TakeRoot in Groningen ziet publiek verjongen

Met 2837 bezoekers was de 21ste editie van TakeRoot afgelopen zaterdag net niet uitverkocht.

In de Groningse Oosterpoort bewezen 24, hoofdzakelijk Amerikaanse artiesten, dat er volop leven zit in het genre rootsmuziek.       


Ze tonen de net gemaakte foto op het mobieltje met trots. Zij aan de ene kant, hij aan de andere kant. In het midden de langharige Kurt Vile, een van de hoofdacts, vlak voor hij het podium op zal stappen. Het tekent de sfeer van een festival waarop artiesten benaderbaar zijn en zich beslist niet als popsterren gedragen. Je komt ze overal in de wandelgangen tegen, al dan niet slepend met apparatuur om op een van de zes podia te komen.

Niet lullen maar poetsen

Garrett T. Capps weet niet wat hem overkomt. De man bekent dat hij dacht nooit veel verder te komen dan zijn woonplaats San Antonio, Texas. Het kan verkeren En terwijl buiten nog een lange rij bij de ingang staat, levert de dertiger als opener om vier uur meteen een prima optreden af. Coole zonnebril en hoed op het hoofd, lekker Texaans accent en een gezonde mentaliteit uitstralend van niet lullen maar poetsen. Countryrock die rauwer klinkt dan op zijn in kleine kring al de hemel in geprezen plaat In the shadows (Again). Net als een Jerry Leger – even later in de kelder – bewijst Capps een uitzonderlijk talent te hebben voor het schrijven van treffende songs. Uit het niets lijken de twee er ineens te zijn en het beloven blijvertjes te zijn.

Buitencategorie

John Moreland is speciaal voor TakeRoot overgekomen. En waar misschien was gehoopt dat hij met band zou spelen, blijkt hij in zijn eentje de grote zaal muisstil te krijgen. Hier wordt in een plechtige sfeer geluisterd naar zwaarmoedige bespiegelingen. De man is zwaarlijvig (goed voor drie vliegtuigstoelen), heeft een stem die schorhees schuurt en vertelt indringende verhalen als de beste. ,,Don’t make me meet the devil, that I sing no songs about.” Hij houdt het nog geen uur vol, maar toont zich een songsmid van de buitencategorie.         

Met Kurt Vile & The Violators krijgen lamlendigheid en een zekere nonchalance een bedwelmende vorm. De man zagen we al vaker in Groningen, maar ditmaal is hij voor zijn doen uiterst gefocust. ,,I’m an outlaw”, sneert de Amerikaan. En van outlaws kunnen er niet genoeg zijn op een festival als TakeRoot.

Breed publiek

Het festival heeft wel eens mindere tijden gekend. Niet zelden bleef het bezoekersaantal steken rond de tweeduizend. De verplaatsing van september naar november, om niet gelijktijdig met een belangrijk Amerikaans festival plaats te vinden, lijkt het in Nederland toonaangevende rootsfestival goed te hebben gedaan. De jubileumeditie was uitverkocht (3000) en ook ditmaal was de opkomst uitstekend. En het is goed nieuws dat de gemiddelde leeftijd er met het jaar lager ligt.

Verjonging

Americana is vergeleken met de begintijd in Assen, waar TakeRoot in 1998 begon met onder meer een jonge Ilse de Lange en Cuby & The Blizzards, uitgegroeid tot een veelzijdig genre dat tot de verbeelding spreekt van een breed publiek. Twintigers en dertigers zorgen voor verjonging en tonen aan dat de vanuit country voortgekomen stijlen niet langer ouwelullenmuziek is. Wat dat betreft heeft dat andere (zwarte) rootsfestival, Rhythm & Blues Night, het al tijden veel moeilijker om die slag te maken.

Tangerine

Dat de tweelingbroers Sander en Arnout Brinks (Tangarine) nu net als Ron Jans en Jan Donkers festivalambassadeurs zijn, zorgt ook voor een jeugdiger imago. Ze stappen vrolijk rond terwijl ze veelvuldig worden herkend. Het wachten is nu op het moment dat de Groningse Marlene Bakker de eerste vrouw wordt die de ambassadeursrol krijgt toebedeeld. Ze is er, en luistert in de knusse binnenzaal aandachtig naar de extraverte Aaron Lee Tasjan die uitpakt met een stevige set powerpop. Zo is dit in de breedte een prima editie van een festival dat naast de traditionele paden ook graag de randjes opzoekt. Zo’n Shakey Graves alias Alejandro Rose-Garcia is een ietwat gelikt buitenbeentje. De andere Alejandro (Escovedo) gooit er ondertussen een uitvoering van Neil Youngs Like a hurricane tegenaan en Mattiel pakt zonder stadiongalm beter uit dan eerder dit jaar in Vera.

Neko Case

Neko Case is de ongekroonde koningin van het festival. Haar stem is even soepel als haar zes begeleidende muzikanten die telkens de juiste kleur voor ieder nummer raken. De een ziet in Father John Misty een soort Nick Cave, de ander komt niet verder dan zijn manier van poseren vooral aanstellerig te vinden. Kwaliteiten heeft de in het wit gestoken man beslist, maar op de knieën krijgt hij me niet met zijn pathetiek en wierook. Nee, dan de innemende Nieuw-Zeelander Marlon Williams (27) die als uitsmijter fungeert met mooi kwetsbare romantiek en melancholie. Zijn bassist beschikt ook nog eens over een falset waarmee Barry Gibbs Carried away een fantastische uitvoering krijgt. Op de valreep een smaakmaker die hopelijk snel nog eens terugkomt.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.