De bezuinigingen van de afgelopen jaren hebben flink effect op de ambtelijke organisatie van Assen. Het ontbreekt bij de gemeente aan capaciteit én kwaliteit, is het harde oordeel van de rekenkamercommissie.

De rekenkamercommissie liet onderzoek uitvoeren naar de manier van werken en effectiviteit van de ambtelijke organisatie in Assen. De conclusie: door een bestuurlijk en financieel roerige periode is niet op alle afdelingen en projecten de juiste focus aanwezig. Ook is te veel kwalitatief personeel verdwenen.

‘Vrijblijvendheid’

‘Er bestaat een grote mate van vrijblijvendheid in de ambtelijke organisatie’, schrijft de commissie. ‘Elkaar aanspreken gebeurt te weinig. ‘Afspraak is afspraak’ is geen zekerheid en dit kan ook de ontwikkeling van de organisatie of onderdelen ervan belemmeren.’

Het ontbreekt volgens de rekenkamercommissie aan voldoende capaciteit en kwaliteit op strategisch niveau. Dat is het gevolg van vertrekkende medewerkers en het verdwijnen van belangrijke functies door bezuinigingen. De kwaliteit van politiek-bestuurlijke stukken is ‘voor verbetering vatbaar’ en bestuurders zijn ‘veelal de enigen met een integrale kijk op de dossiers’. Tussen teams wordt onvoldoende samengewerkt en hierdoor ‘komt de advisering en ondersteuning van het bestuur onvoldoende van de grond.’

Veel interimkrachten

Het komt voor dat medewerkers niet weten waarom bepaalde keuzes worden gemaakt en in de praktijk is in sommige gevallen onvoldoende duidelijk wie waarvoor verantwoordelijk en aanspreekbaar is. Door het verlies van kwalitatief personeel op strategische functies wordt relatief veel gebruikgemaakt van interimkrachten.

‘Medewerkers geven aan dat een deel van die werkzaamheden best door henzelf kan worden uitgevoerd en dat zij het onduidelijk vinden waarom interimkrachten hiervoor worden aangetrokken’, schrijft de commissie. Die beveelt Assen aan om beter prioriteiten te stellen: ‘liever vijf onderwerpen goed aanpakken, dan twintig zaken half.’

Ook vindt zij dat Assen moet investeren in medewerkers voor strategische adviesfuncties en meer aandacht moet hebben voor het opleiden van jonge medewerkers, zodat die in de toekomst deze functies uit kunnen oefenen en minder externe kennis en kunde ingehuurd moet worden.

‘Groeiende spanning tussen taken en middelen’

Het college van B en W noemen deze aanbevelingen in een brief aan de raad voor een deel achterhaald, omdat verschillende verbetertrajecten al in gang zouden zijn gezet. Toch onderschrijft het college de noodzaak om meer focus aan te brengen en ziet in dat er ‘een groeiende spanning is tussen de taken van een middelgrote gemeente en de beschikbare middelen’.

Het college kan zich niet vinden in de constatering dat er te weinig kwaliteit binnen de organisatie zit en vindt die stelling te algemeen, ‘hoewel wij ook op bepaalde plekken zien dat de capaciteit en kwaliteit kwetsbaar is’. Volgens Assen ligt de inhuur van extern personeel ruim onder het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten.

In september wordt het rapport van de rekenkamercommissie besproken in de gemeenteraad.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe