Beelden van 31 mei 1980, volgend op de nacht dat het Grand Theatre werd gekraakt door Ruimte voor Kultuur, met onder Jan Stelma en Jos Thie (met megafoon).

Veertig jaar Grand Theatre in Groningen: gekraakt, geprezen, geknakt, herrezen

Beelden van 31 mei 1980, volgend op de nacht dat het Grand Theatre werd gekraakt door Ruimte voor Kultuur, met onder Jan Stelma en Jos Thie (met megafoon). Foto: Frank Straatemeijer en Max Bruinsma

Komende nacht is het veertig jaar geleden dat het Grand Theatre in Groningen werd gekraakt. Het groeide uit tot een productiehuis van naam, ging ten onder door een subsidiestop en herrees. Nu wordt de coronapauze benut als broedperiode voor de vólgende nieuwe toekomst.

Er zoemde iets in Groningen. Zouden ze de Stadsschouwburg innemen?

Het werd het Grand Theatre aan de Grote Markt. In de nacht van 30 op 31 mei 1980 brak de actiegroep Ruimte voor Kultuur de toen drie jaar leegstaande bioscoop open. De behoefte om theater te maken en dat te tonen aan publiek was groot en plek was er niet. Ja, daar dus.

Jan Stelma runde met De Plu’s een café aan de Oosterweg in de stad. Daar traden onder anderen Herman Finkers en Luka Bloom op. Stelma werd de artistieke baas van het Grand. Hij beschikte over een scherp oog voor talent en gaf dat de tijd en de faciliteiten om zich te ontwikkelen. Onder zijn leiding groeide het theater uit tot een productiehuis met een internationale reputatie.

De ‘zeis’ kreeg het theater niet klein

En toen waarde de ‘Zeis van Halbe’ rond. De rijkssubsidie viel weg. Het theater ging in 2015 failliet. De herrijzenis volgde in de stichting Grand Futura, met veel minder middelen dan ervoor, een kleinere programmering, maar wel de sterke ambitie om nieuwe kunstenaars nieuw werk te laten maken.

Geleid door zakelijk directeur Niek vom Bruch en artistiek directeur Mark Yeoman (ook Noorderzon) is het Grand Theatre in enkele jaren opnieuw uitgegroeid tot een spin in het web, voor voornamelijk jong noordelijk talent.

De organisatie vormt het hart van Station Noord, waarin instellingen als NNO, Oerol, Noorderzon en NNT/Club Guy & Roni talenten begeleiden bij hun producties. Bovendien werden Teddy’s Last Ride en Mohamed Yusuf Boss (beiden dans) samen met hun creative producers - ook aan de Grote Markt gecoacht - voor elk een ton opgenomen in de Nieuwe Makers-regeling van het Fonds voor Podiumkunsten: de eerste keer dat noordelijke artiesten dit lukte. ,,Wij hebben de aanvragen niet hoeven schrijven”, zegt Vom Bruch. ,,Dat hebben ze zelf gedaan.”

‘Never waste a good crisis’

En toen kwam corona.

Yeoman: ,,Het is uitvinden en heruitvinden. Never waste a good crisis . Nu is de tijd om naar nieuwe gedachten zoeken. Natuurlijk, zoals veel collega’s zijn we bezig met het redden van bestaande vormen. Maar je kunt meer doen. Niet achteruit denken, vooruit.

Welke middelen zijn beschikbaar in de moderne wereld. Bring it on ! Laten we het hebben over digitaal, over cyberspace. Hoe creëren we hier ruimte voor kunstenaars om daarmee te experimenteren? Denk eens zonder licht, zonder decorstukken. De wereld gaat covid voorbij, maar wat kunnen we uit deze periode meenemen - dit is niet zomaar een zomervakantie, hoe kunnen we hier juist van profiteren?”

(Tekst gaat verder onder de foto)

loading

‘Het Grand is niet van ons’

Vom Bruch: ,,Toen we begonnen was de geest van de kraak inspirerend. Het moest een plek worden voor de stad, de makers en de kijkers. Wij werken hier, ja, maar dat wil niet zeggen dat het Grand van ons is. Naast makers en bezoekers hebben we veel contact met mensen die bij ons aankloppen met de vraag of ze hier wat mogen doen. Dan kijken wij naar de voorwaarden.”

Yeoman: ,,Net als in de tijd van de kraak is er een dikke behoefte aan ruimte waar artiesten, kunstenaars en publiek elkaar kunnen treffen. Als je ziet hoe snel we steeds vol zitten, dan beleef je die behoefte. En wij zijn betaalbaar, toegankelijk.”

Zo komt eens in de maand de Filmclub samen. Van makers en liefhebbers, om nieuwe ervaringen uit te wisselen. Yeoman: ,,Dat is een belangrijke ontwikkeling. Je kunt blijven uitgaan van een strikt theatrale benadering, maar wij doen dat niet meer. We zijn er niet voor bridge- of pokerclubs hoor, alles wat bij ons gebeurt is kunstgerelateerd, maar niet specifiek theatergerelateerd. Het gaat om ‘storytelling’. Een veel opener begrip.”

Tussen 25 en 45 jaar

De taal is veranderd, zegt Yeoman. ,,Theater kan heel filmisch zijn, of andersom, film theatraal. Mensen van nu denken veel meer horizontaal dan die van mijn generatie. Hun kunst en behoeften zijn veelomvattend. Dit theater is fantastisch verbouwd in 1995, het is nog helemaal up to date, maar ons denken overstijgt het theater als gebouw.”

Wat opvalt: de bevolking van het Grand Theatre is jong. Yeoman: ,,Het is bestemd voor iedereen, maar vooral gericht op jong volwassenen, tussen 25 en 45 jaar. Voor studenten is er genoeg, maar wij zijn er voor die groeiende, dynamische groep erboven, van wie er steeds meer in deze fantastische stad willen blijven wonen en werken. De drempel moet zo laag mogelijk zijn. Goeie koffie! Dat is belangrijk! Een theater moet niet alleen een mooie plek zijn om dingen te zien, ook om er domweg te zijn. Niek heeft me in de eerste jaren veel geleerd: wie gaat er naar het theater, wat verwachten ze. Moet je één doelgroep hebben. Nee dus, dat is een oud idee.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

loading

Niet de naam, maar het thema is leidend

Vom Bruch: ,,We denken niet in doelgroep, maar vanuit de inhoud. We zoeken kunstenaars die een voorstelling willen maken omdat ze betrokken zijn bij een onderwerp en zoeken naar het publiek dat daar ook in is geïnteresseerd. Dus niet: we hebben nu een dansvoorstelling en over twee weken weer. We vragen makers na te denken over een onderwerp - bijvoorbeeld leven met een beperking - en betrekken daar dan partners in de stad bij en proberen daarmee gericht publiek te bereiken.”

Je merkt dat kunstenaars en theatermakers dat interessant vinden, zegt hij. ,,Die worden niet aangesproken op hun naam, maar op hun motief om een productie te maken. Dat is wennen voor traditioneel publiek, maar we zien dat het werkt. Nu zit de zaal soms vol bij iemand van wie niemand ooit heeft gehoord. Omdat het thema leidend is.”

Leren van fouten

Yeoman: ,,Je leert van je fouten. Het feit dat iets gratis is trekt geen jonge mensen aan. Opvallend! De moderne maatschappij is overbevoorrdaad met gratis inhoud. Je moet ze binnenkrijgen omdat iets hun interesseert. Dat is en dikke les geweest. Daar willen ze best voor betalen. Waarbij we de prijs laag houden.”

Er is hard gewerkt in die vier jaar. Yeoman: ,,We lopen vol met residenties, met voorstellingen, binnen de coronanormen.” Vom Bruch: ,,Zoals bij alle theaters is het wegvallen van onze verhuurinkomsten een probleem. Voorstellingen kosten altijd geld. Dat maak je goed met verhuur. Dat kan nu niet.” Yeoman, optimistisch: ,,Wij gaan het redden.”

Nieuwe kans op rijkssubsidie

Zéker als de aanvraag voor rijkssubsidie wordt gehonoreerd. Haalbaar? Vom Bruch: ,,We voelen ons gesterkt door We The North, het cultuurprogramma van de noordelijke provincies, Groningen, Assen, Emmen en Leeuwarden. Dat heeft ons als ontwikkelinstelling op één gezet. ‘t Zou ons armslag geven. We kennen ons publiek heel goed, daar hebben we constant contact mee. Heel goed. Maar dat komt ook omdat we er met onze kleine team altijd moeten zijn, door de bedrijfshulpverleningsplicht. Íets minder intensief dan de laatste jaren mag het wel worden.”

loading

menu