Boeken ter illustratie.

Voorlezen, lezen en herlezen: twintig boekentips voor jong en oud

Boeken ter illustratie. FOTO PIXABAY

De omstandigheden dwingen ons in een ander tempo, tot improviseren en andere bezigheden. Maar sommige dingen kunnen gewoon doorgaan. Zoals voorlezen, lezen en herlezen. Twintig boekentips voor jong en oud. Na een paar muisklikken te leen via de bibliotheek, of online te koop bij plaatselijke boekhandel.

Prentenboeken

De verhalen van Pieter Konijn (1903), Beatrix Potter

We volgen de ongehoorzame Pieter Konijn terwijl hij de tuin van meneer McGregor betreedt en achtervolgd wordt. Hij weet te ontsnappen en keert terug naar zijn moeder, die hem in bed legt. Potter bedacht en tekende Pieter Konijn in 1902 als zelfstandig vervolg op een verhaaltje voor het slapengaan waarin vier konijntjes rondhuppelen. Ze was zo handig om meteen de rechten vast te leggen en verkocht daarna tientallen miljoenen boeken.

Rupsje Nooitgenoeg (1969), Eric Carle

loading  

Een goed prentenboek laat zich lezen als een ritueel, als een handeling met meerduidige betekenis. Rupsje Nooitgenoeg vertelt over mateloosheid en wat daarvan kan komen. Maar het boek van Carle, een Amerikaanse schrijver en illustrator, vertelt ook over de dagen van de week, over hoe je van een naar vijf kunt tellen en hoe een rups een vlinder kan worden. Ook mooi: de gaatjes in blaadjes.

Floddertje (1973), Annie M.G. Schmidt & Fiep Westendorp

loading  

Annie M.G. Schmidt en Fiep Westendorp maakten in 1968 op verzoek van koffiemelkfabrikant Nutricia zes boekjes over een meisje en haar hondje, die werkelijk overal een smeerboel van maken. Ze kregen er 10.000 gulden voor. Vijf jaar laten begon de kassa nog een keer te rinkelen toen uitgever Reinold Kuipers de verhaaltjes bundelde voor het grote publiek. Hoewel op de eerste plaats een creatie van Westendorp is Floddertje een bedenksel van Schmidt.

Marc (1996), Paul van Ostaijen & Paul Verrept

loading  

Als gedicht stamt Marc groet ‘s morgens de dingen vermoedelijk uit 1913, het jaar waarin de dichter Paul Van Ostaijen (1896 – 1928) de schilder Floris Jespers en diens zoontje Marc leerde kennen. Het gedicht beschrijft schilderijen en wat Marc tijdens zijn ontbijt dingen op tafel ziet staan: ‘Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem’. De Vlaamse illustrator Paul Verrept voorzag vier gedichten van Van Ostaijen van aquareltekeningen. Dit is de eerste en beste.

Bramenjam (2010), Natascha Stenvert

Een prentenboek zonder tekst over een man en een vrouw op een brommer die hun zinnen hebben gezet op eigengemaakte jam en een picknick. Voor het zover is, moeten nogal wat hindernissen worden overwonnen. Zoals een onstuimige hond. Stenvert knipt en plakt collages uit tekeningen, foto’s, textiel, behang, tijdschriften. Wie zo kan schilderen met een schaar heeft geen woorden nodig.

Kinderen

Pinokkio (1883), Carlo Collodi

Een pop van hout begint een eigen leven te leiden en ziet zijn neus groeien als hij onwaarheden vertelt. Oorspronkelijk gepubliceerd als feuilleton in een Italiaans blad voor kinderen en zo populair dat Collodi zich gedwongen voelde door te blijven schrijven. Het publiek wilde meemaken dat de wens van pop in vervulling zou gaan: een jongetje van vlees en bloed worden. Het zaak is een goede vertaling te vinden, zoals die van Hans Andreus uit 1983 of Pietha de Voogd uit 2019.

Wim (1976), Wim Hofman

loading  

Wim heeft het niet fijn thuis, besluit weg te lopen en stapt in een vrachtwagen. ‘Je praat niet veel’, zei de chauffeur na een tijd rijden. ‘Nee’, zei Wim, ‘Ik praat nooit veel. Ze zeggen wel eens dat ik een zuurpruim ben.’ Na enige omzwervingen belandt Wim op een boerderij waar een meisje en haar moeder zich over hem ontfermen. Een verhaal over een mislukte vlucht uit een beklemmend leven, zo intens opgeschreven dat dit eerste boek over Wim zowel schrijnend als grappig is.

Krassen in het tafelblad (1978), Guus Kuijer

Madelief is een van de beroemdste meisjes uit de Nederlandse jeugdliteratuur. In dit vierde deel uit een reeks van vijf ontdekt ze dat ze weinig van haar overleden oma weet, een vrouw die maar moeilijk van zich liet houden. Belangrijk figuur in het boek is de opa van Madelief, die aarzelend antwoord geeft op de vragen van zijn kleindochter en haar tussen de regels leert dat niet alles in het leven loopt zoals we hopen.

Tiffany Dop (2009), Tjibbe Veldkamp

loading  

Tiffany is dertien en wil een kind. Haar broers leven op friet, frikadellen en sigaretten en terroriseren de buurt. Haar moeder praat plat Gronings en verkoopt haar lichaam voor geld. Over een stoer, ietwat asociaal meisje dat liefde zoekt en vastberaden is haar lot in eigen handen te nemen. Veldkamp schreef met Tiffany Dop het tragikomische verhaal van een puber die als een hedendaagse Pippi Langkous balanceert op de grens van toelaatbaar.

Lampje (2018), Annet Schaap

Een sprookjesachtig boek over doorzettingsvermogen en zelfvertrouwen. Lampje en haar vader Augustus worden ervan beschuldigd een schip op een rots te hebben laten lopen. Vader wordt opgesloten in de vuurtoren en Lampje moet een huis schoonmaken waar in de torenkamer een monster zou leven. Het monster blijkt Edward te heten, een jongen met een vissenstaart. Samen proberen ze Augustus te redden.

Jeugd

Het achterhuis (1947), Anne Frank

Over hoe een Joods meisje tijdens de Tweede Wereldoorlog in verborgenheid haar dagen doorkomt. Aanvankelijk op 12 juni 1941 begonnen als briefwisseling met haar alter ego Kitty. Na een oproep door onderwijsminister Bolkestein in het voorjaar 1944 bestemd als basis voor een boek dat na de oorlog zou moeten verschijnen. 11 april 1944: ‘Zaterdag omstreeks twee uur begon men hevig te schieten, snelvuurkanonnen zeggen de heren. Verder was alle rustig.’ De laatste brief is van 1 augustus 1944.

Meester van de zwarte molen (1972), Otfried Preussler

loading  

De twaalfjarige Krabat raakt in de ban van een molenaar met een school voor zwarte kunst die zijn ziel aan de duivel heeft verkocht. Iedere winter wordt een leerling om het leven gebracht. Vluchten kan niet; alle wegen leiden steeds weer naar de molen. Gebaseerd op volksverhalen uit midden-Europa, aangevuld met ingrediënten die later zouden opduiken in de boeken van J.K. Rowling over Harry Potter: vriendschap, liefde en de strijd tussen goed en kwaad.

Het wonderlijke voorval met de hond in de nacht (2003), Mark Haddon

loading  

Christopher besluit een boek te schrijven over de moord op de hond van van zijn buurvrouw en ontdekt vervolgens dat zijn moeder niet is overleden maar in Londen woont samenwoont met zijn voormalige buurman. Dat zou grappig kunnen lijken, ware het niet dat de 15-jarige Christopher autistisch is, het vertrouwen in zijn vader verliest en voor de hereniging met zijn moeder de reis van zijn leven moet maken.

Josja Pruis (2006), Harm de Jonge

Er stapt bijzondere jongen het leven van Ada en Homme binnen. Hij heet Josja Pruis, leest onbegrijpelijke boeken, boezemt leraren angst in en beweert dat hij een Siamese tweeling is, dat in zijn schedel twee stellen hersenen zijn opgeborgen. Ada en Homme proberen erachter te komen hoe zoiets kan. Met name Homme komt een eind, hij herkent zich in Josja, vooral als die weer verdwijnt. Over vriendschap, verbondenheid, verbeelding en verlies.

Een weeffout in de sterren (2012), John Green

In een praatgroep leert Hazel, een 16-jarige kankerpatiënt, lotgenoot Augustus kennen. Ze overwint haar bindingsangst en wordt verliefd. Belangrijke rol in het verhaal is weggelegd voor de schrijver van een schijnbaar onvoltooid boek over een ziek meisje. Hazel en Augustus besluiten de schrijver in Amsterdam op te zoeken, maar wat ze in werkelijkheid zoeken is de zin van het leven en hoe ze zich moeten verhouden tot hun lot.

Literatuur

Een nagelaten bekentenis (1894), Marcellus Emants

‘Mijn vrouw is dood en al begraven.’ Omdat in Nederland altijd alles steeds weer anders moet, en dus ook onze taal verandert, is veel Nederlandse literatuur van rond 1900 steeds lastiger te lezen. Dat geldt, merkwaardigerwijs, niet Marcellus Emants. Een nagelaten bekentenis is een nog altijd beklemmend boek over hoe Willem Termeer ertoe gekomen is aan zijn huwelijk een eind te maken. Dat lucht hem niet op. Emants kreeg naar verluidt na publicatie brieven van vrouwen die in Termeer hun eigen man herkenden.

Het verstoorde leven (1981), Etty Hillesum

Schrijver Klaas Smelik kreeg in 1947 de dagboekaantekeningen van Etty Hillesum (1914 – 1943) in handen. De jaren daarop probeerde hij een uitgever te vinden voor de troostrijke aantekeningen van een uitzonderlijk begaafde vrouw die een spirituele groei doormaakte en die zich opofferde om het lot van het Joodse volk te delen. De interesse was nihil. Pas in 1981 kwam het tot een uitgave. Sindsdien geldt wat Hillesum schreef tot een van de meest bijzondere ego-documenten in de Nederlandse taal.

Mystiek lichaam (1986), Frans Kellendonk

loading  

De meest spraakmakende Nederlandse roman van de jaren tachtig. Over een vrekkige vader die zijn vrouw haat en zijn twee mislukte kinderen: een dochter die zwanger raakt van een jood en een zoon die ‘de nieuwe ziekte’ heeft opgelopen in de Amerikaanse kunstwereld. Bekrompenheid, homohaat, antisemitisme, generatieconflicten – heeft dat nu wel of niet met onze werkelijkheid te maken? Volgens Kellendonk (1951 – 1990) droeg het allemaal bij aan het mysterie van ons bestaan.

La Superba (2013), Ilja Leonard Pfeijffer

Een man genaamd Ilja Leonard en een regisseur proberen in Genua een vervallen theatertje te kopen. Dat lukt niet of misschien ook wel, in Genua staat niets vast en zit alles anders, de verbeelding kent geen einde. Zelfs de pogingen van Ilja Leonard om van ‘notities’ een roman te maken over emigratie en immigratie lijken te mislukken. Wat uiteindelijk blijkt mee te vallen, of misschien juist niet. Het labyrintische La Superba is een pijnlijk beeld van het fort Europa waar een vrij bestaan een illusie is.

De ommelanden (2019), Elvis Peeters

loading  

In De ommelanden verruilt een fotografe de stad voor een afgelegen streek om ‘details van de dood’ vast te leggen. Als ze klaar is, krijgt ze autopech en lukt het niet meer om weg te komen. Om te overleven wordt ze gedwongen tot het plattelandsleven: kippen houden, met schaars geworden water planten kweken, een juk dragen. In de stad gaat het leven in welvaart en luxe gewoon door. De ommelanden is een verontrustende roman over de groeiende kloof tussen Noord en Zuid, tussen stad en platteland, tussen winnaars en verliezers.

menu