Nibud: Verhoog bijstand en minimumjeugdloon

Nibud: Verhoog bijstand en minimumjeugdloon ANP

Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) pleit voor verhoging van de bijstand en het minimumjeugdloon en aanpassing van de regels voor inkomensondersteuningsmaatregelen.

Na bestudering van vijf jaar armoedebeleid in tachtig gemeenten concludeert het Nibud dat het huidige stelsel niet toegesneden is op de huidige maatschappij en te ingewikkeld is voor de verstrekker en aanvrager van inkomensondersteuning. Hierdoor komen tienduizenden inwoners maandelijks tientallen euro's tekort, waardoor ze geldproblemen krijgen. "Nu er een crisis is en meer mensen voor (financiële) hulp bij gemeenten aankloppen, adviseren we deze regelingen versneld aan te passen en gemeenten meer ruimte te geven om hun inwoners ruimhartig te ondersteunen", schrijft het Nibud.

Het instituut pleit voor de verhoging van de bijstand en het minimumloon van 18-jarigen. Ook moet de bijstand voor stellen met kinderen van 12 jaar en ouder omhoog, omdat die volgens het Nibud te laag is om van rond te komen. "Bescherm ook mensen met lage inkomens en hoge zorgkosten: laat hen niet door gezondheidsproblemen geldproblemen krijgen. Versimpel het systeem en zorg als gemeente voor een goed aanvullend pakket aan tegemoetkomingen."

Nieuw beleid

Er moet nieuw beleid worden gemaakt voor mensen met een laag en flexibel inkomen. Als die een eigen huis, spaargeld of in het verleden een hoog inkomen hadden, moet dat niet per definitie betekenen dat ze geen inkomensondersteuning krijgen. Ook dienen gemeenten meer ruimte te krijgen voor maatwerk. "Een gemeentelijke bijdrage van 50 euro per jaar om te kunnen sporten helpt inwoners niet als de sportschool 20 euro per maand kost."

Arjan Vliegenthart, directeur van het Nibud: "We zien schrijnende situaties. Deze mensen kunnen niet meedoen in de maatschappij. Voelen zich niet geholpen, raken gedesillusioneerd en zijn daardoor vatbaarder voor andere (financiële) problemen. Gemeenteambtenaren voelen zich machteloos en weten dat deze mensen vroeg of laat op een andere manier weer bij hen aankloppen met schulden of andere problemen. We zien dat het kabinet veel geld vrijmaakt voor het oplossen van schulden. En dat is goed en nodig. Maar als wij niets doen aan de gaten in ons noodvangnet, blijft het dweilen met de kraan open."

menu