Adf van Liempt voor de woning van de kampcommandant. Foto's:  Herinneringscentrum Kamp Westerbork

Ad van Liempt verdiept zich in onaangenaam mens Gemmeker, de koning van kamp Westerbork

Adf van Liempt voor de woning van de kampcommandant. Foto's: Herinneringscentrum Kamp Westerbork

Ruim twee jaar lang verdiepte journalist Ad van Liempt zich in het leven van de commandant van kamp Westerbork. De biografie over Albert Konrad Gemmeker verschijnt komend voorjaar. „Het is geen pretje, zo intensief met zo’n onaangenaam persoon bezig zijn.”

Albert Konrad Gemmeker. Steenhouwerszoon uit Düsseldorf, politieman en vrouwenverslinder. Vanaf oktober 1942 koning van een bizar koninkrijk: doorgangskamp Westerbork. Aan de rand van het kampterrein bewoont hij samen met zijn maîtresse en secretaresse Elisabeth Hassel een luxe huis, met uitzicht op de Boulevard des Misères – de plek vanwaar de transporten vertrekken. Terwijl hij ervoor moet zorgen dat de treinen gevuld zijn en rustig vertrekken leeft Gemmeker als een koning. Kampgevangenen maken zijn huis schoon, voorzien hem van de mooiste kleren. Op zijn salontafel staat iedere dag een bosje verse witte anjers.

„Die witte anjers werden in een kas op het kampterrein gekweekt”, vertelt de biograaf van de kampcommandant, journalist Ad van Liempt. „Op een gegeven moment was het zo koud dat de anjers het niet zouden redden. De gevangene die de anjers verzorgde bleef een nacht in de kas om het kacheltje steeds op te kunnen stoken. Opdat de anjers zouden overleven. „Gemmeker zat in Westerbork op een post die hem almachtig maakte”, vertelt Van Liempt.

Over de periode dat Gemmeker de scepter zwaait in Westerbork bestaan talloze getuigenissen. De ‘gentleman-commandant’, wordt Gemmeker na de oorlog door de media genoemd. Een kampgevangene die de oorlog overleeft en getuige is bij Gemmekers proces vertelde: Gemmeker was voor ons een gentleman-boef. Er werd in Westerbork niet getrapt of geslagen, maar de straffen waren veel geraffineerder. Bij het geringste vergrijp ging men op transport en dat betekende de dood.” Van Liempt: „Hij behandelde gevangenen met een zekere mate van respect, maar had een vernietigend wapen. De doodstraf. Die benaming, gentleman-boef, omschrijft hem daarom beter dan de term ‘gentleman-commandant’. Zonder zijn handen vies te maken kan Gemmeker de ultieme straf opleggen. En dat doet hij ook.

Prangende vragen

Twee prangende vragen zijn voor Van Liempt aanleiding om het boek te schrijven. In 1948 wordt Gemmeker door het Bijzonder Gerechtshof in Assen veroordeeld tot tien jaar cel. Met aftrek van voorarrest en dankzij gratie bij de troonsbestijging van koningin Juliana is hij al in april 1951 vrij man. Gemmeker tekende het doodvonnis van 80.000 Joden, Sinti en Roma. Waarom viel die straf zo laag uit?

Gemmeker heeft altijd ontkend te weten welk lot de kampgevangenen wachtte na deportatie uit Westerbork. De claim lijkt onwaarschijnlijk, maar de vraag of het kán kloppen is niet eerder onderzocht. „Hij heeft vooral administratieve functies gehad. In verhoren heeft hij altijd volgehouden dat hij nooit op straat kwam en nergens van wist. Er zijn zoveel aanwijzingen dat dat onzin is.”

Dan is er nog een meer persoonlijk aspect: „Nadat hij vrijkwam heeft Gemmeker nog ruim dertig jaar in vrijheid geleefd. Hoe is het mogelijk dat je 80.000 mensen deporteert en dat je daarmee kan leven? Voor mij is dat onbegrijpelijk”, zegt Van Liempt.

Het kostte hem ruim twee jaar, maar Van Liempt vond een deel van de antwoorden. Hoewel het tegen zijn natuur in gaat, laat hij daarover nog niet veel los. „Dat zijn de laatste twee alinea’s van het boek”, zegt hij verontschuldigend.

Er blijft genoeg over om over te praten. Hoe ging de ervaren schrijver te werk? „De eerste anderhalf jaar bestaat uit onderzoek doen. Archieven bezoeken, mensen interviewen. „Ik heb veel tijd doorgebracht in het Westerborkarchief. Daar liggen ontzettend veel dagboeken. De bekende, van Etty Hillesum en Philip Mechanicus, maar er zijn nog veel meer. Ik heb meer boeken geschreven, maar nog nooit zoveel research gedaan.”

Van Liempt las de dagboeken allemaal. „Die dagboeken zijn enorm waardevol. Er zijn ongelofelijk veel getuigenissen over Gemmeker.” Het beeld dat de meeste gevangenen van hem hebben: Gemmeker is geen stereotype nazibeul, de gevangenen behandelt hij met een zekere mate van respect. De algemene teneur is er één van ‘we hadden het slechter kunnen treffen’.

Gemmekers voorganger, Josef Dischner, staat bijvoorbeeld bekend om zijn ruwe aanpak. Al na zes weken wordt Dischner, die niet van de drank kan afblijven, weggestuurd. „Totaal incompetent.” De gedienstige, dan 34-jarige Gemmeker krijgt de opdracht orde op zaken te stellen en de deportaties zo geruisloos mogelijk te laten verlopen. „Gemmeker was iemand die perfect in het systeem van de nazi’s paste. Hij was absoluut niet kritisch”, weet zijn biograaf.

Vooroorlogs leven

De zoektocht naar het vooroorlogse leven van Gemmeker is, in tegenstelling tot zijn periode in Westerbork, lastig. „Hij was echt een Gestapo-man, papieren sporen liet hij niet achter”, vertelt Van Liempt. „Bovendien was hij geen schrijver, brieven zijn er niet. De enkele brief die ik gezien heb was ook dermate slecht qua taalgebruik dat je je wel kan voorstellen dat hij niet van schrijven hield”, zegt de journalist met een besmuikte lach. Ook van zijn privé-administratie is niets bewaard gebleven, Gemmeker vernietigde alles. Wat Van Liempt wel aan de weet komt bestaat uit de snippertjes informatie die hij opdoet tijdens interviews of opduikt in archieven in Westerbork, Den Haag en Duitsland.

Gemmeker wordt in 1907 in Düsseldorf geboren als jongste van vier kinderen. Zijn vader is steenhouwer. Als Albert 9 jaar is overlijdt zijn moeder bij een ongeluk. „Zijn vader hertrouwde later. Over zijn stiefmoeder deed hij tegenstrijdige uitspraken”, vertelt Van Liempt. „Zij wilde dat Albert naar het lyceum ging. Maar de andere kinderen waren na de basisschool gaan werken. Zijn vader vond dat niemand moest worden voorgetrokken.” Gemmeker volgt dus eenzelfde pad en gaat na zijn schooltijd bij een verzekeringsmaatschappij werken. In de crisistijd wordt hij ontslagen. Na een half jaar werkloos thuis wijst een kennis hem op vacatures bij de politie.

In 1935 zit Gemmeker bij de Gestapo, de geheime politie in nazi-Duitsland, in Düsseldorf. Hij doet er vooral administratief werk. Rond dezelfde tijd trouwt hij voor het eerst. „Een kleine twee jaar later scheidden ze weer. Dat veroorzaakte veel gedoe omdat de tweede vrouw van Gemmeker toen al zwanger was. De dreiging van een onecht kind lag op de loer”, vertelt Van Liempt. Met zijn tweede vrouw krijgt Gemmeker drie dochters, die alle drie nog in leven zijn. In augustus 1940 komt Gemmeker naar Nederland. Bij de Sicherheitsdienst wordt hij personeelsfunctionaris, opnieuw een administratieve baan.

In juni 1942 krijgt Gemmeker – tot zijn verrassing – zijn eerste leidinggevende functie: hij wordt commandant van het gijzelaarskamp in Sint-Michielsgestel, een interneringskamp voor een paar honderd vooraanstaande Nederlanders. Zij worden daar vastgehouden als mogelijk uitruilmiddel. Eén van de bewoners is schrijver Simon Vestdijk. ‘Een onbeduidend mannetje’, noemt Vestdijk de kampcommandant in een tijdschriftartikel. Van Liempt: „Gemmekers naam wordt altijd verkeerd geschreven. Vestdijk noemt hem Wernicke ofzo.”

Aan de rechercheur die hem in Assen verhoort vertelt Gemmeker na de oorlog dat zijn benoeming in Westerbork ook als een verrassing komt. Zijn biograaf vindt de aanstelling een logische keuze. „Gemmeker was geschikt vanwege zijn overdreven gevoel voor tucht en orde. Dat hadden Duitsers sowieso, maar ik vind het in zijn geval extreem.”

Woede

Wat de kampcommandant het meest typeert, zegt zijn biograaf, is zijn woede over inbreuken op de tucht en orde. „Daar kon hij absoluut niet tegen. Dan werd de rustige, beheerste man redeloos kwaad.” Die woedeaanvallen bleven vaak binnenskamers, waardoor de buitenwacht hem als gentleman ziet. „Die uitbarstingen zijn zo in tegenspraak met dat beeld van de correcte gentleman. Dat beeld is eigenlijk grote onzin.”

Een voorbeeld van die woede: „Bij vluchtpogingen was hij in alle staten. Dan kwam er een Lagerbefehl en moesten uit de barak van de persoon die wilde vluchten tien mensen op transport. Hoewel hij beweerde dat hij van niks wist zijn dat natuurlijk verschrikkelijke straffen.”

Psychologisch onderzoek naar de kampcommandant is nooit gedaan. Van Liempt wil zich daar ook niet aan wagen. „Maar”, zegt hij, „zijn generatie wordt wel de Generation des Unbedingten (vrij vertaald: generatie van zekerheden, red.) genoemd. Gemmeker groeide op in een onzekere tijd. Mensen klampten zich daarom vast aan de zekerheid van het naziregime. Hij had die hang naar zekerheid ook.” De kampcommandant van Westerbork was er eentje die uitvoerde, orde schiep en zorgde dat alles perfect verliep. Een gemakkelijk te bespelen marionet in het door Hitler opgetuigde systeem.

Zijn biograaf is blij dat hij Gemmeker na twee jaar studie straks ‘de deur uit kan zetten’. „Het is geen pretje, zo intensief met zo’n onaangenaam persoon bezig zijn. Het is een deprimerende man, op mij heeft hij een nogal deprimerende invloed.” Van Liempt sprak met de drie dochters van Gemmeker, die nooit eerder hun verhaal deden. „Twee van hen heb ik geïnterviewd, met de derde had ik mailcontact. Zelf vonden ze dat ze niks konden vertellen, ze hebben hun vader maar kort meegemaakt”, vertelt Van Liempt.

Als zijn tweede vrouw zwanger is van de jongste dochter, vertrekt Gemmeker naar Nederland en volgt opnieuw een scheiding. „Ik geloof niet dat ik ooit een slechtere vader heb meegemaakt. Hij keek totaal niet naar anderen om. Die vader heeft echt een schaduw over het leven van zijn dochters geworpen.”

Gemmeker wil in Nederland trouwen met Elisabeth Hassel. „Daarvan was zelfs in 1949 nog sprake.” Toch gebeurt het nooit. In 1953 trouwt Gemmeker voor de derde keer, met iemand anders. „Al die huwelijken, dat was buitensporig voor die tijd. De SS had daar ook geen goed woord voor over, daar kwam dat hoogstzelden voor.”

Toen hij begon met schrijven nam Van Liempt zich voor een evenwichtig beeld van de man te schetsen. Is er ergens nog iets van sympathie voor Gemmeker? Van Liempt grimast. „Daar was ik ook benieuwd naar. Laat ik dit zeggen: een evenwichtig beeld schetsen viel niet mee.”

Het boek Gemmeker- commandant van kamp Westerbork verschijnt begin mei 2019. De NOS werkt aan een documentaire over Gemmeker, die rond 4 mei wordt uitgezonden op tv.

menu