Museumtest: Kornwerderzand, de plek waar Nederland (kort) standhield

Kazemattenmuseum Kornwerderzand. Foto: Niels de Vries

Het Noorden telt tientallen bijzondere musea, klein en groot. Cultuurredacteuren leggen een aantal ervan langs de meetlat. Wat valt op? Wat valt tegen? Hoe doen ze het? Vandaag het Kazemattenmuseum in Kornwerderzand.

De kazematten bij Kornwerderzand zijn ,,de enige plaats in Europa, waar de Duitse opmars in mei 1940 tot staan werd gebracht’’, zo leert de geschiedenis. ,,En daar zijn we best trots op’’, zegt medewerker Henri Meijering van het Kazemattenmuseum in Kornwerderzand. De bunkers aan het Friese uiteinde van de Afsluitdijk zijn nog altijd het stevige bewijs én symbool van onverzettelijkheid.

loading

De naam 'Wanhoop' is niets voor niets

De vooroorlogse verdedigingswerken van Nederland stelden verder weinig voor. In de Eerste Wereldoorlog was Nederland neutraal, en het voornemen was om zich niet in een tweede oorlog te mengen.

Om de Afsluitdijk te beschermen tegen mogelijke vijandige aanvallen uit het oosten waren in 1939 in de Wonsstelling alleen enkele eenvoudige veldversterkingen van hout en aarde gebouwd. Het was de bedoeling deze later, als er geld beschikbaar was, te vervangen door kazematten van beton.

Deze ‘stellingen’ bij Wons en Zurich, even ten oosten van de Afsluitdijk, boden maar heel weinig dekking aan de soldaten. Het is niet voor niets dat de kazematten in deze Wonsstelling de naam ‘de Wanhoop’ kreeg. In het Kazemattenmuseum is zo’n kazemat nagebouwd. (lees verder onder de foto's)

loading

loading

Animatie over de meidagen van 1940

Het museum biedt met een wandeling over het terrein een chronologisch overzicht van wat zich hier voor, tijdens en na de oorlog afspeelde. Dat begint bij de Nederlandse situatie vóór de oorlog tot een uitgebreide toelichting op de Duitse invasie. In een moderne animatie is te zien hoe Nederland in de meidagen van 1940 probeerde de Afsluitdijk te verdedigen, onder meer met inzet van de Hr. Ms. Johan Maurits van Nassau.

Na het bombardement op Rotterdam gaf Nederland zich over. De Duitsers hadden eerst geen interesse in de kazematten, waarin het geschut gericht stond op het oosten. Na verliezen in Rusland en Noord-Afrika besloten ze echter de stelling op Kornwerderzand te versterken.

Ze bouwden er onder meer drie bunkers bij, als onderdeel van de Atlantikwall. Deze verdedigingslinie liep langs de kust van het noorden van Noorwegen tot de Frans-Spaanse grens.

Ook kwam er een manschappenverblijf, want de Duitse soldaten waren niet gehuisvest in de kazematten. In dit Duitse manschappenverblijf is nu de film te zien over de acties van kanonneerboot Hr. Ms. Johan Maurits van Nassau.

loading

Wie dat wil kan het wapentuig horen

Kanonkazemat VI is de grootste. Hierin bevinden zich twee kanonkamers, een manschappenverblijf, twee opstelruimtes voor de veld-affuit, een commandopost en een observatiepost.

De kelder bevat onderofficierenvertrekken, een manschappenverblijf, drie munitiekamers, twee regenwaterputten en twee toiletten. Hierin is nu een wapenkamer ingericht, waar publiek door op een knop te drukken toelichting krijgt bij het wapentuig van de Nederlanders, Duitsers en Canadezen. Wie dat wil, kan ze zelfs horen. Verder zijn hier exposities over de luchtoorlog rond het IJsselmeer en over de bevrijding.

Toch min of meer verrassend is de expositie over de Koude Oorlog. ,,Van 1952 tot 1962 was dit een soort NAVO-basis’’, vertelt Meijering. Toen waren de gebouwen dus nog in gebruik, maar tot 1985 bleef het er stil. Rijkswaterstaat wilde de kazematten daarom afbreken of met zand afdekken.

Daartegen kwamen het Fries Verzetsmuseum en de Stichting Menno van Coehoorn in het geweer, en werd het initiatief geboren om op deze plek een museum te beginnen. Meijering: ,,Dit is de enige plek waar je nog kunt laten zien hoe het is geweest, op de plek zelf. Van de Wonsstelling, verderop, is niets meer over.’’

loading

Complete restyling in 2016

In het begin was er maar één kazemat geopend. In de loop der jaren werden ook de andere voor publiek toegankelijk gemaakt en kwamen er meer exposities bij en voorwerpen in de collectie. In 2016 is begonnen met een complete restyling.

Eerder al kwam een nieuw bezoekerscentrum, in vorm geïnspireerd op het manschappengebouw. Allerlei films werden vernieuwd tot gelikte animaties, waarin situaties digitaal zijn nagebouwd en tekeningen van soldaten de gebeurtenissen persoonlijker en aangrijpender maken.

Alle exposities zijn gemoderniseerd en in een strakke huisstijl gegoten. Bijzondere voorwerpen zijn nu mooi (en stofvrij) gepresenteerd.

loading

Verhalen werden sergeant-majoor te veel

Overigens krijgt het museum nog altijd objecten. ,,Onlangs kregen we een uniform van sergeant-majoor Bauke de Jong die op de Wonsstelling lag. Vluchtende soldaten uit het Oosten van het land vertelden de vreselijkste verhalen, onder meer dat Assen zwaar was gebombardeerd. Het gezin van De Jong woonde in Assen en de verhalen werden hem teveel.’’

De Jong schoot op een burger en een soldaat, die gewond raakten. Hierna werd hij door Nederlandse soldaten neergeschoten. Hij overleed aan zijn verwondingen. Na het overlijden van een dochter van De Jong, vond zoon Bauke een uniform in dozen op zolder. ,,Dat paste het beste in dit museum, vond de familie.’’

Meer mensen helpen het museum aan voorwerpen en verhalen. Onlangs kreeg het nog een geheel intact Duits EHBO-kistje uit de oorlogstijd. Familie van cabaretier Jochem Myjer schonk een helm, een officiersstokje en een veldkijker van Jochems opa.

,,En de vader van sportjournalist Henk Spaan was hier sergeant’’, vertelt Meijering. Behalve voorwerpen levert dat ook altijd nieuwe verhalen op. ,,Maar de spullen moeten wel een relatie hebben met wat hier gebeurd is, anders willen we ze niet hebben.’’

loading

menu