Veel onduidelijkheid in Kamer over opstarten ov

Veel onduidelijkheid in Kamer over opstarten ov ANP

Een meerderheid in de Tweede Kamer heeft nog veel vragen over hoe het openbaar vervoer vanaf 1 juni weer kan opstarten. Partijen vinden dat er, met nog maar vier dagen te gaan tot die datum, veel onduidelijk is over de mondkapjesplicht, de veiligheid van ov-medewerkers en de beschikbare ruimte in treinen en bussen.

Iedereen is verplicht om vanaf 1 juni een mondkapje te dragen in het ov. Onder andere de PVV, Partij voor de Dieren (PvdD) en 50PLUS vragen zich af of er niet meer moet gebeuren. "Hoe houden we de treinen schoon en hoe zorgen we voor genoeg ventilatie?" vroeg Eva van Esch (PvdD). "Gaan we bij iedere tussenstop de coupés schoonmaken?" wilde PVV-kamerlid Roy van Aalst weten.

CDA en D66 willen bovendien weten of mondkapjes op ieder station worden verkocht en of conducteurs moeten handhaven. "En zijn zij dan ook genoeg beschermd tegen agressieve passagiers?"

Capaciteit

Ook zijn er veel vragen over de capaciteit. Maximaal 40 procent van de treinstoelen mag gebruikt worden. "Hoe controleren we dit?" vroeg Van Aalst. "Moeten conducteurs koppen gaan tellen? En als de trein te vol blijkt, blijft de trein dan stilstaan tot genoeg mensen weer uitstappen?"

De beperkte capaciteit heeft bovendien grote gevolgen voor de financiën van de vervoerders. De Kamer is bezorgd over de financiële steun voor de vervoerders. "Het openbaar vervoer is een basisbehoefte voor veel mensen", zei PvdA-Kamerlid William Moorlag. "De miljarden vliegen eruit. Hoe houden we de vervoerders overeind? En worden de kosten verhaald op het personeel?"

menu