Opinie: Krokodillentranen van het gemeentebestuur

Professionele bewindvoerders worden ten onrechte door onwetende politici beschadigd om de tekortkomingen in de schuldhulpverlening te verbloemen.

In 1982 heeft de wetgever regels opgesteld om kwetsbare mensen te beschermen tegen financieel misbruik door derden, het zogenaamde beschermingsbewind. Deze maatregel was er vooral op gericht om vermogende personen in bescherming te nemen, maar al snel bleek de maatregel veel breder uit te pakken en breidde die zich uit naar alle mensen met medische, psychische, of psychosociale belemmeringen. De bewindvoerder is een belangenbehartiger en géén schuldhulpverlener. De schuldhulpverlener of schuldenregelaar moet een onafhankelijke positie innemen tussen schuldeiser en schuldenaar.

Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening

Omdat het aantal mensen met problematische schulden sterk toenam, is in 2012 de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (WGS) ingevoerd. De wetgever heeft geprobeerd gemeenten te stimuleren om maatregelen te nemen tegen de toenemende schuldenproblematiek. Omdat het rijk hiervoor nauwelijks financiële middelen beschikbaar stelde, bleef de verplichting beperkt tot het maken van beleid zonder ondergrens. In de praktijk hebben de gemeenten aan de wettelijke verplichting voldaan door het bestaande beleid vast te leggen in een verordening. Zoals onderzoeksbureau Berenschot in een evaluatierapport in 2016 concludeerde, is de beoogde kwaliteitsbodem niet behaald.

Ook concludeerde Berenschot dat niet is vast te stellen in welke mate gemeentelijke schuldhulpverlening bijdraagt aan een oplossing. Hoewel 98 procent van de gemeenten een verordening heeft opgesteld, gaan deze verordeningen vooral over de toegang tot de schuldhulpverlening (uitsluitings- en weigeringsgronden). Hierdoor blijkt de helft van de hulpvragers af te vallen in de voorselectie. Nog eens 10 tot 20 procent valt op formele gronden in de aanvraagfase af en komt nooit aan schuldhulp toe.

Oplossing bij bewindvoerders

Toen duidelijk werd dat gemeenten niet bereid waren substantieel te investeren in het oplossen van de schuldproblematiek, heeft de wetgever al in 2014 besloten met nieuwe wetgeving de oplossing hiervoor bij bewindvoerders neer te leggen. Een logische keuze, aangezien deze professionals kwalitatief hoogwaardig werk leveren en goed worden gecontroleerd door de kantonrechter. In de wet over het meerderjarigenbewind werd de doelgroep uit 1982 uitgebreid met mensen met ‘problematische schulden en verkwistingszin’.

Het gevolg van de wetswijziging is dat een grote groep burgers met problematische schulden toch professionele hulp kan krijgen en het aantal door de kantonrechter uitgesproken bewinden dan ook enorm is toegenomen. Tot schrik van de gemeenten bleken veel van deze mensen voor de kosten van het beschermingsbewind een beroep op de bijzondere bijstand te doen, met een verhoging van de uitgaven tot gevolg. Wat is dan gemakkelijker niet de wetgever of de eigen keuzes ten aanzien van de schuldhulpverlening, maar de bewindvoerders hiervoor aansprakelijk te stellen?

Budgetbeheer

Een aantal gemeenten denkt nu te kunnen bezuinigen door onder dwang de bewinden op te eisen en deze door ambtenaren te laten uitvoeren. Het is daarbij niet zo dat de gemeente het werk beter of goedkoper kan doen, maar deze denkt op kosten te kunnen besparen door bewinden te (laten) omzetten naar budgetbeheer: een goedkope vorm van financiële dienstverlening, zonder het verplichtende karakter van het beschermingsbewind. Of de kantonrechter hier aan meewerkt, is vooralsnog onbekend. De mensen over wie we het hebben willen niet gedwongen naar een andere dan de vertrouwde bewindvoerder.

Deze gemeenten hadden veel beter afspraken kunnen maken over een scheiding tussen bewind en schuldhulpverlening. Dit zou voor de meeste bewindvoerders zelfs zeer welkom zijn én tot de gewenste kostenbesparing leiden. Nu lijkt het in een eindeloze stroom van rechtszaken uit te monden, waarbij de juridische kosten (ook bijzondere bijstand) de pan uit zullen rijzen. Op de vraag of de kwetsbaarste burgers er beter van zullen worden, kan worden terugverwezen naar de conclusies van Berenschot uit 2016. Het enige doel voor de gemeenten lijkt het besparen op de kosten, terwijl het welzijn van de burger leidend zou moeten zijn. Nu worden professionele bewindvoerders ten onrechte door onwetende politici beschadigd, om de tekortkomingen in de schuldhulpverlening te verbloemen.

Peter Brouwer is bewindvoerder en adviseur sociale zekerheid gemeentelijke overheden.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.