Scheepswerf De Hoop in Foxhol failliet

Opnieuw eist de malaise in de scheepsbouw zijn tol. Dinsdag vraagt scheepswerf De Hoop in Foxhol met 56 werknemers het faillissement aan.

Het bankroet betreft alleen de vennootschap waarin de 56 werknemers zijn ondergebracht. De werf zelf blijft buiten schot.

Feestdagen

De directie heeft tot deze stap besloten nadat pogingen om nieuwe orders in de wacht te slepen op niets waren uitgelopen. Vorige week is het laatste opgeleverde schip via de Eemshaven zeewaarts gegaan. Een deel van het personeel zat al sinds de feestdagen eind vorig jaar thuis.

Voor directeur Patrick Janssens was het mislopen van een order kort geleden het sein om de werf in Foxhol, die sinds 2007 in zijn bezit was, te sluiten. Op deze wijze kan hij de deuren van de werf in Lobith openhouden. In Lobith ligt niet alleen de oorsprong van het bedrijf, deze werf kan ook grotere schepen bouwen dan die in Foxhol.

Het wrange aan dit faillissement is, aldus FNV-bestuurder Albert Kuiper, dat zelfs overheidsinstanties als Rijkswaterstaat orders verlenen aan Nederlandse werven die geen eigen werknemers meer in dienst hebben maar uitsluitend ingeleend personeel. ,,Die werven, die gebruik maken van goedkoop buitenlands personeel, dragen niets bij aan onze samenleving’’, is zijn kritiek. ,,Het gaat ook bij onze overheid alleen nog maar om de laagste prijs.’’ Hij vindt dat overheden alleen orders zouden moeten verlenen aan scheepswerven die zich gegarandeerd aan de Nederlandse cao houden.

Grote verliezen

Het omvallen van De Hoop in Foxhol staat niet op zichzelf. De zeevaartsector draait al negen jaar met grote verliezen door overcapaciteit en te lage vrachttarieven. De lage olieprijs deed vervolgens ook het aantal opdrachten voor offshore-klussen kelderen. Los van de jarenlange economische crisis vertoont de wereldhandel een krimp. Veel Aziatische landen zijn minder afhankelijk van import omdat hun eigen industrieën meer produceren voor de binnenlandse markt.

De crisis duurde in ieder geval te lang voor de Nederlandse rederijen Flinter (Barendrecht) en Abis (Harlingen). De schepen van Flinter en Abis kwamen via veilingen zeer goedkoop in handen van andere reders. Die kunnen zo tegen een lagere kostprijs blijven varen.

Daarnaast moest de Central Industry Group (CIG) in Groningen door investeringsmaatschappij Nimbus worden gered. Het bekendste CIG-bedrijf is Centraalstaal in Groningen, dat voorgevormde staalplaten voor schepen levert. Door reorganisaties liep het aantal werknemers daar in de afgelopen anderhalf jaar al terug van 120 naar 50.

Malaise

Van de ongeveer 1100 werknemers die CIG twee jaar geleden telde, was eind 2016 minder dan de helft over. Ook Wolfard & Wessels Werktuigbouw in Hoogezand, actief in de offshore, kwam in problemen. Het maakte na een faillissement een doorstart met de helft van de 104 werknemers.

Die malaise is zichtbaar in de steeds kleinere orderportefeuilles voor scheepswerven wereldwijd. Eind vorig jaar heeft de Nederlandse overheid nog 5 miljoen euro beschikbaar gesteld om innovaties in de Nederlandse scheepsbouw te stimuleren om zo orders uit te lokken. Rechtstreekse hulp aan werven is verboden.

Uitzonderingen zijn er ook. Zo kreeg Barkmeijer de opdracht voor een lng-baggerschip voor bagger- en aannemersbedrijf Van der Kamp in Zwolle en vervolgens de opdracht voor twee zand- en grintzuigers voor Hanson in Groot-Brittannië.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven