Opinie: Nederland voert zijn schapen aan de wolf

Wolven die Nederland binnenwandelen krijgen schapen op een presenteerblaadje aangeboden. Collectieve preventie is dringend nodig.

Wanneer je wilde dieren zoals de wolf voert, wen je ze aan mensen. Dat is wat in Nederland gebeurt. Iedere wolf die dit land binnenwandelt, krijgt schapen op een dienblaadje aangereikt. Omdat deze dieren hier doorgaans achter enkele stroomdraadjes grazen, is Nederland een luilekkerland voor de wolf. Dit vergroot de kans dat wolven zich in schapen gaan specialiseren. Maatregelen zijn dan minder effectief. Het vernieuwde interprovinciale wolvenplan verandert daar weinig aan. Hoe langer gewacht wordt met collectieve preventie hoe groter de problemen worden, ten koste van boer en wolf.

Zwerfwolven

Vanuit Duitsland komen voortdurend jonge wolven de grens over op zoek naar een geschikt leefgebied (territorium) en partner. Onderweg doden deze ‘zwerfwolven’ gemakkelijke prooien zoals schapen. In Nederland zijn afgelopen jaren zo’n 200 schapen van 50 schapenhouders door zwerfwolven gedood.

Beperkte kennis

Nederland heeft de Duitse plannen voor wolfmanagement overgenomen. In het buurland zagen we afgelopen jaren, tegelijk met de opmars van de wolf in westelijke richting, een golf van wolfaanvallen op kleinvee en ophef daarover bij boeren onze kant opkomen. Ook in Duitsland loopt men met het beleid dus achter de feiten aan. Een reden daarvoor is de beperkte kennis van in ons gecultiveerd landschap terugkerende wilde dieren.

Specialiseren

Daarnaast zijn managementplannen gebaseerd op internationale vakliteratuur die niet altijd goed gekend wordt. Zo wordt ervan uitgegaan dat volwassen wolven zich bij hoge uitzondering aan schapen vergrijpen. Wolven die van jongs af kleinvee hebben leren eten kunnen echter hun leven lang kleinvee op het menu houden. Meerdere onderzoeken laten zien dat wolven zich in kleinvee kunnen specialiseren, ook als er voldoende natuurlijke prooidieren beschikbaar zijn. Wolfwerende maatregelen weerhouden deze specialisten niet. Een internationale onderzoeksgroep met onder meer de Nederlandse bioloog Diederik van Liere concludeerde dat 145 centimeter hoge schrikdraadnetten, kuddewaakhonden, ezels, geluiden, licht en geur bij deze dieren niet meer effectief waren.

Flexinetten

Wanneer volwassen wolven geen schapen grijpen, is dat mede door de inspanning van schapenhouders. Schapenhouder Frank Neumann werd begin deze eeuw als eerste Duitse boer slachtoffer van de wolf. Hij raakte in korte tijd tientallen schapen kwijt. Met flexinetten en kuddewaakhonden heeft hij de wolven geleerd van schapen af te blijven. Hij ontdekte vervolgens dat ‘zijn’ lokale territoriale wolven jonge zwerfwolven op afstand houden. Nu stelt Neumann zelfs dat territoriale wolven de schapenhouder daardoor een dienst bewijzen.

Bewakingshonden

Schapenhouders in de Spaanse Sierra de Culebra bevestigen dit. In hun wildrijke streek is de wolf nooit weggeweest en is de wolfdichtheid het grootst van Europa. Dankzij de schapenhouders zijn er zelden conflicten tussen mens en wolf. Men heeft voldoende kuddebewakingshonden (zo’n acht honden per duizend schapen), de hele dag blijft een herder bij de kudde, en men zet ze ’s nachts op stal. Lokale wolven leren hier van jongs af van schapen af te blijven. Ook deze schapenhouders zien voordelen van wolven: ze houden andere predatoren bij de schapen weg en houden concurrenten van het schaap, zoals konijn, ree en edelhert, onder toom.

Wolvenplan

Hiervan valt te leren dat we het de wolf niet te gemakkelijk moeten maken, zoals momenteel in Duitsland en Nederland gebeurt. Volgens het interprovinciale wolvenplan zijn vanaf 2019 preventieve maatregelen pas vereist en (alléén bij beroepsdierhouders) deels vergoed wanneer de veehouderij binnen een wolventerritorium ligt. Zwerfwolven die ook kleinvee doden worden hierdoor in het beleid genegeerd.

Jonge wolven

Hoe komt het dat overheden lijken te kiezen voor maatregelen tegen wolven die minder schade veroorzaken? Daar zijn twee redenen voor. Ten eerste zijn managementplannen gebaseerd op onderzoek van volwassen wolven. Jonge wolven, die hun ouderlijke roedel verlaten en gaan zwerven, zijn nauwelijks onderzocht. Ten tweede is beleid gericht op de definitieve vestiging van wolven in een gebied. Met dit reactieve beleid wordt het paard achter de wagen gespannen. Jonge zwerfwolven leren hierdoor schapenvlees te waarderen; ze zullen dat later aan hun jongen doorgeven en de nabijheid van mensen blijven zoeken. Kleinveeboeren die niet in een wolventerritorium gevestigd zijn, blijven last houden van deze zwerfwolven. Preventie en niet te vergoeden schade zullen zij zelf moeten bekostigen.

Preventie

Ergo, niet alleen de kleinveehouders binnen een wolvengebied, maar alle Nederlandse (en Duitse) kleinveehouders, beroeps en hobby, zullen door de overheid gefaciliteerde maatregelen moeten nemen. Boeren die niet meedoen omdat ze buiten wolvengebied liggen of er de noodzaak niet van inzien zetten jonge zwerfwolven nog steeds aan tot het doden van kleinvee. Hier ligt ook een belangrijke rol voor de sector zelf. Het is goed te beseffen dat preventieve maatregelen tegelijk schade en overlast door hond en vos tegengaan.

Margarita Amador en Alfons Uijtewaal zijn medewerkers van Stichting Huize Aarde, een organisatie die zich inzet voor duurzame ontwikkeling.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.