Nog nooit zo weinig ozon boven Noordpool

Nog nooit zo weinig ozon boven Noordpool ANP

Het gat in de ozonlaag boven de Noordpool is nog nooit zo groot geweest als in maart van dit jaar. Dat komt door een combinatie van vervuilende stoffen in de dampkring en weersomstandigheden hoog in de lucht, zegt de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO), de weerafdeling van de Verenigde Naties.

Boven de Noordpool hing minder ozon dan in het recordjaar 2011. Het gat had volgens de WMO nog groter kunnen zijn als de wereld in de jaren tachtig geen maatregelen had genomen tegen broeikasgassen.

Ozon is een gas in de dampkring. Het beschermt de aarde, en dus mensen, tegen schadelijke straling van de zon. De stof wordt gevormd rond de evenaar, op 10 tot 50 kilometer hoogte. Van daaruit verspreidt het zich over de rest van de wereld. Bij de polen wordt het elk jaar afgebroken aan het einde van de winter, wanneer het zonlicht terugkeert. Als de hoeveelheid ozon onder een bepaald niveau komt, wordt dat een gat genoemd, hoewel het niet echt een gat is.

Winter

Tijdens de afgelopen winter was het kouder dan anders in de lucht hoog boven de Noordpool. Die koude lucht werd opgesloten door een poolwervel en kreeg geen verse ozon vanaf andere delen van de planeet. Toen de lange, donkere winter eindigde en de eerste zonnestralen op de Noordpool vielen, werd daardoor meer ozon afgebroken dan anders. In april begon de temperatuur te stijgen, kromp de poolwervel, kreeg de Noordpool meer ozon aangevoerd en herstelde het gat zich.

Het Noordpoolgat kan ook gevolgen voor Nederland hebben. Als boven de Noordpool veel ozon wordt afgebroken, worden Europa en Canada in de zomer blootgesteld aan meer uv-straling dan anders.

De afbraak van ozon is een natuurlijk verschijnsel, maar het is in de vorige eeuw verslechterd door toedoen van de mens. De ozonlaag is zich daar nu van aan het herstellen. De WMO verwacht dat de hoeveelheid ozon boven de Noordpool in 2035 weer op de oude niveaus is. Bij de Zuidpool duurt dat nog tot 2060.

menu