Mingus Dagelet (links) en Sjoerd Spruijt in Bleeding Love van Nick Bruckman.

Recensie 'Bleeding Love': een voorstelling die de hiv-affaire helemaal niet nodig heeft (★★★★☆)

Mingus Dagelet (links) en Sjoerd Spruijt in Bleeding Love van Nick Bruckman. Foto: Knelis

Nick Bruckman bezoekt in zijn nog prille repertoire de zelfkant van de lust. Kogelvis beschreef de lugubere daden van een Amerikaanse seriemoordenaar, die jonge mannen drogeerde, misbruikte en letterlijk verslond. Zijn tweede stuk Bleeding Love, dat hij ook zelf regisseert, neemt als uitgangspunt de Groninger hiv-affaire. Drie mannen be-dwelmden daarin anderen met ghb en spoten die met aidsvirus besmet bloed in. Lekker dan.

Deze affaire is alleen op papier het uitgangspunt geweest op Bruckmans schrijftafel. In Bleeding Love vormt ze slechts een ultrakort, er min of meer met de haren bij gesleept slotakkoord. Alsof alles wat er tussen de drie personages voorvalt een logisch voorspel kan zijn geweest van die gruwelpartijtjes.

Bruckman is onderweg losgezongen van die affaire

Dat maakt het einde tot een wat vreemd aanhangsel. Onderweg is Bruckman losgezongen van de kwestie en gaan verbeelden wat hij in zijn eigen wereld heeft beleefd, en hijzelf bij uitstek. De schaamte, zelfverachting, de angst voor de dood, voor de bejegening in de familie. Hij is zelf immers besmet met het - niet meer dodelijke - virus.

Hij weet waarover hij praat, ook in medische zin, over de diagnose als overval, de behandeling, de onverschillig klinische opstelling in het ziekenhuis.

Hoe zo’n ‘affaire’-voorstelling dan wél geweest zou zijn, laat maar mooi zitten. Juist de persoonlijke invulling maakt Bleeding Love sterk. Het decor is treffend kaal met zijn uitgerolde witte ‘wanden’ en wit papier op de grond als het park waar mannen elkaar zoeken. Met één stukje groen, metaforisch, een brandnetelplant. Die kaalheid vertelt dat de mannen er slechts met de essentie bezig zijn: zijzelf. Met eventueel de interesse in vlinders als smoes.

Mentale stormen

De smoezenverkoper is kennelijk een onbespoten beginneling. De liefde die hij er vindt is dat niet, maar deze wordt bij een test dan toch overvallen door de gevolgen van zijn roekeloosheid. Mingus Dagelet, in de rol van de laatste, acteert treffend de mentale stormen die volgen op de diagnose. Met afstoten en dan toch aantrekken, hunkering.

Vlinderjager Sjoerd Spruijt speelt de man die de drempel over gaat en alle gevolgen wil slikken - en tenslotte verspreiden - dermate ‘onacterend’, zo naturel, dat het lijkt alsof hij zó van de straat is geplukt (of uit de bosjes). Jelmer de Groot is met zijn krachtstem sterk als nonchalante verpleegkundige en later als derde man, besmet, nonchalant, alles willend.

Blijvende urgentie

De beslissende vrijpartij is een slimme grondchoreografie, in een blijvend urgente voorstelling: het aidsvirus woekert nog altijd voort, met al zijn fysieke en psychische gevolgen. Een vaccin is er na veertig jaar nog steeds niet. En de onverschilligheid die voorafgaat aan de infectie is zelfs hyperactueel. Velen zal het bij corona immers ook allemaal een worst wezen.

menu