De kerk in Krewerd, onderdeel van Het Grootste Museum van Nederland.

Het Grootste Museum van Nederland is nooit dicht geweest: Zingen in een lege kerk in Groningen

De kerk in Krewerd, onderdeel van Het Grootste Museum van Nederland. Foto: Duncan Wijting

De musea mogen op 1 juni weer open, maar Het Grootste Museum van Nederland is helemaal niet dicht geweest. Een zwerftocht langs middeleeuwse Groningse kerkjes, op zoek naar cultuur in tijden van corona.

Een kikkerconcert als welkom, het kan slechter. Terwijl de wind rond de wierde van Krewerd waait onder het jagende zwerk, klinkt vanuit een vijver aan het Kerkpad luid gekwaak. Even verderop staan de deuren van het dertiende-eeuwse kerkje wijd open. Binnen vergapen zes bezoekers zich aan het interieur, terwijl een hond rondsnuffelt. ,,Het is de laatste maanden drukker dan anders”, zegt vrijwilligster Riet van Eijden, die net de bloemen in de kerk ververst heeft. ,,Mensen komen uit het hele land hierheen.”

De Mariakerk in Krewerd is een van de vier Groningse kerken die deel uitmaken van Het Grootste Museum van Nederland. Dit initiatief van Museum Catharijneconvent in Utrecht, dat drie jaar geleden veertien kerken en twee synagogen samenbracht om ‘verborgen topkunst van Nederland’ in godshuizen onder de aandacht te brengen, heeft Krewerd landelijke bekendheid gegeven. En veel kerken zijn, ook in tijden van corona, gewoon opengebleven voor bezoek.

365 dagen per jaar open, wel of geen corona

,,We willen gastvrij zijn”, zegt Van Eijden. De desinfectiemiddelen liggen klaar en met een karton op de vloer wordt gewezen op de anderhalve meter. ,,Vanaf 5 juni is ook theetuin Het Pronkje aan de Pastorieweg open, zodat bezoekers wat kunnen drinken. Daar ontbreekt het in Groningen toch vaak aan.” Vrees dat het té druk wordt, heeft Van Eijden niet. ,,De kerk is 365 dagen per jaar open, tussen tien en vijf. Soms is er niemand, soms zijn er tien mensen tegelijk.”

Het wordt tijd om verder te gaan, want het doel vandaag is om de vier Groningse kerken van Het Grootste Museum te bezoeken en onderweg ook andere godshuizen van de Stichting Oude Groninger Kerken (SOGK) mee te pikken. Althans, voor zover die open zijn, want de SOGK heeft het deurbeleid overgelaten aan de plaatselijke kerkcommissies. Afwachten wat we aantreffen dus. De culturele activiteiten in de kerken zijn tot 1 september sowieso afgelast.

Protestantse klaarheid

De eerste stop is de Mariakerk in Oosterwijtwerd, waar de westenwind met stormkracht aan de kerkdeur rammelt. Dit is een van de oudste bakstenen kerken in Groningen. De sfeer binnen is compleet anders dan in Krewerd. Overheerst daar een gevoel van middeleeuwse mystiek, hier heerst protestantse klaarheid, gevat in houtwerk dat zijn pracht en praal verbergt onder de donkerbruine glans van soberheid. ‘Wat een rust, wat een kracht’, heeft een bezoeker in het gastenboek geschreven.

Door naar Eenum, een paar kilometer verderop. Deze kerk, nog ouder dan die van Oosterwijtwerd, is misschien wel het mooist gelegen godshuis van allemaal. Vanaf het Kerkpad op de wierde heb je, tussen de bomen door, een schitterend uitzicht over het Groningse land. Er is niemand, maar de deur is open. ‘Blied dat Joe der binn’n’, staat op een bord dat naast de preekstoel hangt. Het Arp Schnitgerorgel is hier een van de pronkstukken, maar dat zwijgt in deze tijden. Buiten wisselen zon en wolken elkaar af, binnen heerst vredige stilte.

Op het Godslam rust mijn ziele

Kerken nodigen uit tot zingen en even later wordt de rust in Eenum verbroken door een wankel gezongen Op het Godslam rust mijn ziele . Dat blijkt de soundtrack van deze dag. Een half uur later, in de al even verlaten Donatuskerk van Leermens, klinkt het nogmaals, nu al wat vaster van toon. Het repertoire wordt uitgebreid met Vervuld van uw zegen . Je moet toch wat nu kerkdiensten digitaal zijn en de gemeentezang wegens coronagevaar voorlopig nog ver weg is.

In Leermens is een wandeling rond de kerk een aanrader. Niet alleen om te kunnen genieten van de prachtige wierde, maar ook vanwege de grote hoeveelheid grafpoëzie op de dodenakker rond het godshuis. Naast veel godsvertrouwen tref je hier ook harde teksten aan. ‘Afgemat door hooge jaren/ uitgeteerd door ziekte en pijn,/ moest zij in den grafkuil dalen/ en een prooi der wormen zijn’. En: ‘Sta wandelaar en lees,/ wiens overschot hier zij,/ en denk er aan dit lot/ treft vroeg of laat ook mij.’

Hoogste tijd voor de tweede Groningse kerk van Het Grootste Museum, de Hyppolytuskerk in Middelstum. Ook daar is geen andere sterveling te bekennen. In aangename eenzaamheid worden gewelfschilderingen, middeleeuwse epitaaf, herenbank en preekstoel bewonderd. Wat een ongelofelijk mooie kerk is dit toch. Maar het zijn vooral de rust, de ruimte en de lichtval die indruk maken. Ze geven je als bezoeker het gevoel dat je hier in nietigheid deel uitmaakt van een alomvattend geheel, overweldigd door de eeuwigheid.

‘Houd moed, heb lief’

Na Middelstum gaat het over kronkelende wegen door het Groningse land naar de kerken in Stitswert en Usquert. Kerk in, kerk uit. De verleiding is groot om voor elke kerktoren die aan de einder opdoemt even een omweg te maken, maar de meeste godshuizen doen om vijf uur de deur op slot, dus de tijd is vandaag niet onbeperkt. Pieterburen is het volgende doel, want ook de Petruskerk hoort bij Het Grootste Museum van Nederland. En onderweg staan de kerkjes van Breede, Saaxumhuizen en Westernieland nog op het lijstje.

Na drie dichte kerkdeuren slaat de vrede van eerder op de dag om in lichte ergernis. Maar ook een rondje om de kerk lopen is de moeite waard. In Westernieland hangt een mededeling van de plaatselijke commissie bij ingang van het kerkterrein: ‘Vanwege corona-besmettingsgevaar is besloten om de kerk voorlopig dicht te houden.’ Begrijpelijk natuurlijk. ‘Houd moed, heb lief’, luidt de oproep onderaan het briefje. Dat klinkt toch net wat anders dan het ‘Let een beetje op elkaar’ van premier Rutte.

De deur is los in Eenrum

In Pieterburen mogen maximaal drie mensen tegelijk in de kerk, maar niet iedereen krijgt dat deze zaterdagmiddag mee. Hier zijn helaas de informatieborden van Het Grootse Museum, met uitleg over de bezienswaardigheden ter plekke, weggehaald. Dan maar even naar de website van de SOGK surfen, want daar staat een overdaad aan informatie. Blikvanger in de Petruskerk is de imposante uit hout gesneden triomfboog, die het koor van het schip scheidt. Ook de rouwborden die in het koor hangen zijn indrukwekkend.

Het vierde godshuis van Het Grootste Museum van Nederland, de Adelskerk in Midwolde, is vandaag geen haalbare kaart meer. Het is door al die andere kerkbezoekjes tussendoor inmiddels te laat om voor sluitingstijd Midwolde te bereiken. Die blijft staan voor een andere keer. Op de terugweg doemt de kerktoren van Eenrum op aan de horizon. Nog eentje dan. Bij aankomst is volgens het mededelingenbord de kerk gesloten, maar de deur is los. ‘Welkom bij Requiem ’, meldt een bord.

Anjet van Linge: een requiem van hout

Achterin de lange, sobere kerk is kunstenares Anjet van Linge uit Den Andel aan het werk. In het koor staan bijna honderd houtblokken opgesteld, die gezaagd zijn in de vorm van kruizen met gelijke armen. Het is een indrukwekkend beeld. ,,Ik ben hier drie dagen aan het werk”, vertelt Van Linge. ,,Eigenlijk is er, vanwege de coronacrisis, alleen bezoek op afspraak. Ik heb geen ruchtbaarheid aan dit project gegeven. Maar af en toe loopt er iemand naar binnen, zoals jij.”

De kruizen, die gemaakt zijn van verschillende houtsoorten, doen denken aan het Holocaustmonument in Berlijn, door de verschillende hoogtes van de kruizen en de hoeveelheid. ,,Het is eigenlijk gestart als Requiem voor een bos ”, vertelt Van Linge. ,,Maar toen kwam de coronacrisis en werd het een ander requiem. Ik besloot om vanaf 27 maart elke dag een nieuw kruis te maken, met een intentie erbij. Het kruis staat symbool voor stilstaan bij iets wat je verliest.”

Via Instagram reikten ook andere mensen ‘intenties’ of ‘gebeden’ aan voor bij de kruizen. Zo kreeg het kruis dat ze op 28 maart maakte van wilgenhout de boodschap ‘Voor hen die in slaap worden gehouden’ mee. ‘Leer ons nederigheid’, luidt het gebed bij een ander kruis. En bij het populierenhoutenkruis van 2 april staat: ‘Voor alles dat was, alles dat nu is en alles dat zal zijn’. Amen.

menu