Recensie ‘Stem Kwijt’ (***): De Verleiders worstelen met een te breed thema

De Verleiders, met George van Houts, Leopold Wtte, Marcel Hensema, Tom de Ket en Victor Low. Foto: Raymond van Olphen

Frits Bolkestein wandelstokt zich rond half acht in de Mauritsstraat pasje na pasje door de jongerendrukte van het Amsterdam Dance Event. Hij zal toch niet even ergens een pillendansje willen wagen? Ach nee. Bolkestein blijkt even later een van de vele (ex-)politici in het publiek van Stem Kwijt , de nieuwe voorstelling van De Verleiders, in DeLaMar aldaar.

Democratie op de pijnbank

Niet onlogisch, die politieke aandacht. De club rond opperverleiders Tom de Ket en George van Houts legt deze keer immers de democratie op de pijnbank, althans, de verwording ervan. Het is, sinds de eerste productie rond de vastgoedfraude, alweer de vijfde ronde voor De Verleiders. En waar deze ronde sterk, flitsend en boordevol hilariteit begint, verstuift Stem Kwijt geleidelijk in de complexiteit van het thema. Over het functioneren van de democratie valt veel te zeggen, vraag maar aan Johan Remkes, die er net een rapport over heeft uitbracht. Wat dat aangaat is Stem Kwijt dus razend actueel: net als Remkes concludeert deze voorstelling - maar dan feller - dat de burger zich beroerd vertegenwoordigd weet.

Moralisme

De boodschappersvorm, het moralisme, is een constante in het repertoire, en wie daar niet van houdt moet gewoon thuisblijven, dan valt er ook niks te zeuren. De wijze waarop het publiek wordt aangesproken is grappig en scherp zat. Alleen zijn de eerder aangepakte thema’s, zoals die vastgoedfraude, de gezondheidszorg en de bankencrisis, veel overzichtelijker dan het weidse begrip democratie. Schrijvers De Ket en Van Houts hebben zichtbaar wat al te veel slokken uit deze ‘mer à boire’ tot zich genomen.

Het zijn dus vooral de momenten waarop je achteraf met genoegen terugkijkt. Het inmiddels geijkte en sterk werkende begin van vijf mannen op rij in een stoel voor de inleidende beschietingen is sterker dan ooit. In razend tempo nemen ze elkaar de maat over hun eigen democratische gehalte en betrekken ze daar het publiek op geestige wijze bij. Dat onthult al direct een flard van de conclusie waar de voorstelling heengaat: we leven er gezellig op los en dragen als burgers verrekt weinig bij. Een heerlijke aftrap met een radeloze De Ket in grote vorm.

Kraakstemmerig bestuur

Het wordt nog mooier als het kwintet een vergaderend, totaal vergrijsd en kraakstemmerig bestuur van een (willekeurige) vereniging speelt, met oeverloze discussies over de agenda, de aard van de notulen en andere niksigheden. Hier toont Marcel Hensema, na eerder bij een applaus oogstende, kwaaie monoloog van een boze ‘beving-Groninger’, nog eens zijn grote komische talent. Met de perfecte timing vol rake stiltes zit hij de vergadering voor. Een pure Toon Hermans-act. Wat bulderende lachers in de zaal en het is klaar.

Dat Henry Keizer, de hebzuchtige VVD-voorzitter, vervolgens van stal wordt gehaald als voorbeeld van misbruiker van dit soort onwetende, democratische verenigingsbesturen, met zijn sluwe opkopen van een uitvaartclub, mag exemplarisch bedoeld zijn (zo bedot het grote geld de democratie). Het is ook exemplarisch voor de zijsprongen in deze voorstelling. Hoewel deze zeker niet te lang duurt, is het te veel om op te noemen wat dan nog aan fragmentarisch bod komt. Waarom, bijvoorbeeld, is ‘t zaakje van meet af aan niet beperkt tot het Binnenhof? Nou ja, er zijn vaker producties flink gegroeid na de première. Ook bij De Verleiders. De acteursploeg is goed zat.

menu