Een Drents woord voor whodunit? Dat is er eigenlijk niet, constateert schrijver Anne Doornbos. Maar het fenomeen is er wél sinds hij in 2018 debuteerde als thrillerschrijver met het Drentstalige boek De Paddenvanger . Dat smaakte naar meer, zowel voor menig enthousiaste lezer als voor de schrijver zelf, die bekendstaat als één van de voorvechters van de streektaal. Vorige week kwam De man die Russisch preut uit. Een tweede boek waarin inspecteur Freek Rossing met zijn collega’s van de politie in Drenthe een moord moet zien op te lossen.

Als je druk bezig bent met het schrijven van een boek is de coronatijd best een beetje een zegen, erkent Anne Doornbos (72) aan de picknicktafel achter zijn huis in Een. ,,Door het schrijven van De Paddenvanger heb ik geleerd dat ik niet te veel andere dingen tussendoor moet doen. Destijds heb ik, terwijl ik met dat boek bezig was, een dichtbundel gepubliceerd en korte verhalen, toneelstukken en liedteksten geschreven. Daardoor heb ik jaren over het boek gedaan. Steeds als ik verder wilde, moest ik weer het hele manuscript lezen. Hoe zat het ook alweer?”

Hij wist, dat moet bij een opvolger anders. ,,Ik nam me voor vaker ‘nee’ te zeggen als ik voor dingen werd gevraagd. In januari vorig jaar heb ik de eerste aanzet voor het manuscript van De man die Russisch preut geschreven. Door de corona-uitbraak vielen allerlei dingen weg, waardoor ik meer tijd had. Tot het biljarten, dat ik op donderdagochtend met een groepje oudere mannen doe, aan toe. Toen kon ik op donderdagochtend ook schrijven.”

Hij zat bij zijn vrouw Jeanet thuis in de werkkamer en nam zich voor om elke dag zo’n duizend woorden te schrijven. ,,Om het overzichtelijk te houden, heb ik heel lang met een schema gewerkt met lijstjes met namen van personen en hun functies, met plekken, tijdstippen en data waarop dingen gebeurden. Veel meer dan een kort verhaal is het schrijven van een thriller een puzzel. Het moet allemaal kloppen qua plaatsen, afstanden, tijdsindeling en het moet logisch zijn. De opbouw is heel belangrijk. De lezer moet willen weten hoe het afloopt.”

Ik wilde dat het verhaal zich zou afspelen in een dorp

Ik zee dat het schuurtie in braand stun. Die vrouw begunde metien te schreeuwen dat het de sauna was en dat heur man derin zat. De man die Russisch preut speelt zich voor een groot deel af in Gees. In het boek, dat als ondertitel Het inspecteur Rossing dossier heeft, wordt het dorp opgeschrikt door een brand in een privésauna, waarbij een hooggeplaatste medewerker van de NAM om het leven komt.

,,Dat het in Gees plaatsvindt, is voor een deel stom toeval. Ik wilde dat het verhaal zich zou afspelen in een dorp . De Paddenvanger speelt zich vooral rondom Rolde af, dus ik zocht nu een ander deel van Drenthe. Ik heb de computer aangezet en ben op Google Maps gaan kijken. Ik kwam bij Gees uit, omdat een onderdeel van het verhaal – de tegenstelling tussen autochtone bevolking en ‘import’ – alleen in zo’n soort dorp kan plaatsvinden. Al die mensen van buitenaf, die een boerderijtje kopen en er dan een B&B of een galerietje – of beide – in beginnen, die kom je bijvoorbeeld in Erica, waar ik vandaan kom, niet tegen.”

Vorig voorjaar huurden Jeanet en hij voor een week een huisje in Meppen. Een mooie gelegenheid om Gees op de fiets te verkennen. ,,Situaties die ik toen zag, heb ik gebruikt voor het boek. Toen we door de Oude Steeg fietsten, stond er bijvoorbeeld een boerderij te koop. Die komt er ook in voor. Veel informatie erover, tot de reden dat de bewoonster ging verhuizen aan toe, kon ik op internet vinden en heb ik gebruikt in het verhaal.”

Maar waar in De Paddenvanger de plaats delict echt bestaat, is dat in Gees niet zo. Doornbos heeft er bewust voor gekozen om de woonboerderij met de sauna op een plek aan de Oude Steeg te plaatsen waar in werkelijkheid geen huis staat. Maar de huizen eromheen en de verdere omgeving bestaan wél. Zo komt de plaatselijke ijssalon Talenti prominent voor in zijn nieuwe boek, inclusief de als ‘toiletti’ aangeduide wc’s achterin de zaak.

,,Die omgeving moet wel kloppen, vind ik. Dat geldt ook voor bijvoorbeeld de wapens die in het verhaal voorkomen. Of dingen uit de Tweede Wereldoorlog, die in De Paddenvanger voorkwamen. Ik ben een enorme geschiedenisfan en weet behoorlijk wat over de oorlog. Als je wapens beschrijft, moet het feitelijk kloppen, dat maakt het reëler voor de lezers. Je kunt alles bij elkaar verzinnen, maar ik durf te wedden dat er lezers zijn die, als ze lezen over een een Dragunov – het Russische scherpschuttersgeweer dat in het nieuwe boek voorkomt – de iPad erbij pakken en het gaan opzoeken. Om te controleren of bepaalde dingen die inspecteur Freek Rossing en zijn collega’s overkomen in het echt ook zo gaan, heb ik een wijkagente geraadpleegd.”

Bennie en Riekie

De namen van alle personen in het verhaal zijn wel verzonnen, al zijn ze niet allemaal toevallig gekozen, geeft hij toe. Zo luistert de fictieve burgemeester van de gemeente Coevorden naar de naam Thijs Timmermans en waar de door Doornbos bedachte naam Geert Veldkamp voor politiechef Noord-Nederland vandaan komt, is ook wel te herleiden.

In de Achterhoek treft de politie een stel met de namen Bennie en Riekie. De naam Haverkamp komt ook voor. Doornbos is nu eenmaal een groot Normaal-fan. ,,Ik gebruik ook wel voor- of achternamen van mensen uit mijn omgeving. Zo komt de achternaam van een collega van Jeanet erin voor. Zij moest er vreselijk om lachen toen ze het hoorde. Maar achterin het boek heb ik bewust wel geschreven dat het gedrag van de personages en dat wat ze zeggen allemaal door mij is verzonnen.”

De man die Russisch preut is in wezen een opvolger van De Paddenvanger . De moord staat op zichzelf, maar het verhaal van Rossing, zijn werk en privéleven, gaat verder. ,,Na het succes van mijn eerste thriller hebben meerdere mensen me gevraagd of er een vervolg kwam. Van mijn uitgeverij Het Drentse Boek kreeg ik ook de vraag of ik er een idee voor had. Dat had ik.”

,,In mijn verhalenbundel Dèenken an een zebra staan de eerste twee hoofdstukken van De Paddenvanger als kort verhaal. Daarin staat ook een verhaal over een moord in de sauna, wat weer een relatie heeft met De man die Russisch preut . Ik ben die verhalen verder gaan uitdenken. Het grappige is dat ik door De Paddenvanger opeens met een heel ander publiek te maken heb gekregen. Thrillerlezers vormen een ander publiek dan bijvoorbeeld poëzielezers.”

Reacties op zijn debuut kreeg hij in overvloed. ,,Drenten die nog nooit een Drents boek hadden gelezen, kochten het boek. Maar ook niet Drentstalige mensen. Een collega van Jeanet is van Chinees-Surinaamse afkomst en had nog nooit één woord Drents gelezen. Achteraf was ze enthousiast: ‘Ik kon het gewoon lezen’, zei ze. Zelf lees ik graag Zweedse thrillers. Dat De Paddenvanger in een recensie is beschreven als ‘Kurt Wallander tussen de hunebeden’, vond ik een heel groot compliment.”

Werkelijk iedereen in Doornbos’ thrillers praat Drents. Ook een forensisch onderzoekster uit het westen. ,,Tja, als ik een Duits boek lees, praat iedereen Duits, dus in een Drents boek praat iedereen Drents”, zegt de schrijver, die ondertussen de hond van zijn dochter vermaakt door af en toe een bal de tuin in te gooien.

loading  

Altijd trouw aan Drenthe

,,Met schrijven in de streektaal is hij nota bene begonnen in Friesland, waar hij in de jaren 80 ging wonen toen hij bij een welzijnsorganisatie in Heerenveen aan de slag kon. ,,Destijds maakte ik kennis met het Drentse tijdschrift Roet . Taal interesseerde me sowieso al en dat ik zelf ben gaan schrijven heeft ook te maken met het feit dat ik bij de gemeente Heerenveen, waar ik in 1984 ben gaan werken, acht of negen collega’s uit Drenthe had. Wij praatten onderling Drents en hebben de stichting Semper Fideles Thriantae, oftewel ‘altijd trouw aan Drenthe’ opgericht. Ons hoofddoel was practical joking voor de Friezen. Gingen we slootie springen over de gracht rond het gemeentehuis, fierljeppen eigenlijk. Zorgden we altijd dat een Friese collega won en die kreeg dan een jaar lang een beeld van Bartje als wisselbokaal.”

,,Door veel Drents te lezen, heb ik het ook leren schrijven. Het grappige is dat mijn verblijf in Friesland die interesse in het Drents alleen maar sterker heeft gemaakt. Ik zag daar hoe de Friezen bezig waren met hun taal en zich er druk om maakten en dacht: verdulle , zo’n taal heb ik ook! Bij de gemeente Noordenveld, waar ik tot mijn pensioen in 2013 gemeentesecretaris was, praatte ik ook Drents met de collega’s die het zelf ook deden.”

Of hij niet liever, zoals hoofdpersoon Freek Rossing, bij de politie had gewild? Even denk Doornbos na. ,,Nee, dat geloof ik niet. Maar wat me wellicht wel geschikt zou maken, is dat ik heel analytisch kan denken. Ik kan snel situaties doorzien, zoals Rossing. Maar ik geloof niet dat ik mijn roeping ben misgelopen. Er zijn wel mensen die vinden dat ik predikant had moeten worden, maar dat ik na twee jaar gestopt ben met de Theologische Academie was echt voor beide partijen beter.”

Ontkennen dat er veel autobiografische elementen in zijn nieuwe boek zitten, doet hij beslist niet. ,,Misschien ben ik voor een deel wel Freek Rossing. Hij is een man met een scherp verstand, maar soms is hij wat kort door de bocht. Dat komt omdat hij weinig geduld heeft met mensen die langzamer denken dan hij. Mensen die niet zo snel schakelen tussen verschillende gedachten, daar moet hij zich aan aanpassen. In dat opzicht lijkt hij op mij. Ook denkt hij net als ik heel associatief, waardoor hij openstaat voor nieuwe mogelijkheden in het politieonderzoek.”

Doornbos grijnst. ,,Maar zo nu en dan moet hij zichzelf ook even bij de bretels omhoog trekken, zichzelf tot de orde te roepen. Als hij zich afgewezen voelt, trekt hij zich terug. Zo van: nou, dan doe je het maar zonder mij, maar je zult me echt missen. Ja, dat heb ik zelf ook wel. Uiteindelijk schrijft iedere schrijver over zichzelf. Als je moet schrijven over mensen en hoe ze reageren, begin je toch bij jezelf. Je kent jezelf in dat opzicht beter dan anderen. Bij het bedenken van andere karakters denk ik aan wat bij mij sympathie oproept en mensen die juist het tegenovergestelde oproepen, zoals de mediageile officier van justitie in het boek. Tijdens mijn werk als gemeentesecretaris heb ik ook vaak genoeg mensen meegemaakt die tuk waren op media-aandacht.”

Liekstee

In de verantwoording in zijn nieuwe boek verwijst Doornbos naar het boekje Bliede, 101 Drentse woorden van het Huus van de Taol, een boekje met mooie en soms bijna vergeten Drentse woorden, waarvan hij vindt ‘daw der zunig op mut wezen’ . ,,Daarvan heb ik er flink wat in het verhaal verwerkt. Zo vind ik tweiduuster een heel mooi woord voor schemering, maar ook toezebollen, oftewel rietpluimen, en foezel , wat jenever betekent.”

,,Een ander woord, dat je niet vaak meer hoort, is liekstee . Dat woord voor litteken is al heel oud. Wij gebruikten dat vroeger thuis al niet meer. Een oom begon er een keer over: ‘Wat hest daor toch veur een lillijke liekstee, mien jon g?’ zei hij, terwijl hij naar mijn arm wees. Ik vond het een prachtig woord. Letterlijk betekent het lijkplek en dat is het in wezen ook, want de bovenste, witte, huid is in wezen dood. Het past mooi in het thema van het boek, net als het lied You’re no good van Linda Rondstadt dat er ook in voorkomt, met daarin de zin: I learned my lesson, it left a scar .

Tot twee jaar terug was Doornbos voorzitter van het Huus van de Taol, dat is hij twaalf jaar lang geweest. Tegenwoordig zit hij onder meer in het bestuur van SONT: Samenwerkende Organisaties in het Nedersaksisch Taalgebied, dat zich bezighoudt met de samenwerking in het hele gebied van de Stellingwerven tot en met de Achterhoek. ,,De streektaal staat onder druk, dat is bekend. Hij wordt minder overgedragen aan kinderen. Men zegt wel eens dat het Drents over vijftig jaar niet meer bestaat. Nou, ik heb mijn best gedaan om dat te voorkomen en ik vind het echt de moeite waard, letterlijk. Tegelijkertijd wil ik tegen de critici zeggen: er is nog nooit zoveel geschreven en gezongen in de streektaal als tegenwoordig.”

Of hij nog een deel drie van de Rossing-serie komt? Tijdens het gesprek mijmert Doornbos over toekomstige ontwikkelingen, maar recht op de man af gevraagd, tempert hij de verwachtingen. ,,Zullen we eerst even afwachten hoe De man die Russisch preut gaat lopen? Eerst maar eens kijken wat mensen hiervan vinden.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe