,Het is een dramatisch probleem. Bijna alle leghenhouders hebben er last van.’’ In zijn referaat Bloedluizen (vogelmijten) op papier en in de praktijk uit 2005 schat Van Emous het percentage besmette bedrijven op tussen 78 en 87 procent.

Je komt er niet af

,,Zelfs als je denkt dat je ervan af bent, is dat meestal niet zo. Ik ken het verhaal van een pluimveehouder in Brabant die zijn stallen moest ruimen vanwege de vogelpest. Maandenlang stond de boel leeg. Verschrikkelijk, maar het had één voordeel, dacht hij: ‘Nu ben ik tenminste van die rotluizen af’. Drie maanden na de herstart zat hij er weer middenin. Bloedluizen kunnen negen maanden zonder voedsel.’’ Overleven op muizen is een andere strategie.

De luizeneieren zijn ijzersterk. Van Emous roept in herinnering hoe Poolse boeren overvallen werden door de kwelduivels nadat zij gebruikte legbatterijen overnamen die in 2011 in Nederland verboden werden. Een plaag is bij bloedluizen ook echt een plaag: de populatie verdubbelt iedere zeven dagen.

Vroeger waren de kippenhouders tenminste ’s winters nog gevrijwaard van bloedluizen. Ze hielden dan geen kippen. In de begintijd van de stallen was er ’s winters ook nog geen probleem. De stallen waren koud. Met het verwarmen begon de ellende. De plaagdieren gedijen het best bij 25 graden Celsius en een luchtvochtigheid van 70 procent, citeert Van Emous literatuuronderzoek. De vrouwtjes zijn dan in staat om maar liefst 295 eitjes te leggen.

Olie of glycerine

Het ongedierte is nauwelijks klein te krijgen. Hobbykippenhouders kwasten de naden nog wel eens in met olijf- of zonnebloemolie, of ze smeren glycerine op de zitstokken. De fik erin is het beste advies. Of, in de woorden van Van Emous: ,,Inrichting afbreken en opnieuw beginnen.’’ Als alternatief is een naadloos, kunststoffen hok van Britse makelij beschikbaar, te reinigen met een hogedrukspuit. ,,Dit is voor professionele pluimveehouders natuurlijk geen optie.’’

Professionals hebben in de afgelopen decennia van alles geprobeerd. Tegen chemische middelen wisten de beesten verbluffend snel resistentie te ontwikkelen. Groene zeep, spiritus, krijt, urine van konijnen, citronella, etherische oliën, nicotine, ultrasoon geluid, knoflook, de vindingrijkheid kende geen grenzen. ,,De enige methode die vrij goed werkt, is thermokill’’, zegt Van Emous. Een stal serieus verhitten of afkoelen. Nadeel: ,,Het kost veel energie. Dat maakt het een dure methode.’’

Wondermiddel

Gewetensvraag: als een jong bedrijf uit Barneveld een wondermiddel presenteert en niet wil prijsgeven wat erin zit, moet dan een kippenhouder niet denken: ‘Dit is te mooi om waar te zijn’. Van Emous vindt dat het niet aan hem als onderzoeker is zich hierover uit te spreken. ,,Dat moet de sector maar doen.’’

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven