Thijs de Vlieger schreef de muziek voor de multimediale dansvoorstelling Sleeping Beauty Dreams die in december in Miami in première gaat. Foto: Reyer Boxem

De zoektocht naar nieuwe geluiden, die Thijs de Vlieger met Noisia begon, krijgt een nieuwe dimensie.

Thijs de Vlieger schreef de muziek voor de multimediale dansvoorstelling Sleeping Beauty Dreams die in december in Miami in première gaat. Foto: Reyer Boxem

Uit de speakers in de studio van Thijs de Vlieger komen duistere, industrieel aandoende klanken. Sferisch, licht dreigend, intrigerend. Er knispert wat. Af en toe knettert het, en daaronder een golvende stroom van geluiden, die aanzwelt en wegebt. De spanning is tastbaar.

,,Het is wel een beetje raar, zo zonder beelden erbij”, zegt De Vlieger. Hij zit achter zijn computer, in het centrum van de geluiddichte ruimte. ,,De muziek is gecomponeerd op de scènes van de voorstelling. Het is niet bedoeld om op zichzelf te staan. ”

Gefascineerd

De fotograaf en de verslaggever zwijgen en luisteren gefascineerd naar de klankweefsels die passeren. ,,Kijk, er zit ook wel wat drum-’n-bass in”, zegt De Vlieger even later. Hij laat een fragment horen met een zware basdreun. ,,Lijkt haast op gabber. Dit is gebaseerd op de vroege jungle, uit de jaren negentig.” De zwarte strepen op het grote computerscherm, die de geluidsgolven verbeelden, worden dikker en slaan steeds verder uit. Dan volgt weer een rustiger klanklandschap. ,,Hier is het weer bijna orkestraal”, constateert de componist.

Première

Begin december gaat in Miami de multimediale dansvoorstelling Sleeping Beauty Dreams in première, waarvoor Thijs de Vlieger (36) de muziek heeft geschreven. ,,Het stuk duurt meer dan 100 minuten”, vertelt de Groningse componist, dj en producer. ,,Ik ben er al sinds januari mee bezig.” Het is een groot project dat is opgezet door Russische makers in New York, die een groep internationale kunstenaars bijeenbracht. De beroemde ballerina Diana Visjneva danst de hoofdrol.

Ik kan met niemand over het componeren praten

De Vlieger is het oudste lid van drum-’n-bass-trio Noisia, dat vanuit Groningen is uitgegroeid tot een begrip in de dancemuziek, wereldwijd. ,,De Russen wilden graag dat de naam van Noisia aan het project werd verbonden. Die is een stuk bekender dan ‘Thijs de Vlieger’ en publicitair natuurlijk interessanter. Ik heb Nik en Martijn lief aangekeken en ze vonden het goed.” Martijn van Sonderen en Nik Roos zijn de twee andere leden van Noisia, met wie De Vlieger al sinds 2000 een artistiek trio vormt.

Doornroosjes hoofd

Sleeping Beauty Dreams komt in december behalve in Miami ook in New York op de planken. ,,De voorstelling, waarin ook veel visual art is verwerkt, gaat over wat er in het hoofd van Doornroosje rondgaat tijdens de 100 jaar dat ze ligt te slapen.” Als de ontvangst goed is, liggen er volgend jaar – na een Amerikaanse tournee – wellicht ook Europese en Aziatische voorstellingen in het verschiet.

In zijn studio, in een gebouw op een industrieterrein in Groningen, laat De Vlieger nog wat passages horen. De muziek roept op het eerste gehoor eerder associaties op met de klassieke nieuwe-muziekscene, dan met de opzwepende, rammelende, snelle dancemuziek waar Noisia om bekend staat. ,,Je bent veel vrijer met zo’n opdracht. Er zitten hele stukken zonder beat in. Ik kon ook variëren met maatsoorten en vrijelijk het tempo vertragen en versnellen, wat bij drum-’n-bass niet kan.”

De zoektocht naar nieuwe geluiden, die hij met Noisia begon en nog altijd voortzet, krijgt zo een nieuwe dimensie. ,,Voor mij is dit een mooie kans om me verder te ontwikkelen als componist.” Hij kan er veel van zijn creativiteit en vernieuwingsdrang in kwijt. Het resultaat is muziek die zich eigenlijk met niks anders laat vergelijken. ,,Ik ken niemand die dit ook zo doet. Het is echt iets totaal nieuws. Ik kan er ook met niemand over praten. Dat is soms best lastig.”

De Vlieger heeft de opdracht te danken aan de muziek die hij schreef voor de dansvoorstelling Tetris, mon amour van Club Guy & Roni. Enkele jaren eerder had hij al muziek geschreven voor een andere voorstelling van het Groningse dansgezelschap, Mechanical Ecstacy , die momenteel weer in de Nederlandse theaters te zien is. ,,Iemand uit het team van Sleeping Beauty Dreams had Tetris gezien en heeft me benaderd.”

Eigenlijk zou ik alleen nog wel eens wat van Daft Punk en Aphex Twin willen horen

Wat de volgende stap wordt op dit nieuwe muzikale terrein weet De Vlieger niet. ,,Het werk met Noisia gaat natuurlijk verder, maar ik heb nog geen nieuwe opdrachten op dit gebied.” Hij heeft geen haast, maar hij weet wel dat dit iets is dat hij verder uit wil bouwen. ,,Ik wil me blijven ontwikkelen als componist en dit is een richting die me goed ligt. Tot de volgende opdracht heb ik een lijstje met projecten die ik zelf wil ontwikkelen, en we staan met Noisia natuurlijk ook nooit stil.”

Blokfluit

Een belangrijk moment was vier jaar geleden, toen het Noord Nederlands Orkest de samenwerking zocht met Noisia voor concerten in het Groningse poppodium Vera. De Vlieger componeerde een stuk voor een ensemble van musici uit het orkest. ,,Ik ben opgegroeid met klassieke muziek”, vertelt hij. ,,Ik kom uit een muzikaal gezin en bij ons thuis werden Mozart, Beethoven en Bach gedraaid. Ik heb als kind ook nog blokfluit en trompet gespeeld. Men zei altijd dat ik muzikaal was. Maar toen ik naar de middelbare school ging had ik geen zin meer in studeren.”

Hij is wel altijd klassieke muziek blijven luisteren, maar op het Praedinius Gymnasium in zijn geboortestad Groningen lagen zijn interesses meer bij skateboarden en graffiti. ,,Zo heb ik Nik en Martijn ook leren kennen. De muziek kwam er pas later bij. Alleen Martijn was er altijd al mee bezig. Hij heeft later nog conservatorium gedaan. Maar we zijn eigenlijk begonnen met muziek maken uit verveling.”

Het bleek een schot in de roos. Tijdens zijn studie filosofie werd muziek steeds belangrijker, ook omdat de drum-’n-bass van Noisia snel aansloeg. In de eerste jaren kwam de interesse vooral uit Engeland en Oost-Europa, maar al snel reisden ze de hele wereld over. ,,Ik heb daardoor mijn bachelor filosofie net niet gehaald, helaas.”

Het succes met Noisia is niet iets dat ze bewust gezocht hebben. ,,Het was een kwestie van right time, right place . Natuurlijk heeft het met ons talent en harde werken te maken, maar de factor geluk speelde ook mee. Wij zijn de eerste generatie digital natives .” Ze groeiden mee met de vernieuwingen op het gebied van muzieksoftware, die na de eeuwwisseling explosief toenamen. Als innovatieve, nieuwsgierige geesten onderscheidden ze zich al snel met de geluidsontwerpen die ze creëerden.

Veel artiesten zochten in de afgelopen vijftien jaar de samenwerking met Noisia. Om er een paar te noemen: Robbie Williams, KRS One, Moby, The Prodigy, Korn, The Freestylers, Katy Perry, Deadmau5, Skrillex. En Kraantje Pappie natuurlijk. Allemaal steken ze de loftrompet over het unieke geluid en de muzikaliteit van het Groningse trio. ,,Eigenlijk zou ik alleen nog wel eens wat van Daft Punk en Aphex Twin willen horen. Niet dat we die bevestiging nog nodig hebben. Maar het zou toch leuk zijn.”

Noisia

Noisia is waar Thijs de Vlieger en zijn twee kompanen van leven. Ze hebben een eigen platenlabel, doen productiewerk en samenwerkingsprojecten met andere artiesten, en maken soms muziek bij games of films. ,,Maar we verdienen ons geld vooral met optredens als dj’s”, zegt De Vlieger. ,,Door de opkomst van internet, waar we natuurlijk ook heel veel aan te danken hebben, zijn de inkomsten uit de muziek zelf drastisch afgenomen. Vlak voor wij begonnen had je mensen die nog 150.000 lp’s verkochten. Nu doe je het heel goed als je er 5000 verkoopt. We doen het de laatste tijd trouwens wel steeds beter met streaming.”

Al jaren vliegen ze voor optredens de hele wereld over, vooral in het festivalseizoen. Maar de mannen van Noisia vallen niet ten prooi aan de druk om altijd maar overal te verschijnen, zoals sommige collega-dj’s in de dancewereld. ,,We kunnen goed doseren en nee zeggen tegen aanvragen voor optredens.” Het liefst maakt hij in zijn studio nieuwe muziek. ,,Al kan ik ook heel goed werken onderweg naar optredens, in de trein of in het vliegtuig, met een laptop op schoot.”

Of het met ouder worden te maken heeft, weet hij niet zeker. Maar De Vlieger merkt dat hij de laatste tijd steeds meer moeite krijgt met de hoeveelheid prikkels in de huidige drum-’n-bass. ,,Ik voel me er steeds minder op mijn plek. Vroeger was de hoeveelheid prikkels in drum-’n-bass al echt ongekend. Maar de prikkels volgen elkaar nu in een steeds hoger tempo op. Het publiek vraagt om nog meer, nog sneller. Maar het blijft vet. Ik ben met drum-’n-bass opgegroeid en heb er bijna alles wat ik weet geleerd. Het zal altijd een groot onderdeel van mijn muzikale vocabulaire blijven.”

De zoektocht naar nieuwe geluiden en muzikale vormen zou hij ook wel eens in de wat rustigere vormen van elektronische dancemuziek willen ondernemen. Met zijn uitstapjes buiten de dance, in de richting van de nieuwe muziek, gaat hij sowieso door. Zo is hij een project gestart met Nicholas Thayer en Setareh Nafisi, twee vrienden op het Prins Claus Conservatorium. ,,Daarvoor ben ik nu een strijkkwartet aan het schrijven, met elektronica. Dat is weer een nieuw proces voor me, waarvoor ik ook mijn kennis van het notenschrift aan het opfrissen ben.”

Hij schrijft de muziek in zijn studio op de computer. De basis vormen improvisaties die de leden van het kwartet maken over muzikale schetsen die hij aandraagt. ,,Ik wil graag opnames van de spelers zelf als uitgangspunt nemen, maar vervolgens weer de vrijheid nemen om hun opnames als samples te gebruiken. En dan kijken wat ik daar in mijn praktijk mee kan. Het resultaat gaan we dan weer uitschrijven en arrangeren op een manier die ook live te doen is. Maar er komt heel wat microtonaliteit in en dat is lastig te noteren.”

Georg Friedrich Haas

De Vlieger zoekt een van de schetsen voor het kwartet op in zijn computer. Uit de speakers klinkt nu een complex geweven klanktapijt van synthesizers en strijkinstrumenten, met een grote notendichtheid. De fotograaf en de verslaggever doen er opnieuw het zwijgen toe. Dit heeft niks meer te maken met dance, denken ze. ,,Het doet mij meer denken aan de strijkkwartetten van Georg Friedrich Haas dan aan Noisia”, zegt de verslaggever tegen De Vlieger, die bevestigend knikt en het als compliment lijkt op te vatten.

Wat wel een constante is, is de wat duistere, sombere sfeer. ,,Dat heeft te maken met hoe ik ben”, zegt De Vlieger. ,,Het is altijd wat donker en depressief wat ik maak, al zit er soms ook wel een lichtere kant aan.” Hoe dat komt is lastig te zeggen. ,,Ik heb altijd een voorliefde voor ellende in de kunsten gehad. Ik heb mijn jeugd niet als heel leuk beleefd, misschien heeft dat mijn smaak gevormd.”

Hij probeert de laatste tijd ook vrolijke en troostende muziek te schrijven. ,,Toch blijft het me beter liggen als het troostende in wisselwerking is met een duister of treurig element.” Misschien is het wel de schuld van Mozart. ,,De combinatie van dat duistere en troostende vind je ook terug in zijn Requiem . Dat speelde ik op school af op mijn walkman. Het is ongetwijfeld het muziekstuk dat ik het vaakst heb beluisterd in mijn leven. Elke noot doet ertoe.”

In welke vorm of in welk genre ook, De Vlieger zal blijven experimenteren met geluiden en vormen. In de klassieke muziek zijn het ook de vernieuwers die hem het meest aanspreken. ,,Bach, Mozart en Beethoven natuurlijk. De meeste muziek uit de romantiek doet me niet zo veel. Die is zo keurig. Maar het late werk van Franz Liszt vind ik juist weer heel fascinerend. Wagner, Debussy, Chopin ook; die doen harmonisch zulke spannende dingen. En de twintigste-eeuwse componisten natuurlijk. Ligeti, Messiaen. En ik heb een zwak voor het pianowerk van Mompou.”

Veel zelfvertrouwen

Komt er ooit een stuk voor symfonieorkest? ,,Een paar jaar geleden dacht ik daar eerlijk gezegd meer aan dan nu. Zo’n groot orkest is toch een vrij log apparaat, waar ook veel organisatorische dingen bij komen kijken. Je moet er ook zo veel geld voor regelen. Eerst maar eens dit strijkkwartet schrijven en uitvoeren, en dan zien we later wel of die symfonie er ooit komt. Ik heb inmiddels zo veel zelfvertrouwen opgedaan dat ik zeker weet dat ik met dit soort dingen door blijf gaan.”

En wie weet wat Sleeping Beauty Dreams aan nieuwe opdrachten brengt. ,,Ik functioneer goed in interdisciplinaire projecten. Ik vind het leuk om muziek te maken die onderdeel is van een groter geheel. En het werken met een groep mensen die ieder hun vak hebben, maar ook samenkomen en naar elkaar luisteren om het geheel beter te maken. Dat is een proces waar ik erg van geniet. Een elektronische orkestsymfonie, meer moderne dans, meer soundtracks voor games of zelfs voor film, een VR-installatie, er zijn allerlei mogelijkheden. Ik zie wel wat er op mijn pad komt.”

menu