Vaardigheid centraal in ‘nieuw' onderwijs

Platform-voorzitter Schnabel (rechts) overhandigt het rapport aan staatssecretaris Dekker. Foto: ANP/Remko de Waal

Leerlingen moeten in de toekomst meer leren in minder vakken. Er moet meer diepgang komen. Dat zegt de landelijke commissie Platform Onderwijs 2032.

Alle leerlingen moeten verplicht verschillende basisvaardigheden leren. De Nederlandse en Engelse taal zijn daarbij van cruciaal belang. Op de basisschool moet al vroeg worden begonnen met taalonderwijs. Daarnaast moeten rekenen, digitale vaardigheden en burgerschapsvorming in een verplicht lesprogramma worden opgenomen. Huidige vakken, zoals Nederlands, Engels, aardrijkskunde, geschiedenis en de exacte vakken moeten worden geïntegreerd in richtingen zoals Mens & Maatschappij, Natuur & Technologie en Taal & Cultuur.

Dat bepleit de landelijke commissie Platform Onderwijs 2032. De commissie heeft kritisch naar het huidige onderwijs gekeken. Kinderen die nu op de basisschool aan hun onderwijscarrière beginnen, komen in ongeveer 2032 op de arbeidsmarkt. Zaterdag presenteerde het platform zijn bevindingen aan staatssecretaris Sander Dekker van onderwijs.

Vaardig, waardig aardig

Naast een verplicht lesprogramma voor iedereen wil de commissie dat scholen, leraren en leerlingen meer vrijheid krijgen hun eigen onderwijs vorm te geven. ,,Scholen zijn terughoudend en zeggen meestal: ja maar wat vindt Den Haag daarvan?'', zegt Paul Schnabel, voorzitter van Platform Onderwijs 2032. ,,Niets van aantrekken. Laat je het onderwijs niet afpakken. Niet door de overheid en niet door uitgevers.''

Schnabel wil dat er een onderwijsprogramma komt waarin leerlingen kunnen uitgroeien tot ‘vaardige, waardige en aardige' mensen. ,,Na zestien tot achttien jaar scholing moet dat het doel zijn.'' Meer dan voorheen wordt de nadruk op vaardigheden gelegd en wat minder op kennis. Leerlingen moeten digitaal vaardig zijn, ze moeten zelfstandig kunnen werken, creatief zijn, nieuwsgierig, zich persoonlijk vormen, verantwoordelijk burgers zijn en leren omgaan met vrijheid. Er wordt al in die richting gewerkt, aldus de commissie, ‘maar het kan beter'.

Dekker is positief over de plannen. De brancheorganisatie VO-Raad prijst vooral de aanpak. Platform Onderwijs 2032 sprak met schoolleiders en leraren, kreeg brieven en tienduizenden reacties en bijdragen via de sociale media. De aanpak van bottom up is beter dan die van het vaak gehanteerde top down, aldus voorzitter Paul Rosenmöller. ,,De kans op draagvlak is daardoor groter.'' De organisatie voor basisscholen, de PO-Raad, hoopt dat scholen en leraren voldoende tijd en geld krijgen om hun leerlingen onderwijs op maat te geven.

menu