Na Winschoten en Veendam overwegen nog 15 gemeenten een verbod in te voeren voor circussen waar wilde dieren worden gehouden. Ze vinden dat de dieren onnodig lijden door een leven lang verblijf in hokken.
De Vereniging van Nederlandse Circusondernemingen wacht op een beslissing van de gemeente Winschoten. ”Wanneer die weigert een vergunning af te geven, beginnen we een proefproces. Dan kan de rechter bepalen of gemeenten zo’n verbod wel mogen opleggen”, zegt een woordvoerder.
De inmiddels zo’n vijftien gemeenten willen zelf zo’n verbod omdat er landelijk niets is geregeld. Het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Milieu wil pas strenge regels rond het welzijn van circusdieren opleggen wanneer de branche dit zelf niet kan regelen. De branche had hiervoor al een richtlijn opgesteld. Maar die is gisteren door de Raad voor Dieraangelegenheden( RDA) afgekeurd.
Volgens de raad heeft de Vereniging van Nederlandse Circusondernemingen (VNCO) te weinig rekening gehouden met regelgeving zoals die in andere Europese landen geldt. Zo is het houden van wilde dieren in circussen in Oostenrijk al verboden. In België zijn wilde dieren alleen toegestaan als ze hetzelfde behandeld kunnen worden als dieren in een dierentuin. Dat betekent dat de dieren zo veel mogelijk in hun eigen natuurlijk leefomgeving gehouden moeten worden.
Woordvoerder J. van Kernebeek van de campagnebeweging ’Wilde dieren de tent uit’, gevormd door diverse organisaties voor dierenbescherming, ziet in het advies van de raad het bewijs dat wilde dieren nooit gehouden kunnen worden in een circusomgeving. ”Hoe graag de branche het ook wil, ze kunnen de dieren gewoonweg die leefruimte niet bieden. Daar is geen ruimte voor.” Van Kernebeek heeft goede hoop dat het ministerie overstag zal gaan naarmate meer gemeenten een verbod instellen. Hij schat dat er momenteel in zo’n vijftien gemeenten over zo’n verbod wordt gesproken. ”In Rhenen is bijvoorbeeld net een motie aangenomen en in Heerhugowaard staat het nu op de agenda van de gemeenteraad.”
Eerder vroeg Amsterdam het ministerie al om een landelijk verbod. ”In België gingen aanvankelijk ook vooral gemeenten over tot het instellen van verboden. Daarna kwam er pas landelijk beleid,” aldus Van Kernebeek.
VNCO-secretaris M. Bergema erkent dat er bij een aantal gemeenten een discussie gaande is. ”Maar voor zover wij weten wuiven alle gemeenten een verbod van de hand zolang er landelijk niets is geregeld.” De brancheorganisatie maakt zich overigens wel ongerust over die tendens. ”Wij wachten nog op een beslissing van de gemeente Winschoten. Wanneer die weigert een vergunning af te geven, beginnen we een proefproces. Dan kan de rechter bepalen of gemeenten zo’n verbod wel mogen opleggen.” Daarnaast gaat de branche met het advies van de raad aan de slag om alsnog een richtlijn dierenwelzijn op te stellen.

