Zondag 24 november 2019 opent Barbizon van het Noorden in het Drents Museum. De expositie loopt tot en met 22 maart 2020.

Barbizon van het Noorden: de herontdekking van het landschap in het Drents Museum

Zondag 24 november 2019 opent Barbizon van het Noorden in het Drents Museum. De expositie loopt tot en met 22 maart 2020. Foto: Marcel Jurian de Jong

Het Drents Museum gaat de winter in met een groot overzicht vol schilderijen, prenten en tekeningen waarin het Drentse landschap centraal staat: Barbizon van het Noorden .

’Deze tentoonstelling hadden we 20 jaar geleden niet kunnen maken”, zegt museumdirecteur Harry Tupan over Barbizon van het Noorden, een groot overzicht met schilderijen die tussen 1850 en 1950 in Drenthe zijn gemaakt. ,,Er is iets veranderd. Bij het publiek, bij de critici, maar ook binnen het museum.”

Wat dan? Waarna Tupan vertelt over de herwaardering van schilderkunst die aan ‘de regio’ is verbonden. ,,In de jaren 80 maakte ik als conservator ook een tentoonstelling over het Drents landschap. Daar kwam bijna niemand op af. Het onderwerp werd gezien als oubollig en clichématig.”

Nee dan nu. Vorige week opende in Breda een expositie over het schildersdorp Dongen. Bij uitgeverij Wbooks loopt een reeks met kijkboeken over Laren, Bergen, Nunspeet, de IJssel en Staphorst. ,,De kwaliteit van de schilders die naar die dorpen trokken om het landschap vast te leggen wordt anders ingeschat.”

Er heeft een omslag plaatsgevonden, constateert Tupan. ,,Ik zie het bij onszelf. Wij hebben het binnen het museum over Drenthe first . Wij laten ons voorstaan op het belang van de hunebedden en op de vondst van de oudste boot ter wereld. Wij willen uitdragen dat ons verhaal ook een nationaal verhaal is.”

De ontdekking van het Drentse landschap

Zondag gaat Barbizon van het Noorden open voor het publiek. Ondertitel van de tentoonstelling: De ontdekking van het Drents landschap. Aan de hand van 115 tekeningen, prenten en schilderijen wordt in het museum verteld hoe Drenthe in de 19de eeuw in beeld raakte bij kunstschilders en dat nadien ook is gebleven.

Samensteller van Barbizon van het Noorden is hoofdconservator Annemiek Rens. Geheel tegen de gewoonte van het Drents Museum in hoefde ze voor de werken nu eens niet het land uit. Ze kon terecht in het eigen depot en terugvallen op onder meer de Drentse Meestercollectie, waarvoor vorige week – samen met het Van Goghmuseum – nog een schilderij van Van Gogh werd aangekocht: Onkruid verbrandende boer .

loading

Buiten schilderen, naar de natuur

De tentoonstellingstitel verwijst naar het plaatsje Barbizon, niet van Parijs, waar in de eerste helft van de 19de eeuw schilders als Corot, Millet, Rousseau en Daubigny neerstreken om het landschap vast te leggen. Niet omdat het moest, maar omdat het kon: het reizen was makkelijker geworden, de verftube net uitgevonden, de academie werd benauwd.

,,Het ging ze om buiten schilderen, naar de natuur”, vertelt Rens. ,,Het is de tijd dat door verstedelijking en industrialisatie het landschap verandert en dreigt te verdwijnen. In heel Europa gaan kunstenaars op zoek naar plekken die nog ongerept en oorspronkelijk zijn, waar het eenvoudige leven nog te vinden is.” Het is de romantische gedachte in een notendop.

Met name in de tweede helft van de 19de eeuw komt ook het Nederlandse platteland in beeld. ,,Drenthe is bij het grote publiek wat minder bekend als plek waar kunstenaars heen trokken. Maar alle grote kunstenaars van die tijd zijn langs geweest. Wat ze aansprak waren de uitgestrekte heidevelden, de hunebedden, de dorpjes met de rietgedekte daken, het eenvoudige plattelandsleven.”

Vijf thema's vormen 'Barbizon'

De tentoonstelling in Assen is opgebouwd aan de hand van vijf thema’s. Onder de noemer Sporen uit het verleden komen de mysterieuze hunebedden aan bod. Zand en hei en Veen en turf laten schilderijen zien met taferelen die naar het zand- en veenlandschap verwijzen. Met In het dorp en Boerenleven komt de bevolking en hun gebruiken aan bod.

Rens schenkt ook aandacht aan wat er voor 1850 en na 1950 in Drenthe werd geschilderd. De tentoonstelling opent met werk van Egbert van Drielst en Jan van Ravenswaay, die vanuit respectievelijk Groningen en Hilversum naar Drenthe trokken. Barbizon eindigt met werk van Berend Groen en Saskia Boelsums die zich in respectievelijk Zeijen en Nieuw-Schoonebeek vestigden.

Zacht, dromerig, romantisch

Het totaalbeeld is zacht, dromerig en romantisch. Dat wat de schilders in Drenthe zochten, hebben ze ook gevonden. Egbert van Drielst liet het in 1807 zien. Julius van de Sande Bakhuyzen bevestigde het in 1900. Berend Groen herhaalde het in 1998. Er is ook veel zoetigheid en zuiverheid, getuige De Drentse Madonna van Jozef Israëls en Terugkeer van de kudde van diens leerling David Adolph Constant Artz.

Juist daardoor vallen de verrassingen op. Zoals de veel hardere realiteit die in de veengebieden werd geschilderd door Van Gogh ( De Turfboot ) en Taco Mesdag ( Landschap met turfhopen en drie vrouwen ) of de modderige weg die Arnold Gorter ( Landweg in Drenthe ) vereeuwigde. Helemaal opvallend: het gestileerde Drenthe van Simon Moulijn.

Werk dat in Drenthe werd gemaakt, verkocht goed. Tot in de Verenigde Staten aan toe. ,,Dat heeft zeker een rol gespeeld bij de trek naar Drenthe”, zegt Rens. ,,Ik denk dat de kunstenaars die het Drentse landschap hebben vastgelegd door hun tentoonstellingen en verkoop een belangrijke rol hebben gespeeld in de vorming van het beeld dat wij vandaag de dag nog van Drenthe hebben.”

Ondersteunende filmpjes

Barbizon van het Noorden is gemaakt in samenwerking met stichting Het Drentse Landschap, dat ondersteunend beeldmateriaal aanleverde. Zo zijn er filmpjes gemaakt waarbij gebruikers als Theo Spek en Martijje Lubbers over hun band met het Drentse landschap vertellen. Tevens wordt een documentaire getoond over het ontstaan van het landschap.

De onderliggende boodschap is duidelijk: koester wat je hebt. Dat wordt onderstreept met de slottekst van de tentoonstelling: ‘Bekommeren we ons nog wel om de pure schoonheid van het landschap? Is het landschap al zo aangetast en versnipperd dat we er geen schoonheid meer in ontdekken? Voor sommige tekenaars en schilders geldt dat in elk geval niet. Zij vinden in Drenthe nog altijd genoeg bijzondere plekjes.’

menu