Als de hemel valt

De hemel komt naar beneden. Beetje bij beetje dwarrelt het gruis uit het plafond van de middeleeuwse Sint-Hippolytuskerk in Middelstum omlaag.

Jur Bekooy, bouwkundige bij Stichting Oude Groninger Kerken, kijkt omhoog. Hij ziet de schildering van Het Laatste Oordeel. Jezus als rechter in het midden, links de hel, rechts de hemel.

Dwars door de hemel loopt een scheur.

De zeldzame gewelfschilderingen uit de vijftiende eeuw hebben veel doorstaan. Ooit, honderden jaren geleden, verdwenen ze onder een laag witkalk.

Bouwvakkers ontdekten ze in 1879, maar vanwege geldgebrek werden ze wederom gewit. Pas in 1976 toverden restaurateurs ze tevoorschijn.

Nu worden ze opnieuw bedreigd. Dit keer door de gaswinning.

Aanzicht

Het aardbevingsgebied staat vol cultureel erfgoed. Kerken die al eeuwen het aanzicht van de dorpen bepalen. Boerderijen die stormen, oorlog en schaalvergroting in de landbouw overleefden. Molens. Borgen. Groningen met haar historische binnenstad. De Martinitoren.

„Mensen zijn aan erfgoed gehecht”, zegt kunsthistoricus Kees van der Ploeg van de Rijksuniversiteit Groningen. „Het bepaalt de identiteit van de streek. Het noordoosten van deze provincie is een buitengewoon gaaf gebied.”

Veel van dat moois dreigt door aardbevingen verloren te gaan. De monumentale woonhuizen, de fraaie dorpsgezichten, de eeuwenoude kerken, alles staat onder druk.

'Groningen zelden zo mooi als nu'

Extra treurig, vindt Van der Ploeg. Er is de afgelopen dertig jaar veel in geïnvesteerd. „De kerken zijn vrijwel allemaal in goede staat. Particulieren zijn goed bezig. Groningen lag er zelden zo mooi bij als nu. Daar is veel geld en liefde ingestoken.”

De Fraeylemaborg heeft schade. De Menkemaborg in Uithuizen, Borg Verhildersum bij Leens. Veel kerken. In de kern van het aardbevingsgebied heeft 90 procent van de rijksmonumenten schade.

Schade aan erfgoed is doorgaans lastig te herstellen. Het is kostbaar. Los daarvan: originele elementen zijn te repareren of te vervangen, maar het wordt nooit meer zoals het was. Ingewikkelder wordt het als het erfgoed ook moet worden versterkt. Het kan, maar dan moet er wel iets gebeuren.

En daar gaat het mis.

Al het moois moet eruit

Lambert de Bont gooit de bouwtekeningen van de constructeurs van Arcadis op tafel. Het voormalige bestuurslid van de Groninger Bodem Beweging laat zien wat er met zijn eeuwenoude monumentale boerderij in Stedum moet gebeuren.

Al het moois moet eruit. De plavuizen vloeren, de luiken, de gesneden houten vensterbanken, de gedecoreerde plafonds. Een stalen constructie erin, gipsplaten ervoor en de boerderij kan weer wat hebben.

„Maar als je dat doet, verniel je alles’’, zegt De Bont. Want Occo Reintiesheert, de kop-hals-rompboerderij uit 1860, is authentiek. Ook de binnenkant. Al vijfentwintig jaar steekt De Bont tijd, geld en liefde in het huis. Het is immers een rijksmonument, net als de tweeduizend jaar oude wierde daaronder.

'Bijna niemand had door hoe ernstig het was'

In 2006 veroorzaakten aardbevingen voor het eerst schade. „Destijds had nog bijna niemand door hoe ernstig het was”, zegt De Bont. „De Monumentenwacht kwam niet eens kijken.”

Bij de aardbeving bij Huizinge op 16 augustus 2012 raakte zijn boerderij opnieuw beschadigd. Ernstig dit keer.

„De NAM stuurde een inspecteur. Die man moest op één dag naar mij, naar een gierkelder, naar een kerk uit de dertiende eeuw en naar een nieuwbouwwoning. Zoiets. Daarmee laat je als NAM zien dat het je niets interesseert.”

Lambert de Bont. Foto Jan Zeeman

Eigen inspecteur

De Bont besloot zelf een herstelplan te maken. Hij regelde een inspecteur van buitenaf. De man kwam, zag en gaf het op. Geen idee hoe zo’n omvangrijke schade te herstellen.

Uiteindelijk vond De Bont een restauratiespecialist. Deze analyseerde de schade en schreef een plan. Na jaren knokken accepteerde de NAM dit voorstel.

De schade werd hersteld. Maar daarmee is de boerderij nog niet versterkt. Volgens berekeningen van Arcadis stort de boerderij bij een beving met een kracht van 5.0 mogelijk in. Wil de familie op Occo Reintiesheert blijven wonen, moet er drastisch worden ingegrepen.

Alles strippen, zoals Arcadis voorstelt? Dat nooit.

Er rest nog maar een ding

Maar De Bont heeft geen slimme oplossingen meer. Dus doet de familie het enige dat rest: weggaan.

De NAM kocht het eind vorig jaar, met als voorwaarde dat deze in originele staat blijft en het Groninger Landschap het beheert. Dat betekent eerst niets doen. Bewaren en hopen dat de grote klap uitblijft.

De Bont heeft er vertrouwen in. „Het Groninger Landschap staat er anders in dan de NAM. Gelukkig maar, anders zou ik me schuldig voelen dat ik deze plek verlaat.”

Ze verhuizen naar Drenthe. Weg van de bevingen. De Bont kijkt uit het raam, over de landerijen. De zon schijnt. „Deze plek, hè”, begint hij. Hij valt stil.

Lambert de Bont woont nog in een monumentale boerderij op een wierde bij Stedum. Foto Jan Zeeman

Dilemma’s

Het is de tragiek. Monumenten zijn doorgaans niet te versterken. Niet zonder drastische ingrepen, niet zonder ze te vernielen. De richtlijn die bepaalt tegen welke krachten gebouwen bestand moeten zijn, hangt als een zwaard van Damocles boven de daken.

Dat zorgt voor dilemma’s.

Maatwerk is nodig. Dat is duur. Herstellen en versterken kost al snel meer dan een pand economisch waard is. Veel meer. Dat gaat slecht samen met de zakelijke houding van de NAM.

„Als je kijkt naar hoeveel iets waard is en naar wat herstellen kost, zijn veel monumenten total loss”, zegt wethouder Harrie Sienot van de gemeente Eemsmond. „Maar zo moet je bij niet kijken.”

Weg is weg, waarschuwen experts. Voorzichtigheid is geboden. Maar snelheid ook, als iets eenmaal roest of barst, gaat het snel. Dat zit elkaar in de weg. Moet het snel, dan botst dat met de stroperige procedures. Een second opinion? Maanden. Een rechtszaak? Jaren.

Oplossingen

Oplossingen zijn er niettemin. Base isolation bijvoorbeeld, een beproefde bouwtechniek in buitenlandse aardbevingsgebieden. Gebruikt bij de Maarlandhoeve, een rijksmonument in Uithuizen.

Het huis werd in zijn geheel op een nieuwe fundering geplaatst, eentje die de bevingen opvangt en voorkomt dat het gebouw beweegt.

Klinkt mooi, maar het is enorm kostbaar en archeologische bodemschatten gaan verloren, wat de methode voor veel kerken ongeschikt maakt.

In de schuur

Het Groninger Landschap is creatief. Monumentale boerderijen blijken soms te redden door de bewoners tijdelijk in de schuur te laten wonen. Juist de stenen voorhuizen, waarvan men vroeger dacht dat ze heel stevig waren, lijden onder de aardbevingen.

De schuren, gebouwd op houten palen, zijn soms wel veilig. Laat bewoners een jaar of dertig in de schuur wonen, stelt de club voor, hoop dat het voorhuis overleeft en wissel het daarna terug.

Nadelen

Elke oplossing kent nadelen. Kijk naar de boerderij van de familie De Bont in Stedum, die de komende tijd leeg zal staan. Hoe lang weet niemand. „In Italië vinden ze dat niet erg”, zegt Van der Ploeg.

„Daar laten ze iets gerust decennialang leeg staan. Er komt ooit wel weer een bestemming.” Nederlandse erfgoedclubs zien dat niet zitten.

„Als iets leeg staat, gaat het snel achteruit”, zegt hoofd erfgoed Hugo Dokter van het Groninger Landschap. Als er bijvoorbeeld niet meer wordt gestookt, wordt het te vochtig.

84 veilige kerken

In de 84 kerken van de Stichting Oude Groninger Kerken, stuk voor stuk rijksmonumenten, zijn mensen nu nog veilig, denkt Bekooy. Maar wat als hij straks ook moet kiezen tussen ingrijpende versterking of leegstand?

„Een duivels dilemma”, zegt hij. „Je kunt een kerk voor eeuwig vernielen. Ik liep door Loppersum, waar ze nu volop bezig zijn. Al die bouwkranen. Het leek wel Berlijn na de Wende.” Toch gruwelt hij van leegstand. „Kerken zijn plekken van samenkomst. Die wil je gebruiken.”

Grote vragen

Dilemma’s, vragen. Grote vragen die op korte termijn moeten worden beantwoord. Anders bepaalt het toeval welk moment overleeft en welke niet, waarschuwt Van der Ploeg. „De erfgoedclubs doen hun best. Maar ze mogen agressiever zijn, de publiciteit zoeken. Het gaat niet goed.”

De grootste verliezers worden woonhuizen en boerderijen uit de negentiende- en begin twintigste eeuw, verwacht Van der Ploeg.

„De kalkmortel en de poreuze stenen uit de middeleeuwen zijn beter tegen de aardbevingen bestand dan de hardere bakstenen en de harde cementmortel uit de negentiende eeuw.”

Zwijgen

Over sloop praat liefst niemand. Toch moet die discussie worden gevoerd. „Ons uitgangspunt is dat we monumenten weten te bewaren”, zegt sociaal geograaf Corrie Boer van Libau, het steunpunt cultureel erfgoed van de provincie.

„Maar het is de vraag of dat altijd lukt.” Het Groninger Landschap zit in dezelfde spagaat. „De tijd is nog niet rijp voor een ruïnebeleid”, zegt Hugo Dokter. „Dat gaat een keer veranderen.” Maak er een theehuisje van, klinkt het geregeld. „Maar ja, hoeveel theehuisjes hebben we nodig?”

'Er moet meer gebeuren'

In het aardbevingsgebied staan zo’n vijftienhonderd rijksmonumenten. En dan zijn er nog gemeentelijke monumenten, beeldbepalende gebouwen en beschermde stads- en dorpsgezichten.

De erfgoedorganisaties zijn volop aan het werk, maar het blijft vooralsnog bij vergaderen, plannen maken en pilotprojecten. „Er moet veel meer gebeuren”, aldus Boer. „Wat er tot nu toe is gedaan is peanuts.”

Boer stelt voor snel voor elk dorp een plan te maken. Met bewoners inventariseren wat waardevol is. Waar het dorp niet zonder kan. En wat wellicht niet meer nodig is, er is immers ook nog krimp. En dan kiezen. Durven kiezen.

Vergeet ook de stad niet, waarschuwt De Bont. „Sinds de beving van Garmerwolde in 2014 is ook daar veel schade. Stadhuis, Martinikerk. Wat betekent de gaswinning voor al die monumenten? Daar hoor je bijna niemand over.”

Van der Ploeg is het met hem eens. „De NAM heeft ook in de stad al herhaaldelijk schade aan monumenten vergoed. Het is onnozel om te doen alsof de stad er niet bij hoort.”

Foto Jan Zeeman

Bodemdaling en daling van het waterpeil

Er is meer dat ten onrechte onbesproken blijft, vindt wethouder Johannes de Vries van Bedum. „De gaswinning zorgt ook voor bodemdaling en daling van het waterpeil.

Kijk naar het Boterdiep, het peil is met 15 centimeter verlaagd. Hout dat eerst onder water lag, is nu aan het rotten. Dat leidt tot zettingsschade aan panden. En de NAM neemt daar ten onrechte geen verantwoordelijkheid voor.”

Moesten de erfgoedorganisaties eerst wennen aan de problematiek, de ernst is nu doorgedrongen. Er klinkt ook kritiek.

De wereld van het erfgoed is een wirwar van clubs. Monumentenwacht, Libau, Groninger Molenhuis, Bond Heemschut, Groninger Landschap, Stichting Oude Groninger Kerken. Samenwerken gaat moeizaam.

'De NAM wil alles snel en goedkoop afhandelen'

Hoe het precies met het Groningse erfgoed gaat, weet bijna niemand. De NAM laat weinig los. „Ik schrik van hoeveel schade er wordt gemeld”, zegt Boer van Libau.

„Soms is er ook achterstallig onderhoud. Dat maakt het weerbarstig.” Liefst zit ze aan tafel als het olie- en gasbedrijf over monumenten onderhandelt. „Dat krijg ik niet voor elkaar. Alleen als een eigenaar er nadrukkelijk om vraagt. De NAM wil alles snel en goedkoop afhandelen.”

De Haver

In Onderdendam staat een prachtige boerderij. De Haver. Een pareltje in het Groninger land. En sinds 2013 in handen van de NAM. Het grote olie- en gasbedrijf weet niet wat het er mee aanmoet. Er zaten krakers in. Nu staat het leeg.

„Omdat herstel financieel niet uit kan, wilde de NAM het laten slopen”, zegt Hugo Dokter. „Toen liep het bedrijf tegen de wet aan. Het is een rijksmonument, slopen mag zomaar niet.”

Hij ziet enige verbetering bij de NAM. Voor de vier rijksmonumenten die zijn organisatie beheert, worden fatsoenlijke plannen gemaakt. Door specialisten. En de NAM betaalt. „Het duurde lang om ze van de noodzaak te overtuigen, maar het is gelukt.”

'Ineens gaat alles moeilijk'

Jur Bekooy van de Stichting Oude Groninger Kerken ziet het omgekeerde. Tot eind vorig jaar lukte het hem specialisten in te schakelen. Met horten, stoten en grommen. Nu niet meer.

„Ineens gaat alles moeilijk”, zegt hij. „De NAM wil niet meer betalen en komt op afspraken terug.”

De NAM zou ruimhartiger moeten zijn, vinden erfgoedclubs. Kijk naar wat het bedrijf Groningen aandoet en naar de miljarden die het daarmee verdient.

Strijd

„Het is altijd strijd”, zegt Bekooy. „Werkelijk voor alles hebben we keihard moeten vechten. Niets gaat vanzelf.” De vijftiger, die al meer dan dertig jaar bij de Stichting Oude Groninger Kerken werkt, spreekt consequent over Shell. „Wat Shell in Groningen doet, is niet anders dan wat het bedrijf in Nigeria doet.”

Harde beschuldigingen. Zelf zegt de NAM wel degelijk te beseffen hoe belangrijk cultureel erfgoed is. „We kijken hier verder dan alleen naar onze aansprakelijkheid”, zegt woordvoerder Sander van Rootselaar van de NAM.

„We hebben niet voor niets een aantal monumenten gekocht en overgedragen aan het Groninger Landschap.”

Monumenten zonder status

Ondertussen dreigt nog een groot gevaar. Veel karakteristieke panden hebben geen monumentale status en dus ook geen bescherming. Groningers zitten niet te wachten op de regels en eisen die bij monumenten horen, zegt Corrie Boer van Libau.

Goa van mien laand oaf! Het is eerste wat een Groninger boer tegen een onbekende bezoeker roept.”

„In Middelstum heb je rijksmonumenten, beeldbepalende panden en een beschermd dorpsgezicht”, zegt Bekooy. „In Oosternieland is alleen de kerk een monument.”

Al die panden zonder status mogen worden gesloopt. Om te voorkomen dat allerlei moois ongemerkt verdwijnt, hebben onder meer Eemsmond en Loppersum de regels voor sloop onlangs aangescherpt.

Feldwerder Voorwerk

In Feldwerder Voorwerk, de boerderij van Sijbrand en Richtje Nijhoff, zitten overal scheuren. Boven elk raam, langs elke plint, naast alle kozijnen, overal duiken ze op. Met een potlood zet hij er streepjes en data bij. Zij hangt er planten en versiersels overheen.

Een klassieke kop-hals-rompboerderij in Kolhol, een gehucht in de gemeente Loppersum. Hoe oud weet niemand. „In 1594 kwam het voor het eerst in particuliere handen”, zegt Sijbrand.

Nijhoff is 75. Groeide er op. Net als zijn vader. En zijn opa. Al honderdvijftig jaar is de boerderij familiebezit. Nog wel.

Richtje Nijhoff buigt zich over haar tuin. Foto Jan Zeeman

Bevingschade of achterstallig onderhoud?

Een monument is het niet. „Welnee”, zegt Nijhoff. Dat verzoek kwam wel, lang geleden. Maar daar wilde zijn moeder niets van weten. Schade is er wel. Veel schade. Aardbevingen, zegt het echtpaar. Nee, zegt de NAM, vooral zettingsschade en achterstallig onderhoud.

„Kom mee”, zegt Nijhoff. Zijn vrouw blijft in de woonkamer. Die scheuren kent ze wel. Ze wordt er verdrietig van.

„Altijd hebben we de boerderij netjes onderhouden”, vertelt Nijhoff terwijl hij door de stal loopt. De paardenboxen stonden vroeger allemaal vol. Nu zijn ze op één na leeg. „Elk verrot plankje werd direct vervangen.”

Strijdvaardig als een teckel

Het echtpaar probeert de schade via een rechtszaak door de NAM vergoed te krijgen. Nijhoff is strijdvaardig. „Net een teckel”, zegt zijn vrouw. „Als hij zijn tanden ergens inzet, laat hij niet meer los.”

Zijn vrouw is het gedoe zat. Vorige maand is ze verhuisd. Ze woont nu in Uithuizen. „Het is daar mooi hoor”, zegt hij. „Veilig. Mijn vrouw vindt er rust.”

Hij bleef op de boerderij. Vanwege de stilte, het uitzicht. „Eemshaven, Spijk, Zijldijk, alles ik zien. Als het regent, komt het water door het dak. Als de zon schijnt, is het hier zo mooi.”

'Zo krom, zo corrupt'

Hij is somber over de toekomst. „Wat de NAM doet, is zo krom. Zo corrupt. Groningen gaat ten onder. Over vijftig jaar staan hier alleen nog grote agrarische bedrijven. De rest is verdwenen. Onze kleinkinderen zullen hier straks rondrijden, op zoek naar waar Kolhol ooit lag.”

De boerderij gaat snel achteruit. Pas scheurde de dakgoot. „We hebben het nog weer laten repareren”, zegt Nijhoff. Maar ja, hoe lang blijf je dat doen?”

Hoe erg is het, als die eeuwenoude boerderij van Sijbrand en Richtje Nijhoff verloren gaat? Voor hen een groot verdriet. Maar is het erg voor de regio? Hoeveel boerderijen kunnen er verdwijnen? Wanneer houdt Groningen op Groningen te zijn?

'Heel het gebied kachelt zo achteruit'

„Het is buitengewoon treurig voor de betrokkenen”, zegt Kees van der Ploeg. „Dit is existentiële nood. De overheid moet dit niet laten gebeuren.”

Maar het gaat verder, stelt de kunsthistoricus. „De NAM rookt mensen uit. Dat is wat er gebeurt. Hoe oud is dat echtpaar? En die boerderij is geen monument? Dan kan de NAM rustig afwachten en straks slopen. En dat zal vaker gebeuren. Heel het gebied kachelt zo achteruit.”

Dat is ook de indruk van wethouder De Vries van Bedum. Hij ziet duidelijk verschil in hoe de NAM burgers behandelt. „Iemand die veel op televisie is, redt zich wel. Anderen verzanden. Terwijl het geen verschil zou moeten maken.”

De NAM zegt geen onderscheid te willen maken. „Complexe schadezaken vragen om maatwerk en zijn daardoor moeilijk te vergelijken”, probeert NAM-woordvoerder Van Rootselaar de ervaringen van de wethouder te verklaren.

En het wordt beter, denkt hij. „Er worden arbiters ingezet om geschillen te beslechten. Dat moet eraan bijdragen dat gelijke behandeling beter gewaarborgd is.”

Sijbrand Nijhoff woont zijn leven lang in de boerderij in Zijldijk. Foto Jan Zeeman

Tijd voor durf

Het is tijd voor durf, zegt Hans Alders, Nationaal Coördinator Groningen. Voor beslissingen. „We moeten knopen doorhakken om te voorkomen dat de NAM de onenigheid tussen erfgoedorganisaties aangrijpt om zijn eigen gang te gaan.”

Alders werkt aan een reddingsplan. Hij wil dat gemeenten hun erfgoed inventariseren, ook de karakteristieke panden zonder status.

En daarna, de komende maanden, wachten moeilijke keuzes. „Sloop is soms onontkoombaar. Laten we het dan op een goede manier doen. Niet alleen iets weghalen maar er iets moois voor in de plaats zetten.”

Als voorbeeld noemt hij de vele monumentale schuren in Groningen. „Daar moet toch al veel aan gebeuren. De landbouw verandert. Sommige schuren verkeren in zo’n slechte staat dat bewaren geen optie is.”

Laten we een nieuwe Groninger schuur ontwerpen, stelt Alders voor, eentje die mooi is en past bij de bedrijvigheid van vandaag.

Ferme taal

De NAM moet betalen, zegt Alders. Ook voor erfgoedspecialisten en dure oplossingen. „Wie schade veroorzaakt, moet betalen. En als de NAM in de toekomst gas wil blijven winnen, moet het de gebouwen in de regio versterken. Ingewikkelder is het niet.”

Ferme taal. Alders oogt fanatiek. Maar het moet nog gebeuren. De komende jaren worden spannend. Wat we nu besluiten te doen, bepaalt hoe Groningen er over vijftig jaar uit zal zien.

„En we weten pas over een jaar of vijftien of we het goed hebben gedaan”, zegt wethouder Sienot van Eemsmond.

Komt het goed?

Komt het goed? Zo lang de gaskraan niet verder dichtgaat, is dat de vraag. Corrie Boer en Hugo Dokter zijn desondanks hoopvol.

Het wordt moeilijk, maar als we ons best doen, ligt Groningen er over vijftig jaar mooi bij. Bovendien, zegt Dokter, er is nu krimp, maar wie weet raakt het Groninger platteland ooit weer in trek.

Van der Ploeg is allesbehalve positief. „Ik denk niet dat het goed komt”, zegt hij.

„Het ziet er treurig uit. Ik hoop dat ik ongelijk krijg, maar kijk hoe moeizaam alles gaat. En zie de bestuurlijke onwil op landelijk niveau. De Rijksoverheid kan veel afdwingen. Ze wil niet.”

Duizend jaar

Jur Bekooy van Stichting Oude Groninger Kerken, werpt nog een blik omhoog, naar de gewelfschildering in de Sint-Hippolytuskerk in Middelstum.

„De kerken staan hier al duizend jaar. Ze hebben al zo veel doorstaan. Dat alles kunnen we toch niet laten verdwijnen voor dertig, veertig jaar economisch gewin?”

Voor de hemel in Het Laatste Oordeel is het te laat. Zeker, restaureren kan. Maar het wordt nooit meer zoals het was.

Het Verdwenen Groningen

Dagblad van het Noorden brengt in kaart welke gebouwen als gevolg van de gaswinning in Groningen zijn gesloopt. En we kunnen uw hulp goed gebruiken.

Nieuwsgierig? Lees meer op hetverdwenengroningen.nl.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven