Harry Haddering is hij betrokken geweest bij de totstandkoming van de inclusie-agenda.

'Afspaakagenda met gehandicapten Assen is tandeloze papieren tijger'

Harry Haddering is hij betrokken geweest bij de totstandkoming van de inclusie-agenda. Foto: Jan Willem van Vliet

De gemeente Assen presenteerde deze week de inclusie-agenda, om de stad toegankelijker te maken voor mensen met een beperking. Volgens Harry Haddering zitten er nogal wat open eindjes aan.

„Laat ik vooropstellen dat ik heel blij ben dat de inclusieagenda eindelijk klaar is”, zegt Haddering. „Nu maar hopen dat het ook daadwerkelijk voor verbeteringen gaat zorgen voor mensen met een beperking.”

Ervaringsdeskundige

Als ervaringsdeskundige (Haddering is geboren met een lichamelijke handicap en al zijn hele leven gebonden aan een rolstoel) is hij betrokken geweest bij de totstandkoming van de agenda. „Er zit veel potentie in, maar ik zie ook heel veel open eindjes. Concrete punten waar je de wethouder na een jaar op kunt aanspreken, zijn er eigenlijk niet. Dat maakt de agenda eigenlijk tot een tandeloze papieren tijger.”

Haddering en enkele andere ervaringsdeskundigen zijn al twee jaar met de gemeente in gesprek over de agenda en hebben bij verschillende wethouders aan tafel gezeten. „Het heeft allemaal lang geduurd. Een tijdje terug moest de agenda ineens met stoom en kokend water voor september klaar zijn. Dat zie je wel een beetje terug.”

‘Betrek ons erbij op formele manier’

Hij wijst bijvoorbeeld op het voornemen van de gemeente om inclusie-ambassadeurs te benoemen onder het ambtenarenapparaat. „Dat staat mooi op papier, maar ik weet dat die aandacht heel snel weer wegebt als je zelf geen beperking hebt. Hoe gaan wij controleren of die maatregel daadwerkelijk helpt? Hoe houden we als doelgroep een vinger aan de pols? Daar zijn nu geen afspraken over gemaakt.”

Hoezeer hij ook in de goede wil van wethouder Jan Broekema (SP) gelooft, eigenlijk zou er een speciale inclusie-medewerker of inclusie-burgemeester moeten komen. Want als je écht inclusief wilt zijn, zul je mensen met een beperking op een formele manier moeten betrekken bij de gemeente, vindt Haddering. In een panel, een orgaan of op wat voor manier dan ook.

‘Weinig daadkracht’

„In de agenda staat dat ervaringsdeskundigen bij de uitvoering ervan betrokken worden. Dat is fijn en natuurlijk zal de wethouder stellen dat hij dat ook écht gaat doen. Maar wij willen naast gevraagd advies ook ongevraagd advies kunnen geven. Telkens achteraf op hoge poten naar het gemeentehuis komen, of een brief schrijven waarna je lang op antwoord moet wachten, is geen doen. Bovendien, als er straks een andere wethouder op deze post zit, wat dan?”

Wethouder Broekema wijst erop dat een inclusie-agenda nooit helemaal compleet kan zijn en als uitnodiging moet worden gezien aan iedereen om met dit thema aan de slag te gaan. Haddering snapt dat de huidige economische situatie het lastig maakt om veel geld uit te trekken en echt beslissingen te nemen om aanpassingen te doen. „Maar daardoor lees ik hier vooral veel wensgedachten, en weinig daadkracht.”

De inclusieagenda moet nog door de raad besproken worden. Dat gebeurt op 8 oktober, in de Week van de Toegankelijkheid.

menu