Meer dan zeventig dichters in de Prinsentuin: 'Een gedrang om er tussen te komen'

Voor Dichters in de Prinsentuin, 'het grootste openlucht-poëziefestival van West-Europa' komen vrijdag, zaterdag en zondag meer dan zeventig dichters naar Groningen. Onder wie Ânne de Jong en Iduna Paalman.

Onder het motto 'goede buren' haalde de festivalorganisatie vorig jaar naast Nederlanders ook Friezen, Duitsers en Belgen naar Groningen. Dit jaar komen er opnieuw buren over de vloer. Uit Engeland.

Met als gevolg dat vrijdagavond bij de Puddingfabriek onder de noemer 'May you live in interesting times' drie Britse dichters hun opwachting maken naast vijf Nederlandstalige dichters.

Het naderende einde der tijden

Zodat Hassnae Bouazza zaterdagavond in LOLA050 in het Engels met Verity Spott, Juha Virtanen, Dean Bowen en Obe Alkema kan praten over actualiteit en poëzie. Over brexit, over hoe Doggerland verdween door het veranderende klimaat en misschien ook wel over het naderende einde der tijden.

Wie daar niet genoeg aan heeft, kan als vanouds terecht op het gratis toegankelijke theeveld en in de loofgangen van de Prinsentuin.

Waar dit keer zaterdagmiddag onder onder anderen Babs Gons, Renée Luth, Astrid Lampe, Jonathan Griffioen, Gerardo Insua Teijeiro en Wibo Kosters voordragen. En zondag dichters als Roelof ten Napel, Anne Vegter, Edward van de Vendel, Yanni Ratajczyk, Mischa Andriessen en Richard Nobbe aantreden.

Via de radio alsnog aan de poëzie

Ânne de Jong, van wie de eerste letter in zijn voornaam moet worden uitgesproken als de tweede lettergreep van 'trombone', heeft eerder op Dichters in de Prinsentuin gestaan. Dat was bij het verschijnen van zijn eerste dichtbundel Nu we hier zijn in 2014. Mede dankzij zijn net verschenen tweede bundel, Kerven , keert hij terug.

,,Het is een gedrang om er tussen te komen", vertelt De Jong (Scharnegoutum, 1948) over zijn plaats op het festivalprogramma. ,,Zeventig dichters. Bekende namen en mensen die nieuw zijn. Het was in mijn nadeel dat ik er eerder heb gestaan. Het was in mijn voordeel dat de programmeur een zwak voor mijn gedichten heeft. Ik heb geluk gehad."

Uiteenlopende onderwerpen, samenhangende ondertoon

34 gedichten telt Kerven . ,,Ik had er zo'n vijftig geschreven, niet alles is door de leescommissie en de redactie gekomen. Het verschil met mijn debuut is dat het consistenter is. De onderwerpen lopen nogal uiteen, maar de ondertoon is meer samenhangend. Dit is een oogst van de afgelopen vijf jaar. In Nu we hier zijn staan gedichten die wel twintig jaar eerder waren geschreven."

Kerven is geschreven vanuit de gedachte dat rituelen, ook al zijn ze duizenden jaren oud en kennen we de betekenis niet meer, nog steeds worden toegepast. ,,Sinds de mens op de wereld is, probeert hij antwoorden te vinden op vragen die bezighouden. Is er een God? Is er een mogelijkheid van hergeboorte? Onze taal komt voort uit vragen bij rituelen."

'Het is oermenselijk om iets vast te leggen'

Het titelgedicht verwijst naar tekeningen van mensen, boten en zonnen die door kustvolkeren in Scandinavië op rotsen zijn gemaakt. ,,Ze deden dat om te kunnen omgaan met leven en dood, met het hiernamaals", vermoedt De Jong. ,,Om vast te leggen, zodat het later misschien herkend kan worden. Het is oermenselijk om iets vast te leggen en te willen nalaten."

Na zijn studie geografie werkte De Jong bij de Gasunie in Groningen, waar hij zich onder meer bezighield met de verkoop van techniek en gashandel met Duitsland. Het serieus schrijven van gedichten begon eind jaren tachtig na het horen van een radioprogramma waarin de dichter Jelle Kaspersma werd aangekondigd.

,,We hadden les van dezelfde leraar Nederland, Van Aken op het Bogerman Lyceum in Sneek. Vorig jaar is Kaspersma overleden, hij heeft vijftien bundels geschreven. 'Hij wel', dacht ik toen ik hem op de radio hoorde. Daarop ben ik schrijflessen gaan volgen bij Remco Ekkers en C.O. Jellema. Rik Andreae heeft mij in contact gebracht bij uitgeverij Monnier."

Onderscheid tussen theoretische en emotionele kennis

Hij vertelt hoe mijnheer Van Aken hem het onderscheid bijbracht tussen theoretische kennis en emotionele kennis. ,,Het is goed om te weten dat water H2O is, ook omdat iedereen dan begrijpt waar je het over hebt. Maar die kennis staat in geen vergelijk met wat we ervaren als we op een hete dag in het frisse water springen. Poëzie put juist uit dat soort emotionele kennis."

De Jong schrijft gedichten omdat het hem de mogelijkheid tot onderzoek biedt en tegelijkertijd rust geeft. ,,Verdieping en troost", vat hij samen. ,,Het is een enorme inspanning. Ik ben soms maanden bezig met een gedicht. Maar het geeft een enorme voldoening, al zie ik wel de betrekkelijkheid ervan in."

Hij vervolgt: ,,Het geweld dat ons omgeeft, op aarde en in het heelal, dat is gigantisch. Als je daar bij stilstaat... En als je bedenkt hoe wij als mensen bezig zijn onder de dunne schil die onze planeet omringt... Dan is het goed om te weten dat er permanente rituelen bestaan waar we al eeuwen op terugvallen."

Talent, docent en opnieuw debutant

Het wordt de tweede keer dat Iduna Paalman (Rolde, 1991) optreedt tijdens Dichters in de Prinsentuin. Negen jaar geleden stond ze er als winnaar van Doe Maar Dicht Maar. Zaterdag staat ze er als aankomend debutant. Op 20 september verschijnt bij uitgeverij Querido haar eerste dichtbundel, De grom uit de hond halen.

En ook dat is niet haar debuut. Want in 2012 verscheen van haar hand bij Lemniscaat een bundel korte verhalen, Hee maisje! Nadien voltooide ze in Amsterdam haar studie Duitse taal en cultuur, deed ze een master Duitse geschiedenis, haalde ze een lesbevoegdheid en kreeg ze een parttime baan als docent Duits op een middelbare school in Haarlem.

‘Ik geef les en daarnaast schrijf ik’

,,Ik probeer mijn werkzaamheden zo te verdelen dat het fiftyfifty is”, vertelt Paalman. ,,Het schrijven ontwikkelt zich sterk, zeker nu ik een dichtbundel mag publiceren. Maar het is nog niet zo dat ik er de rekeningen van kan betalen. Dus ik zeg op feesten en partijen: ‘Ik geef les en daarnaast schrijf ik’. Het liefst zou ik willen dat het andersom was.”

Ze was 21 toen Hee meisje verscheen. ,,Ik had veel schrijfideeën, maar ik durfde niet echt. Dat veranderde toen ik in 2016 met een kort verhaal de Lowlands Schrijfwedstrijd won. Daarna kwamen allerlei uitgeverijen op mij af. Heel overdonderend en verwarrend. Overdag struggelde ik met pubers, omdat ik net was gaan lesgeven. Aan het einde van de dag mocht ik in grachtenpanden doen alsof ik schrijver was."

Gedichten over omgaan met dreiging

Veel gedichten in De grom uit de hond halen gaan over omgaan met dreiging, vertelt ze. ,,De angst voor dreiging, het voorkomen van dreiging. Op persoonlijk vlak, maar ook maatschappelijk. Aanvankelijk was ik een beetje bang dat mijn bundel het een soort best of van de afgelopen vijf jaar zou worden. Ik wilde er graag een eenheid in.”

Die vond ze met behulp van onder anderen Edward van de Vendel, sinds Hee maisje! een mentor, maar inmiddels ook een goede vriend. ,,Samen kwamen we er achter dat het omgaan met dreiging de onderliggende deler in mijn gedichten is. Blijkbaar had ik niet in het wilde weg gedichten geschreven, dat was best een opluchting.”

Een mix van vertrouwd en nieuw

De voorbereiding voor Dichters in de Prinsentuin speelt zich vooral in haar hoofd af. ,,Ik heb afgelopen maanden best al wat mogen voordragen. Daardoor weet ik een beetje welke gedichten geschikt zijn. Afgelopen week bedacht ik ineens dat het juist goed zou zijn om gedichten te doen die ik nog niet heb voorgedragen. Het zal uiteindelijk wel een mix worden van vertrouwd en nieuw.”

Zelf kijkt ze uit naar het optreden van Radna Fabias. ,,Ik hou erg van haar poëzie en snap heel goed dat er een prijzenregen over haar is uitgestort. Ik heb haar wel eens ontmoet, maar haar nog nooit horen lezen. Dus daar ben ik nieuwsgierig naar.”

Dichters in de Prinsentuin beleeft komende weekeinde de 22ste editie. Voor het complete programma met alle tijden, namen en locaties zie www.dichtersindeprinsentuin.nl

menu