Zomerpaleis: Midden in de natuur met een kruipbroek

Het is zomer en waar is het dan beter toeven dan in dat buitenhuisje om de hoek dat toch ver weg lijkt van alles. In de serie Het Zomerpaleis portretteren we Groningers in hun tuinhuis.

Hij zit op een houten bankje achterin zijn volkstuin op volkstuincomplex Vereniging Tuinrecreatie Veendam. Een stukje knie piept uit een scheur in zijn broek. Het is de kruipbroek van Jan de Groot (72). Die mag vies worden. ,,Hier ga ik mee op de knieën, dan hoef ik niet zo te bukken.’’

Bijenkolonie

De Groots dahlia’s kleuren fraai roze, de preiplanten zijn gepoot en de Lekkerlanders geoogst. Zijn bijenkolonie zoemt, wel vijftien volken groot. ,,Op het ogenblik doen ze het goed’’, zegt De Groot. ,,Ze zijn slecht de winter uit gekomen, er zijn veel volken verdwenen. Maar deze gaan goed.’’

Al meer dan 35 jaar is hij imker en een dikke 30 jaar heeft De Groot zijn volkstuin van 3 are. Een groentetuin die mettertijd meer en meer ook een bloementuin wordt. ,,Je kunt er met zijn tweeën niet tegenop eten’’, zegt hij lachend.

Ook aan hun twee kinderen krijgt hij de groente niet allemaal gesleten. ,,Ze krijgen natuurlijk wel eens wat, bonen of aardappels, maar ze eten liever pasta en zulke dingen. Tja, dat is de tijd, hè.’’

Hobby

Zijn ‘twee’ is De Groots echtgenote Joekie (70). Zo nu en dan bezoekt ze de tuin. Maar het is vooral het domein van haar man. De Groot lacht. ,,Dan zegt ze: het is jouw hobby.’’

En of het dat is. De Groot gebaart met zijn handen de rijkdom van zijn tuin waarin asters groeien, zonnehoeden, Chinese bonen, aardbeien, rabarber en rode bieten. Als het broedseizoen is, nestelen er winterkoninkjes. Er vliegen roodborstjes. ,,Ik was altijd al een buitenmens’’, zegt hij. ,,Daarom wilde ik ook niet in de stad wonen. Ik kom van het platteland, ik wilde op het platteland blijven.’’

Dat platteland lag in Oude Pekela, de geboortegrond van De Groot. Hij groeide op in Ter Apel en verhuisde ruim veertig jaar geleden naar Veendam. Zijn tuin, zijn paleis, ligt om de hoek. Een schuurtje heeft hij daarom niet nodig. Wat mee moet – heggen, scharen, schoppen – laadt hij in de kruiwagen of neemt hij in de hand en dan wandelt hij rustig richting de tuin. Een halve dag per week, van maart tot oktober, is hij er zeker te vinden.

Het is een fijne plek midden in de natuur, die behalve rust ook de nodige gezelligheid biedt, vindt De Groot: ,,Ik maak eens een praatje hier, een praatje daar. En ik ben hier lekker even weg van thuis.’’

Jan de Groot, vroeger werkzaam als duanier in Groningen, wilde destrijd naast zijn kantoorbaan graag een plek om echt buiten te zijn. Aldus gaf hij zich op voor een volkstuin op het complex in Veendam, waar toen nog een wachtlijst was. Vrij snel kreeg hij een plekje toegewezen.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven