Het erfgoed van Aarhus 2017

Eerst valt het niet op. Maar als je ’t eenmaal hebt gezien, blijft je oog er op kleven. Al moet je er de blik voor op de grond gericht houden. De tegels met de tekst ‘Aarhus 2017’. Sommige zebrapaden hebben die tekst ook.

Behalve die tegels is er met het blote oog verder niet veel te merken van Culturele Hoofdstad. Logisch, had Lene Øster van de organisatie eerder op de dag gezegd. ,,Het is december, dan is het geen weer voor buitenactiviteiten. Die hebben we eerder dit jaar wel meer gehad.” Toch is het vlagvertoon in Leeuwarden wel wat zichtbaarder dan die bescheiden stoeptegels. Al hebben die ook wel weer wat. Bottom up .

Het wordt vroeg donker in Aarhus, de tweede stad van Denemarken. Aarhus is dit bijna voorbije jaar Culturele Hoofdstad van Europa. Hier noemen ze het Ecoc, European capital of culture. Aarhus en achttien omringende gemeenten, moet ik zeggen. Daar legt de organisatie zelf met enig enthousiasme de nadruk op. De slotmanifestatie was vorige week zaterdag niet in Aarhus zelf, maar in de haven van Hvide Sande, een vissershaven aan de westkust, een kleine twee uur rijden verderop. Daar werd een spektakel van een dik half uur opgevoerd op en rond de boten, in de haven.

Maar in Aarhus is de boel goed te volgen. Een muur van een soort veevoerfabriek in het havengebied dient als een werkelijk gigantisch projectiescherm. Soms hapert de stream even, maar dat doet aan de grandeur niet af. En het mag koud zijn, en donker, maar de kade staat bomvol.

De mensen waren ook massaal, nog veel massaler bij de openingsmanifestatie, in januari. Die bracht zo’n 70.000 mensen op de been. Een enorm succes, hoor ik van alle kanten, een springplank, een spektakel dat de harten van de mensen verwarmde en meteen de lat hoog legde voor de rest van het jaar. Iets met goed begin, half werk. Je gunt het Leeuwarden ook, straks in het weekend van 26 en 27 januari.

INVESTERING

Rethink was het motto van Aarhus 2017. Of liever: de mindset , zoals men het zelf noemt. Ik ben op de koffie op het hoofdkwartier van de organisatie, in DOKK1: de nieuwe bibliotheek-en-meer, bij de haven. Dat het dit jaar niet alleen om Aarhus ging maar om de hele regio Midden-Jutland, Lene Øster heeft het geweten. Zij was dit jaar en, belangrijker nog, de afgelopen jaren vooral verantwoordelijk voor de contacten met die achttien gemeenten, en het programma aldaar.

Voor je al die gemeenten rond Aarhus aan boord hebt, gaat er heel wat werk in zitten, jaren werk. ,,Het was niet gemakkelijk”, verzucht Øster. ,,Dat kostte een boel gesprekken, discussies, energie.” De oplossing: een model bedenken, zodat de gemeenten niet het idee hadden dat ze opgeslokt zouden worden door ‘hoofdplaats’ Aarhus. Compleet met contracten, waarin het waterdicht en zwartopwit stond: de investeringen die de gemeenten deden, zouden alleen al op het niveau van het programma weer terugkomen. ,,Zodat hun geld niet naar Aarhus zou stromen. Dat was heel belangrijk om die gemeenten over de streep te helpen. En het was voor hen een goede investering. Dan hebben we het nog niet over mediawaarde, toerisme, langetermijneffecten. ”

Het is niet zo geweest dat alle programma-onderdelen buiten Aarhus enorme mensenmassa’s op de been brachten. Integendeel. Maar het gaat niet altijd om de rijen bij de kassa, om dat soort getallen. Verschillende dorpen doen mee aan het project Rethink The Village , in welk kader ze zelfs meedelen in een uitwisseling met dorpen in Friesland. ,,Ze zitten nu in een Europees netwerk. Dat is ook winst!” Ook verder zijn er allerlei samenwerkingsverbanden ontstaan - tussen de gemeenten en tussen de verschillende instellingen. ,,Dat is iets om op voort te bouwen, de komende jaren.” Allemaal legacy, erfgoed.

Rethink The Village wierp zijn schaduwen alvast vooruit naar Friesland. ,,Dy village fair dy’t se organisearren stelde net it measte foar”, zegt Jurjen van der Weg van de gemeente Leeuwarden. ,,Mar it giet om wat der efter sit, de útwikseling. It oare jier komme se by ús.”

De mensen van Leeuwarden-Fryslân 2018 weten die van Aarhus 2017 wel te vinden. Niet voor niets was er vanuit Friesland een delegatie van zeker twaalf koppen present bij de handover -ceremonie, een dag voor de afsluiting in het stadhuis van Aarhus. En daar was cultuurgedeputeerde Sietske Poepjes niet eens bij, ze was blijven steken in de sneeuw ten noorden van Hamburg. Een dag later in Hvide Sande was ze wel van de partij.

Er valt voor de Friezen veel te halen in Aarhus 2017. Een vergelijkbare schaal, de uitdaging om de regio erbij te betrekken. Het gemak waarmee het communiceren is met uitstekend Engels sprekende Denen, en zaken doen met lieden die gedreven worden door een soortgelijk, degelijk en punctueel ‘noords’ temperament. En het handige feit dat Aarhus een jaar op Leeuwarden voor ligt. Er zijn heel wat nuttige autokilometers gemaakt tussen Leeuwarden en Aarhus.

Een voorbeeld van een succesvol project buiten Aarhus is de zevendelige tentoonstelling Seven Deadly Sins , in evenzovele kleine musea in de regio (en nadrukkelijk niet in Aarhus zelf): een zonde per museum. Øster: ,,Dat was een nieuw partnerschap. Die musea gaan in de toekomst meer samenwerken, en nauwer. Ze waren eerst bang dat bij zoiets ze publiek van elkaar zouden wegsnoepen, maar het tegendeel bleek het geval. Bij sommige musea werden de bezoekerscijfers verdubbeld.” En er zijn meer van zulke succesverhalen. Maar: ,,Het epicentrum is Aarhus, en dat zal bij jullie in Leeuwarden niet anders zijn. Zo is het nu eenmaal.”

Spraakmakend in Aarhus zelf was bijvoorbeeld de openluchttentoonstelling The Garden afgelopen zomer. Vooral het onderdeel waarbij de Duitse kunstenares Katharina Grosse grote delen van een park, normaal gesproken netjes groen, verfde in vrolijk, haast snoepkleurig roze en wit. Met biologisch verantwoorde, afbreekbare kleurstof uiteraard, maar dat leverde nog heel wat discussie op: wat doen we toch met de natuur? En dat was precies de bedoeling. Øster: ,,Dat was een mooi voorbeeld van wat ons voor ogen stond: cultuur gebruiken om een debat op gang te brengen.” Operatie geslaagd.

BEREIDWILLIG

Het is druk op kantoor, een paar dagen voor het slotakkoord. Ik vraag me af wat al deze mensen in het nieuwe jaar gaan doen - solliciteren? Ongeveer de helft van de pakweg zestig mensen die bij de stichting werken heeft een tijdelijk contract, vertelt Øster. De andere helft, zoals zij zelf, gaan terug naar hun oorspronkelijke werkgevers: lokale en regionale overheden vaak, die hen bereidwillig uitleenden. ,,En we nemen de ervaringen en de kennis die we hier opgedaan hebben natuurlijk mee. En reken maar dat je heel wat kennis en competities opbouwt, in zo’n proces. Door het zo te doen, gaat al die kennis niet verloren.” Ook weer legacy .

Zijn de mensen trotser geworden op hun stad? Heeft dit jaar verschil gemaakt? Lene Øster: ,,Ik ben gesterkt in mijn geloof dat cultuur ertoe doet. Dat het niet slechts de slagroom op de taart moet zijn, maar dat het centraal staat. In de stad, in de relaties tussen mensen. De notie dat cultuur essentieel is, is na dit jaar wel ingedaald. Natuurlijk hoor je nog altijd het argument dat dat geld beter in armoedebestrijding gestopt zou kon worden. Mijn antwoord daarop is: dat maakt op dat niveau wel zo weinig verschil. Cultuurbudgetten zijn zo klein, maar je haalt er zo veel uit.”

Goed, met de lokale trots en steun is dus weinig mis. Maar op landelijk niveau lag dat anders. De nationale overheid kwam laat en moeizaam over de brug. En de landelijke media, stuk voor stuk gestationeerd in de verre hoofdstad Kopenhagen, negeerden de boel grotendeels - of stelden zich uitermate kritisch op. Øster: ,,Het was gemakkelijker om de internationale media hierheen te halen.” Maar de keerzijde, eerlijk is eerlijk: toen die internationale media hier eenmaal waren schreven ze eerder over de gevestigde instellingen als het AROS-museum en over de gezelligheid in de wijk Latinerkvarteret (’Quartier Latin’) dan over de verworvenheden van ‘Ecoc’.

Rina Valeur gaat namens Aarhus 2017 specifiek over de legacy. Ze is verantwoordelijk voor het document, met kobaltblauw omslag, waarin die legacy alvast is omschreven. Dat document kwam tot stand na intensieve gesprekken met zo’n honderd betrokkenen - toe, even niet dat woord stakeholders . Het verscheen mooi op tijd, al in maart. ,,Nu, maanden later, weten we meer over de structuren, waarin de legacy wordt verankerd, politiek gesproken”, zegt ze. ,,Compleet met een financiele basis.”

Vrijwilligers, ook zoiets. Je bouwt het Ecoc-programma op in de voorafgaande jaren, maar dan zijn er nog geen evenementen en dus heb je dan ook geen karrevrachten vrijwilligers nodig. In het jaar zelf, dan moet het knallen. ,,We hebben flink werk gemaakt van het vrijwilligersprogramma”, zegt Valeur. ,,Dat is niet vanzelfsprekend. We hebben een community opgebouwd, en dat werkte.”

CRUISESCHEPEN

Een van de taken van die vrijwilligers, of rethinkers in ‘2017’-jargon: het verwelkomen van de passagiers van de cruiseschepen, die met grote regelmaat aanleggen in de haven. Dat blijven ze doen, de komende jaren, sterker nog, grote delen van het vrijwilligersprogramma wordt overgedragen aan de stad. Nog sterker: Aarhus is volgend jaar Europese Hoofdstad van de Vrijwilligers. Ook legacy , dat.

Rethink , het motto: aan de ene kant net zo vaag als het iepen mienskip van Leeuwarden. Aan de andere kant: ,,dit jaar heeft de mindset van veel mensen veranderd”, zegt Valeur. ,,Bij de gemeente Aarhus zeker. Daar zijn ze echt anders gaan denken over organisatie en samenwerkingsverbanden. Met de verschillende culturele instellingen en ook met de regio. Dat is een belangrijk deel van de legacy.”

De meeste Ecoc-organisaties houden, na het jaar in kwestie, een kleine afdeling aan voor de afhandeling van die nalatenschap. In Aarhus gaat het anders. ,,Het doel van de stichting was om dit jaar op poten te zetten - het programma, de marketing, alles. Maar nu is het aan de stakeholders om de zaak verder te dragen. Zij gaven ons wat er nodig was om Ecoc te worden, en nu geven wij de zaak terug. Ze moeten het zelf doen, daar moet je niet een paar mensen apart voor in een kantoor zetten zonder veel budget.”

Nog een deel van die legacy, waar Rina zich mee bezig houdt: het vullen en overdragen van de website. ,,Het is, hebben we gemerkt, lastig om informatie te vinden over Ecocs. Daarom willen we zo veel mogelijk informatie en data toegankelijk maken, op een goed doorzoekbare manier. Zodat de relevante informatie niet in iemands bureaula blijft liggen, of op een verstofte floppydisc.”

Daar op het Aarhus 2017-kantoor zijn ze overtuigd van het succes van dit jaar, merk ik. Hoe ligt dat bij de Denen zelf? Ik zoek een paar mensen op die ik drie jaar geleden, toen het allemaal nog moest, ook sprak. Karen Qvist, manager van Frontløberne, een organisatie die zich bezighoudt met talentontwikkeling, was drie jaar geleden al erg terughoudend en ze is nog steeds niet overtuigd. ,,Ik geloof niet dat het allemaal leefde bij de gewone man”, stelt ze. ,,Ik denk niet dat het hun harten geraakt heeft. Bij de mensen die ik ontmoet hoor ik vooral teleurstelling. Maar wat verwachtten ze eigenlijk? Misschien te veel. Daar zou eens een analyse op losgelaten moeten worden.”

TELEURGESTELD

Zelf is Qvist ook teleurgesteld. ,,Ik heb niet het gevoel dat ik erbij hoor. Ik had gehoopt dat ik nieuwe dingen zou tegenkomen, zonder dat ik erom moest zoeken. Je moest er echt werk van maken, het programma bestuderen. Vantevoren geïnteresseerd zijn. Nu ben ik dat wel, ik werk in het culturele veld, mijn man is theaterdirecteur en ik woon in het hart van de stad. Maar het idee dat er echt iets bijzonders gebeurde? Dat heb ik maar een paar keer gehad.” Het grootste deel van het programma, zegt ze, komt van de reguliere instellingen. ,,Die hadden nu een hoger budget. Prima, maar dat is niet wat rethink moet zijn.”

Qvist is ook betrokken bij het Off Track-project, bedoeld voor jonge culturele ondernemers. Dat werd ondersteund door Aarhus 2017, ,,maar met een miljoen kronen (zo’n 150.000 euro, red.) begin je niet veel. Niet veel zichtbaars, in ieder geval.” Aarhus is niet de enige Culturele Hoofdstad die ze meemaakte. In 1996 werkte ze bij de organisatie van Kopenhagen, toen die Cuturele Hoofdstad was. ,,Daar zijn verschillende gebouwen en podia gebouwd, wegens dat jaar. Dat zijn dingen die mensen kunnen aanwijzen, zo van: dat hebben we aan Ecoc te danken.”

Natuurlijk, er moet maar net behoefte aan zijn, en qua culturele infrastructuur is Aarhus goed voorzien. Dat ziet ook Jesper Mardahl van Promus, een bureau voor de promotie van lokale muziek dat nauw samenwerkt met enkele festivals. Hij woonde destijds in Kopenhagen, toen een arme stad op de rand van bankroet. ,,Dat jaar had je niet echt het idee dat er iets aan de hand was. Maar na dat jaar was een nieuw elan in de stad. En nieuwe speelplekken. Vega, een concertzaal waar druk geprogrammeerd wordt, was er zonder Ecoc niet geweest.”

Aarhus is een echte muziekstad, een popstad. En niet sinds vandaag of gisteren, echt al decennia lang. ,,Dat zag ik in het programma niet terug. Dat vind ik een gemiste kans. De bands, de festivals: die hebben al verschillende gezonde samenwerkingsverbanden. Daar had men mooi gebruik van kunnen maken. Maar aan de andere kant: zo veel heeft de muziekscene er hier niet bij te winnen. Die is immers al kerngezond.” Als ‘goedmaker’ was er afgelopen zaterdag, als onderdeel van de feestelijke afsluiting, wel een gratis festival: zo’n 75 bands en acts, voornamelijk uit de buurt, die er op verschillende podia samen met de mensen van Aarhus een flink feest van maakten.

ZELFVERTROUWENS

Wat viel er nog meer te winnen? Karen Qvist: ,,Ik hoor van verschillende mensen dat ze nieuwe mensen hebben leren kennen, nieuwe samenwerkingen zijn aangegaan, ook over de grens. Mee daardoor hebben ze een groter zelfvertrouwen gekregen. Dat is goed, dat is ook legacy. Zie je, ik ben niet alleen maar negatief! Er zijn beslist deuren geopend, maar ook voor de gewone man? Ik weet het niet, ik denk het niet.”

De uithoeken van het culturele leven, de ‘underground’, de onafhankelijke initiatieven van onderop: Qvist blijft vinden dat die niet genoeg aandacht hebben gekregen. Dat was precies waar Adrian Fey bang voor was, toen ik hem drie jaar geleden sprak. Gefrustreerd was hij ook, omdat hij maar moeilijk een voet tussen de deur kreeg. Hij leverde zelfs de kop van mijn verhaal van drie jaar geleden: De grote 8 versus de kleine 800 , de gevestigde kunstinstellingen tegen de aanstormende, in netwerken opererende entrepeneurs.

Daar is Adrian er een van, met zijn bedrijf Culture Works - marketing en organisatie van verschillende festivals, dat soort dingen. Maar hij is toch aardig bijgedraaid,met reserves weliswaar. Hij heeft Martin Thim bij het gesprek gevraagd, ook al zo’n entrepReneur in de weer met festivals, duurzaamheid en dergelijke. Hij werkte bij WorldPerfect, een bedrijf dat doet in duurzaamheid en een model dienaangaande ontwikkelde dat ook in Leeuwarden wordt toegepast. En dit jaar organiseerde hij, met Adrian, onder de 2017-vlag, een nieuw soort congres: Creativity World Forum. Een groot succes, hoor ik van alle kanten.

,,De grote acht en de kleine 800 zijn dichter bij elkaar gekomen”, zegt Adrian. ,,Ze zijn zich er nu bewust van dat wij bestaan, en dat wij iets te bieden hebben. De groeilagen zogezegd. Dat heeft dit jaar beslist bewerkstelligd, al had er meer aandacht voor moeten zijn. Het is nu wel zaak om dat momentum vast te houden. Anders zijn we binnen de kortste keren weer waar we tien jaar geleden waren.” Martin Thim is daar niet zo bang voor. ,,Er is genoeg in gang bezet. Dat draai je zo snel niet terug. We zijn er zelf bij, tenslotte.”

We praten over de ambitie van de Aarhus-organisatie, dat 75 procent van de inwoners zich bewust moet zijn van het Culturele Hoofdstad-fenomeen - en 60 procent moet er trots op zijn. Een bescheiden ambitie eigenlijk. Adrian denkt dat dat bij ons beter zou kunnen aflopen. ,,Leeuwarder is kleiner dan Aarhus”, filosofeert hij. ,,Ik denk dat de mensen daar juist om die reden eerder geneigd zijn om alle zeilen bij te zetten. Hier nam men het eerder als vanzelfsprekend aan.”

ADRENALINESTOOT

Hij vertelt over de even langlopende als gekscherende discussie in Aarhus: zijn we een van de grotere van de kleine steden, of een van de kleinere van de grote steden? Het kleine, onooglijke, altijd achtergestelde broertje van Kopenhagen? ,,Ik denk dat je beter het eerste kunt zijn. Hoe groter de stad, hoe minder actief burgerschap, hoe minder korte communicatielijnen, hoe minder warmte tussen de mensen. We durven onszelf te zijn, we hoeven niet meer zo nodig op Berlijn te lijken of zo. Alle aandacht is goed geweest voor ons zelfbeeld, voor onze trots, voor onze identiteit. Daar kunnen we jaren op teren. Het was een adrenalinestoot voor de stad. Al hadden we er meer uit kunnen halen, is mijn overtuiging.”

Martin en Adrian waren in Paphos, op Cyprus - dit jaar ook Culturele Hoofdstad van Europa. Daar werden ze getroffen door het gebrek aan middelen en infrastructuur. Er is niet eens een theater. Maar de mensen deden wel mee. Wat dat betreft vinden ze het publiek in Aarhus eigenlijk maar verwend. ,,Ik heb het niet over, laten we zeggen, die gewone man”, zegt Martin. ,,Maar de mensen om ons heen, die werken in de creatieve industrie, en die dan zeggen dat ze er niet veel van gemerkt hebben... Die waren te beroerd om eropuit te gaan. Je moest je er wel voor openstellen, naar dingen toe gaan. Dan raakte je wel geïnspireerd.”

En die inspiratie kon uit onverwachte hoeken komen. Martin vertelt over Røde orm , het grote Viking-‘openluchtspel’ bij het Moesgaard-museum, even buiten Aarhus. ,,Dat raakte me echt, tot mijn stomme verbazing eigenlijk. Dat ging over wie we eigenlijk zijn, als mensen, als land. Over waarden als democratie en vrijheid, dingen die erg belangrijk zijn in de wereld van vandaag. En dat gold voor veel meer evenementen. Daarom was het goed dat dit gebeurde. Andere mensen ontmoeten, andere culturen, je realiseren hoe verschillend we zijn en toch hetzelfde. Dat is erg belangrijk.”

Ja, ik hoorde iedereen het hele weekend over dat openingsspektakel. Dat dat zo’n goede start was, dat dat de mensen meteen in de juiste, optimistische stemming bracht. Maar daar zit ook een achterkant aan, denkt Adrian. ,,Dat was een gratis stuk taart, dat iedereen meegriste. Maar vervolgens voelden de mensen niet meteen de verplichting om verder te participeren.” En Martin vindt dat de lokale kunstenaars toch te weinig van dit jaar geprofiteerd hebben. ,,Daar hadden ze meer mee kunnen doen. Als je toch de internationale aandacht hebt...”

Hé, klinkt dat niet bekend? Als dat een parallel is met hoe het bij ons gaat, dan zijn er hopelijk meer, Zoals deze. Bedrijven, zegt Martin, zijn na dit jaar veel meer geneigd om in cultuur te investeren, nu ze gezien hebben wat er op dat vlak mogelijk is. ,,Ook dat is legacy .”

Wat belangrijker is, en hij is al de zoveelste die iets soortgelijks zegt: ,,Dat mensen zijn gaan samenwerken in nieuwe constellaties. Mee daardoor zijn ze ambitieuzer geworden. Ze leggen de lat hoger. We kunnen nu mee op een internationaal niveau, als we ons beste beentje voortzetten. Dat gevoel. Misschien is dat wel rethink . Er zijn beslist dingen veranderd, verbeterd.”

ONTMOETINGSPLEK

De dag na de feestelijke afsluiting wandel ik door het havengebied. Ik kom langs een groot, koepelvormig paviljoen van hergebruikt hout, een überhippe look die we kennen van dito festivals. Het is de Dome Of Visions, een ontmoetingsplek, hoor ik, waar zich van alles afspeelt. En eigenlijk een officieus, maar niet minder rechtstreeks gevolg van Aarhus 2017, dat dus, misschien per ongeluk, toch meer tastbaars heeft opgeleverd dan alleen stoeptegels.

Als me de afgelopen dagen iets duidelijk is geworden, is het dit: zo’n Ecoc-jaar, zo’n Culturele Hoofdstad-jaar brengt beslist iets teweeg, laat iets achter. Met bedoelde, onbedoelde en minder bedoelde effecten. Maar je moet er zelf wat van maken, wil je er iets uit halen. Niks komt aangewaaid, niet aan de aanbodkant en niet bij de gewone man. Het wordt hard werken.

De volgende dag rijd ik de stad uit, richting Leeuwarden. Aarhus ligt er fraai bij. Een sympathieke stad, die het Culturele-Hoofdstad-jaar feestelijk heeft afgerond en er sterker, trotser uit is gekomen.

menu