In de voorstelling Lost Tango kijkt een van drie zussen (Damar Slagmolen) letterlijk en figuurlijk neer op haar afkomst. Foto Nichon Glerum

Muziektheater 'Lost Tango' was het hoogtepunt van Oerol (en is na de zomer in Groningen te zien)

In de voorstelling Lost Tango kijkt een van drie zussen (Damar Slagmolen) letterlijk en figuurlijk neer op haar afkomst. Foto Nichon Glerum

Via Berlin bestaat tien jaar en speelt met Orkater en het Ragazze Quartet Lost Tango . Bandoneonist Carel Kraayenhof en zijn trio doen mee. De voorstelling komt na de zomer naar Groningen en Leeuwarden. Op Oerol is het een hoogtepunt.

Hiep hiep hoera, schalt het van de tribune bij Via Berlin/Orkater/Regazze Quartet. Er is nog geen seconde gespeeld. De geluidsman is jarig en dat is bij de entree op een lichtkrant te lezen geweest. Feliciteren wordt aangemoedigd. Benieuwd of dat alleen deze dag geldig is. Wie weet is het een grap en is hij hier dagelijks jarig. Niet doodchecken.

Sla uw slag

De felicitatie kan net zo goed tot Via Berlin gericht zijn. Het muziektheatergezelschap bestaat tien jaar. Het is opgericht door actrice Damar Slagmolen en violiste Rosa Arnold, die in Berlijn een nieuwe vorm van muziektheater onderzochten. Vandaar. Begonnen onder de vleugels van Orkater werd het in 2013 zelfstandig, maar bleef wel nauw met Orkater samenwerken. Soms ook met het Cello8tet, en nu, in Lost Tango , met de vier vrouwen van het Regazze Quartet. Om het lustrum te vieren gaat Via Berlin voor het eerst op grotezalentournee met deze voorstelling. Ook naar Groningen en Leeuwarden.

Sla uw slag, want dit is een van de hoogtepunten van Oerol. Je kunt dat haast van tevoren wel opschrijven. Dat is Via Berlin immers altijd. Voor Lost Tango is ook nog Carel Kraayenhof met zijn trio aangetrokken, de Nederlandse koning van de bandoneon.

Ontroerend, maar ook humoristisch

Je hoeft geen Máxima te heten om ontroerd te raken. Lost Tango is prachtig. Vol melancholie en vergankelijkheid maar ook humoristisch, met scherpe teksten van Sophie Kassies. Kraayenhof is, gezeten in een rolstoel, de door een beroerte getroffen eigenaar van tangoboot Esperanza, die misschien niet letterlijk zinkt maar figuurlijk wel. Zijn ene dochter (Meral Polat, schitterende zangstem) houdt de tent al redderend overeind, inclusief een blind en ‘debiel’ zusje, dat gelukkig nog wel mooi viool speelt, dat treft.

In de salon is alles wit, de stoeltjes, de kostuums, ook die van de twee dansers en de showtrap die er speciaal staat voor de derde zus (de scherpe Slagmolen). Zij is een arrogante tante, vertrokken naar de jetset, en heeft zich het egocentrisme eigen gemaakt. Vanaf de trap letterlijk en figuurlijk neerkijkend op haar afkomst, komt de hittepetit haar zus en vader overhalen om het aanstaande wrak te verkopen aan een rijke Mexicaan die ze heeft ontmoet. Met heerlijke zinnen als ‘je moet het ijzer smeden voor het schroot is’ en ‘de wereld wordt een betere plek als iedereen aan zichzelf denkt’.

Denk erbij dat dit in een duinkom speelt, fantaseer even de prachtige tangoklanken van het trio en het kwartet – met ragfijn geluid dankzij de jarige job – en je weet waarom mensen naar Oerol gaan. Het is een beetje buiten de orde van de thematiek, dat het spul nog een blije tango als toegift doneert, maar ach, iedereen heeft zich de handen toch al blauw geklapt. Toe maar.

Wandelvoorstelling

Naast de duinkommen ook helemaal Oerol is een wandelvoorstelling met koptelefoon, of in het geval van Theater Rotterdam/Boogaerdt/Van der Sloot je eigen mobiel, met een gedownloade podcast. Walk of Things is het eerste deel van een drieluik over de stand en de toekomst van de aarde. Je loopt over een met schapen bezaaide dijk aan de Waddenkant, op het oostelijk deel van Terschelling, twee kilometer heen, twee terug. In de podcast komt de natuur aan het woord: de zee heeft ultrapoëtische teksten, en zelfs de wurm die de grond vruchtbaar woelt.

Aan het einde krijg ik de vraag wat ik ervan heb gevonden. Ik moet eerlijk zijn. Het is de zoveelste koptelefoonwandeling die me bewust wil maken van de omgeving. Ik kan dat inmiddels beter zonder. Of met de hond. Er is hard gewerkt aan de tekst, dus ik schaam me enigszins te zeggen dat ik het laatste deel heb gelopen met Nick Cave’s The Boatman’s Call , via Spotify.

Mensachtige wezens

Het tweede ‘luik’ is de bijzondere installatie Wasteland , in een loods. Het betreft een vierkanten biotoop, een kas, waar het publiek ook in een carré omheen zit. In de kas is een jungle met wat mensachtige wezens. Dat loopt fout – het is de aarde in microvorm.

Dat foutlopen wordt domweg eng, als schermen voor het glas zakken en we agressieve filmprojecties zien van nare, buitenaards ogende wezens en robotachtigen, die in horrorsfeer een blakerende puinzooi achterlaten.

Deel drie?

Persoonlijk heb ik niks met science fiction en horror, wat niet helpt. Hier moet je je aan overgeven, anders werkt het niet. Er zijn in het publiek tijdens deze speelbeurt niet veel mensen die dat volledig kunnen. Er wordt nadien flink gemopperd op dit hyperexperiment, ook al is het slot optimistisch, met een herschepping van de wereld daarbinnen, via ingenieuze en ook komische apparaten. En deel drie? Dat volgt.

menu