Deze foto in het krijgsgevangenkamp, met gevaar voor eigen leven gemaakt door piloot Thompson Ellis White, werd meegenomen naar de Verenigde Staten. White kocht het fototoestel voor tien sigaretten.

Archief en Facebook geven bemanning van bij Zweeloo neergestort vliegtuig gezicht

Deze foto in het krijgsgevangenkamp, met gevaar voor eigen leven gemaakt door piloot Thompson Ellis White, werd meegenomen naar de Verenigde Staten. White kocht het fototoestel voor tien sigaretten. Foto: Familie White

Historicus Marcel Zantingh had zijn omvangrijke boek over Zweeloo in oorlogstijd twintig jaar geleden nooit zó kunnen schrijven. Facebook bestond nog niet, dus had hij nooit nabestaanden van Amerikaanse militairen zo eenvoudig kunnen opsporen en persoonlijke getuigenissen en foto’s kunnen krijgen. Was hij veel later gaan schrijven, dan had hij de generatie ooggetuigen van de oorlog niet meer kunnen spreken.

Het was voor historicus Marcel Zantingh (32) vroeger vooral een spannend verhaal, dat af en toe de ronde deed binnen de familie. Zijn overgrootvader Jan Meijering en diens zoon Roelof hadden in de oorlog Amerikaanse bemanningsleden uit handen van de Duitsers weten te houden, door ze te helpen ontsnappen nadat hun bommenwerper neerstortte bij Zweeloo.

loading


De in Aalden geboren schrijver van het boek Wel gebogen maar niet gebroken vond het als jongen vooral een interessante kwestie. ,,Nee, de familie liep er zeker niet mee te koop. Natuurlijk was er de wetenschap dat het gevaarlijk was geweest, maar de actie werd gezien als een soort van burgerplicht. Iets dat je doet voor je vaderland, net zoals vele anderen in het dorp dat ook deden.’’

Zantingh is sinds 2014 in Rotterdam werkzaam op het gebied van het opsporen van niet-ontplofte explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Dat doet hij zodat grote bouwprojecten veilig kunnen worden uitgevoerd. Daarvoor verricht Zantingh onderzoek in archieven in binnen- en buitenland. ,,Het is verbazingwekkend hoe veel informatie er is bewaard in militaire archieven. Alleen moet je wel weten waar je moet zoeken. Doordat ik er beroepsmatig al veel mee te maken heb, wist ik ook waar ik moest speuren om het familieverhaal te reconstrueren. Daar ben ik mee begonnen. Maar al snel stuitte ik op tal van andere interessante gegevens over de oorlogstijd in Zweeloo.’’

Kistjes op zolder

De hoogste tijd dus voor een boek, waarin de familiegeschiedenis slechts een van de hoofdstukken is. Maar wát een reconstructie is het geworden. In archieven van de Amerikaanse luchtmacht vond hij niet alleen logboeken, maar ook rapporten met uitvoerige beschrijvingen van bemanningsleden over wat er precies was gebeurd. En hoe hun vlucht voor de Duitsers verder verliep. Zantingh spoorde via Facebook nabestaanden in Amerika op, die in fotoalbums en kistjes op zolder doken om hem nog persoonlijker materiaal toe te sturen.

loading


Hun relaas wordt aangevuld met herinneringen van ooggetuigen en betrokkenen vanuit Zweeloo. ,,Dit boek had ik twintig jaar geleden niet kunnen schrijven, want dan had ik familie van de bemanning niet zo betrekkelijk gemakkelijk via Facebook kunnen opsporen. Maar heel veel later had ik ook niet moeten zijn, want het aantal mensen dat de oorlog bewust heeft meegemaakt wordt steeds kleiner.’’

Op het land aan het werk

Een van de hoofdpersonen van toen leeft nog wel. Het is Zantinghs oudoom Roelof Meijering (93), die al zo’n zeventig jaar in Australië woont. Samen met zijn vader Jan Meijering (Zantinghs overgrootvader dus) was de toen 17-jarige Roelof op het land aan het werk op die bewuste 11 januari 1944. De laagvliegende bommenwerper waaruit rook kwam was veel dorpelingen niet ontgaan. Roelof en Jan bedachten zich geen moment toen parachutes aan de hemel verschenen. Ze fietsen zo hard als ze konden richting de neerdalende mannen.

loading


Roelof stuitte als eerste op een bemanningslid dat net zijn parachute aan het verbergen was. Hij maande hem zich meteen te verstoppen, in een greppel. Vanuit die schuilplaats kon de Amerikaan even later zien hoe Duitse soldaten het wrak inspecteerden. Omdat ze enkel daar oog voor hadden, bleef de Amerikaan onontdekt. Roelof kwam terug met eten en drinken, dekte de man toe met takken en mest en maakte duidelijk dat een man hem die avond zou komen halen.

Nog nooit op de fiets gezeten

Die man was vader Jan, die hem naar de familieboerderij aan de Kruisstraat in Zweeloo bracht. Roelof hielp ook twee andere Amerikanen die hij ontdekte aan de rand van een bos, waar ze zich een tijdje schuil hadden gehouden. Hij bracht burgerkleding en fietsen. Het was nog best een lange rit naar de boerderij, want de Amerikanen hadden nog nooit op de fiets gezeten. Ze konden er weinig van, noteert Zantingh in zijn boek.

De 13-jarige Marchje - de jongere zus van Roelof - had op het moment dat de mannen de boerderij binnenkwamen net orgelles. Ze barstte in huilen uit toen ze de drie zag. ,,Marchje is mijn oma’’, zegt Zantingh. ,,Ze leefde nog toen ik begon met het reconstrueren van de familiegeschiedenis. Ik belde vaak samen met haar op zondagmiddag met Roelof in Australië, haar oudere broer dus.’’

Australië

Zantingh ging twee jaar geleden zelf naar Australië om zijn oudoom alles te vragen over de gebeurtenissen. In de Amerikaanse archieven stuitte hij op de getuigenissen van de mannen die door Roelof en zijn familie gered waren. ,, I, however, understand some Dutch, and relaxed when he said: Í am your friend ’’, citeert Zantingh uit het relaas van een van de bemanningsleden. Die ‘he’ is Roelof.

loading


Een deel van de bemanning van de getroffen bommenwerper had minder geluk en werd opgepakt door de Duitsers. Zantingh achterhaalde hoe het alle bemanningsleden sindsdien was vergaan. Ingerekende Amerikanen belandden in krijgsgevangenenkampen. Bij de drie die door Roelof waren gered kwam later nog een vierde. Via Gees en Emmer-Erfscheidenveen gingen de vier naar Maastricht, Brussel, Parijs en Toulouse. Een van hen werd alsnog opgepakt en kwam eveneens in een kamp terecht. Die keerde na de oorlog terug naar de Verenigde Staten. De andere drie slaagden er in mei 1944 in via Gibraltar terug te vliegen naar Engeland.

loading

Niemand in de familie was op de hoogte wat er precies na Zweeloo was gebeurd met de bemanningsleden. ,,Ze vinden het allemaal machtig interessant. Ik heb mijn oma nog heel wat kunnen vertellen over het verdere verloop. En mijn oudoom in Australië belt mij nog regelmatig op om iets toe te voegen. We zijn een échte Drentse familie. Niemand springt een gat in de lucht, maar iedereen vindt het fantastisch dat ik het verder heb uitgezocht. Ze konden niet wachten op het moment het boek in handen te hebben.’’

menu