Eindelijk Bauke!

Hij was altijd de hoop van het Nederlandse wielrennen, ook in de magere jaren. Maar passend succes bleef uit. In Le Puy-en-Velay reed Bauke Mollema zich de geschiedenisboeken in en won hij voor het eerst een etappe in de Tour de France.

Na een vlucht van dertig schokschouderende kilometers komt Bauke Mollema alleen aan op de Boulevard Maréchal Fayolle. Solo. Mooier bestaat niet.

Bauke Mollema komt solo aan op de Boulevard Maréchal Fayolle.

Eerst schudt hij zijn hoofd en dan spreidt hij zijn armen wijd. Daarna beide armen in de lucht. Bam, zijn linkervuist een keer omhoog en dan weer de armen in de lucht. Mollema heeft de tijd - 19 seconden voorsprong - en kan de mooiste zege uit zijn carrière op alle mogelijke manieren vieren.

Tour-hoop

Het is de zege die Mollema toekomt. Hij is al zeven jaar op een rij de Tour-hoop van Nederland. Ook in de magere Nederlandse wielerjaren. Nog lang voordat Tom Dumoulin roze kleurde of Tour-etappes won, in de jaren toen Niki Terpstra en Wout Poels nog geen monumentale klassiekers op hun naam hadden. Eigenlijk sinds zijn entree in de Tour in 2011, al deelde hij in die eerste jaren de druk met generatiegenoot Robert Gesink, die als ronderenner meer turbulentie kende door blessures, hartritmestoornissen en privéproblemen.

Mollema is er altijd. Zijn band met de Tour is innig, de laatste zeven jaar staat hij aan de start. Alleen in 2012 valt hij uit. In de jaren daarna wordt hij zesde, tiende, zevende en elfde. Ook deze Tour, waar de hoop op Nederlands succes vooral is gevestigd op de schouders van de jonge, 24-jarige sprinter Dylan Groenewegen. Diezelfde hoop in de huiskamers en op de campings kreeg een week geleden, met het uitvallen van Gesink in de negende etappe, een knauw. Maar gelukkig is daar Mollema.

Zwoegend, zwalkend van links naar recht, zwetend, harkend met een kromme rug en kuchend als hij eenmaal over de finish is. Met zijn onverstoorbaarheid als grootste wapen. In voor en tegenspoed. Als hij het Tour-podium in Parijs kan ruiken en als het na een valpartij in een klap uit zicht is, zoals vorig jaar. Zo verovert Mollema - klepje van zijn wielerpetje vrolijk omhoog - de harten in Nederland. Mollemania. Elk jaar weer hoopt Nederland dat succes hem ten deel zou vallen.

Het grootste podium

En dat is hier in Le Puy-en-Velay zojuist gebeurd. Zijn Baskische soigneur Josué Arán staat te jubelen, Trek-ploegbaas Luca Guercilena is hem net om de hals gevlogen. Achter het podium, het eerste interview na de finish is net geweest, slaat Mollema zijn ogen dicht. Ze gaan weer open en er verschijnt een lach, zoals die Nederland die nog niet heeft gezien. Gelukzalig. Mollema glimt van oor tot oor. ,,Ik heb Clasica San Sebastian gewonnen en een etappe in Vuelta. Maar dit, de Tour, is het grootste podium. Voor mij is de Tour altijd heel speciaal. Het is de wedstrijd waar ik altijd goed wil zijn en na zoveel jaar heb ik eindelijk een etappe gewonnen.’’

‘s Ochtends bij de start geeft Mollema al voorzichtig een inkijkje in zijn plannen voor vandaag. Hij heeft zijn snelpak aan en hoge velgen in zijn fiets gezet, maar verbaal laat Mollema niet het achterste van zijn tong zien. Doet hij nooit. Mollema is geen man van grootspraak. Niet zijn stijl. Mollema heeft zijn eigen manier van praten. Hij blinkt uit in mwaahs of oh jaa’s. Geen nonchalance, maar het luistert soms wat achteloos. Hij laat zich ook vandaag niet in de kaarten kijken.

Geen kwartier

Vorm? ,,Mwaaa, best okee.’’ Is dit de dag? ,,Nou, er zijn meerdere dagen. Nog twee Alpenritten, maar ik ga het in ieder geval proberen.’’ Okee, iets meer openheid alsjeblieft Bauke. Hoe zie je het? Jij bent de kenner, wat gebeurt er vandaag? ,,Ik denk dat er een kopgroep wegrijdt en dat die met een kwartier voorsprong aan de finish komt.’’ Met Bauke Mollema? ,,Dat zou goed kunnen, ja.’’ Voor Mollema-begrippen is dit stevige taal.

,,Het was alleen geen kwartier hè’’, zegt Mollema vijf uur later.

In de vijftiende etappe rijdt al snel een groep weg van negen renners, maar zonder Mollema. ,,De sprintersploegen en Sky hielden het dicht. Op de eerste klim kon ik uiteindelijk het gat overbruggen.’’ Uiteindelijk rijdt een mega-kopgroep met 28 renners voor de favorieten uit. Daarin erkende winnaars als Ulissi, Gallopin, Barguil, Pinot en Pauwels. Als Mollema over de top van de Col de Peyra Taillade is, weet hij wat hem de toen staat. ,,Tony Martin viel eerder in de etappe ook al bergaf aan. Toen zaten de anderen ook een beetje te kijken.’’

De voorsprong van Mollema groeit snel.

Mollema heeft het ene gaatje van tien, elf seconden. Het groeit snel uit naar driekwart minuut. Barguil, Ulissi, Gallopin en Roglic hebben de achtervolging ingezet, maar Mollema breekt niet ,,Dit was de zwaarste solo uit mijn carrière. De zwaarste 30 kilometer als renner. Ik heb nog nooit dertig kilometer solo gereden. Ook niet bij de amateurs. Meestal zit ik bij de klassementsrenners.’’

Want Mollema blijft bovenal een ronderenner. Hij is niet gemaakt voor kortstondig succes als etappezeges. Hij kan het wel, denkt-ie, maar streeft een hoger doel na. ’s Ochtends bij de start in Laissac-Sévérac L’Eglise zegt hij dat zo. Onnavolgbaar, op zijn Mollema’s. Letterlijk zegt hij: ,,Op zich vind ik het zo ook wel een keer niet vervelend ofzo. Maar ik denk dat ik volgend jaar liever weer voor het klassement rijd.’’

Daar verandert deze zege, hoe mooi ook, helemaal niets aan. ,,Ik houd ervan om drie weken te vechten voor het klassement. Daarvoor kom ik volgend jaar terug.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven