Oldekerk, Niekerk en Faan herdenken hun slachtoffers Tweede Wereldoorlog

Ieder jaar wordt in de provincie een andere gemeente aangewezen die aandacht besteedt aan de bevrijding. Dit jaar is dat de gemeente Grootegast. De activiteiten concentreren zich hier morgen in Niekerk-Oldekerk en Faan.

Het is morgen op de kop af 73 jaar geleden dat het drielingdorp in de gemeente Grootegast door de Canadezen werd bevrijd. Er wordt morgen stilgestaan bij de dood van vier slachtoffers uit Oldekerk, Niekerk en Faan die tijdens de Tweede Wereldoorlog omkwamen. Dat waren burgemeester Martinus Ritzema, Cornelis Bellinga, soldaat Jacob Pot en Gerrit van de Werf.

Stille tocht

Burgemeester Ritzema werd op 13 november 1943 op 32-jarige leeftijd gefusilleerd. Hij trad in 1939 aan als burgemeester. Tijdens een verblijf bij zijn broer in Leens werd hij opgepakt en doodgeschoten in Bakkeveen. Daar werd hij aanvankelijk begraven in een soort massagraf. Zijn lichaam is later opgegraven en overgebracht naar de begraafplaats in Oldekerk-Niekerk.

De moord op Ritzema was bedoeld als represaillemaatregel van de Duitsers voor zijn activiteiten in het verzet. Zo bood hij samen met zijn vrouw hulp aan Joden bij het onderduiken. Al in 1941 vroeg hij ontslag als burgemeester; pas acht maanden later werd dat toegekend. Een NSB’er nam vervolgens zijn plaats in. Uit respect voor zijn verzetsdaden is in Oldekerk een straat naar hem vernoemd. Bij een stille tocht wordt deze straat morgen aangedaan.

Van gemeentehuis naar begraafplaats

De tocht begint ’s morgens om elf uur bij de parkeerplaats van kledingzaak Bellinga. Een voorvader van de huidige generatie Bellinga Cornelis Bellinga is op 13 november 1943 in de slaapkamer van zijn woning onder de ogen van zijn dochter doodgeschoten. Ook soldaat Jacob Pot wordt herdacht. Hij liet in de eerste week van de oorlog op 21-jarige leeftijd het leven. Net als Gerrit van der Werf, die op 29-jarige leeftijd tijdens gevangenschap overleed aan ‘vliegende tering’ (tbc). Van der Werf bracht bijna zijn hele leven in Oldekerk door. Samen met zijn vrouw Martje, afkomstig uit Niekerk, verhuisden ze na hun trouwen in 1942 naar Bedum.

De stille wandeling voert via het voormalige gemeentehuis van Oldekerk, waar de óude gemeentevlag wordt gehesen, naar de begraafplaats. Nabestaanden van de oorlogsslachtoffers leggen bloemen bij de graven. Na een lunch in dorpshuis De Rotonde wordt een afwisselend programma afgewerkt met onder meer een verhalencafé. Alle inwoners van de drie dorpen worden opnieuw in de gelegenheid gesteld oude verhalen uit de oorlogsperiode te horen. Een dergelijk verhalencafé vond in maart ook al plaats. Daar kwamen toen zoveel verhalen los dat dit morgen een vervolg krijgt. Verder wordt een modeshow met oorlogskleding opgevoerd. Een heus bruidspaar treedt op in passende kledij.

Dorpsbewoonster als Wilhelmina

Bijzonder is ook dat de 87-jarige dorpsbewoonster Sjoerdje Posthumus Wilhelmina gaat uitbeelden. In de afgelopen dertig jaar speelde Posthumus, die opvallend veel gelijkenis vertoont met de oud-koningin, die rol al veel vaker. Volgens Hinnie de Vries van de historische vereniging Aeldakerka moest de afgelopen maanden voor de modeshow flink wat naaiwerk worden verricht. ,,In de oorlogstijd waren de meeste mensen gemiddeld kleiner van stuk.’’

Verder wordt aan de dorpsbewoners nog gevraagd toekomstwensen te formuleren op zogenoemde wensvlinders. Die worden op 5 mei uitgestrooid over de drafbaan van het Stadspark in Groningen als onderdeel van het Bevrijdingsfestival. In het Verzoamelhuus in Niekerk begon onlangs een oorlogsexpositie.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven