De provincie Drenthe moet open staan voor de opslag van kernafval in eigen bodem. Nee blijven zeggen en achterover leunen, getuigt van weinig realiteitszin. Weglopen voor een nationaal probleem is onverantwoordelijk.
Dat vindt de Drentse commissaris van de koningin Jacques Tichelaar die gisteren tijdens de nieuwjaarsreceptie de knuppel in het hoenderhok gooide. Waar tot nu toe de provincie altijd een krachtig nee liet horen, betoogde de commissaris dat de opslag van nucleair afval op Drents grondgebied wat hem betreft bespreekbaar is. Ook over het wegstoppen van het broeikasgas CO2 moet te praten zijn.
"Begrijp me goed. Ik ben geen pleitbezorger voor de uitverkiezing van Drenthe tot het nationale afvalputje. Maar wat laat u achter? Inderdaad. Eén ding moet duidelijk zijn. Het is ook onze rotzooi." Na afloop van zijn toespraak zei Tichelaar dat wegkijken ongepast en unfair is. "Je kunt zeggen: dat kernafval is niet voor ons, maar voor wie dan wel?"
Gedeputeerde Tanja Klip benadrukt dat Drenthe geen opslag van nucleair afval toestaat. "Althans op dit moment niet. We moeten erkennen dat er ook in Europees verband de veiligheidsaspecten onder de loep worden genomen. Dat moet ook. We produceren met zijn allen kernafval. Tichelaar geeft aan dat we onze ogen daar niet voor kunnen sluiten. Ik ben dat met hem eens."
Volgens Klip ligt de opslag van CO2 in Drentse bodem minder gevoelig. "Die mogelijkheden worden al onderzocht. Ook hier speelt veiligheid een grote rol." Het Drentse GroenLinks-statenlid Jan Langenkamp hoorde het gisteren in Keulen donderen. "Never-nooit-niet dat hier kernafval wordt opgeslagen. Provinciebestuur en staten zijn daar duidelijk over. Het is 'njet'. Ik heb geen idee wat de commissaris bezielt. Hoe kun je zoiets bespreekbaar maken, terwijl de veiligheid van opslag nimmer is aangetoond."
In Dagblad van het Noorden veel meer over Drenthe als het afvalputje van Nederland


