De Maatschappij van Weldadigheid laat een oorspronkelijk koloniehuisje compleet restaureren. In februari is het klaar en trekken de nieuwe huurders erin.

De woning staat aan de Koningin Wilhelminalaan, halverwege Frederiksoord en Wilhelminaoord. Geschat bouwjaar: 1818 of 1819. Het is een van de meer dan 400 woninkjes die generaal Johannes van den Bosch, stichter van de Koloniën van Weldadigheid, toen in deze omgeving liet bouwen. Ze waren bestemd voor de paupers uit de grote steden die hij aan het werk zette op het Drents/Overijsselse platteland. In ruil kregen ze onderdak en een bescheiden loon.

De meeste van de oude koloniehuisjes zijn intussen afgebroken. Van de woningen die de tand des tijds hebben doorstaan, heeft de Maatschappij van Weldadigheid door de jaren heen een deel verkocht. ,,Die zijn nu van particulieren. We hebben er zelf nog dertig. Die verhuren we. Veertien daarvan zijn rijksmonumenten”, legt directeur Minne Wiersma van de Maatschappij uit.

Hoog tijd voor restauratie

Aan de meeste van deze dertig oorspronkelijke koloniehuisjes moet dringend iets gebeuren, vertelt Wiersma. Omdat er veel geld mee is gemoeid, is grootscheepse restauratie tot dusver nooit van de grond gekomen. Maar nu sinds 2012 tientallen nieuwe koloniewoningen zijn gebouwd, wordt het hoog tijd dat ook de oorspronkelijke huisjes onder handen worden genomen, vindt de directeur van de Maatschappij.

,,Wij zijn beheerders van erfgoed. Daar hoort bij dat we onze gebouwen waar mogelijk in de authentieke staat terugbrengen. We hebben besloten om, als de financiën het toelaten, nu elke paar jaar een van de oorspronkelijke koloniewoningen te restaureren. Zo ontstaat ook meer harmonie: de nieuwe koloniewoningen worden immers tussen de oude in gebouwd.”

Nieuwe koloniewoningen: teller staat rond de 50

De nieuwe koloniehuizen lijken als twee druppels water op de oorspronkelijke, maar zijn van alle moderne woongemak voorzien. Bovendien zijn ze energieneutraal: dankzij zonnepanelen en aardwarmte wekken de bewoners net zo veel energie op als ze zelf verbruiken. Deze woningen worden verkocht. Het plan is om er in en rond Frederiksoord en Wilhelminaoord in totaal 60 te bouwen. De teller staat inmiddels in de buurt van de 50.

‘Koloniewoningen van de toekomst’ worden ze genoemd door bouwer Broekman uit Nijensleek, dat de nieuwbouw realiseert. Hetzelfde bedrijf pakt nu ook het eerste oude koloniehuisje van de Maatschappij aan en legt er deze winter de laatste hand aan. Personeel van René Bouwknegt uit Nijeveen is op dit moment druk bezig met een nieuwe rieten kap.

‘Dak opgevreten door boktor en houtworm’

,,Aan deze woning - geen monument - moest echt veel gebeuren”, vertelt Minne Wiersma tijdens een rondleiding op de bouwplaats. ,,Het huisje was in slechte, zeg maar gerust: zéér slechte staat.” Zo gaat onder het verse riet een ondertussen compleet vernieuwde dakconstructie schuil. Aannemer Hilco Broekman: ,,Het oude dak was opgevreten door boktor en houtworm.”

Het huisje is inmiddels maximaal geïsoleerd maar zal, anders dan de nieuwe koloniewoningen, niet energieneutraal zijn. ,,Dan was er aan de binnenkant van de gevels nog eens 30 centimeter afgegaan”, legt de aannemer uit. ,,En nú zijn dit al ‘tiny houses’. We hebben daarom gekozen voor muurisolatie met een alumiumfolie.” Ook blijft de gasaansluiting, waar de nieuwbouw ‘van het gas af’ is.

Woninkje iets voor tuinliefhebbers

Het koloniewoninkje meet 65 vierkante meter vloeroppervlak maar staat op een eigen perceel van liefst 3000 vierkante meter. Iets voor tuinliefhebbers. Wiersma vertelt dat het huisje zal worden verhuurd aan een jong stel uit de omgeving. ,,Mensen die al een tijdje bij de Maatschappij op de wachtlijst stonden. Drie maanden geleden hebben we op basis van die lijst 60 gegadigden aangeschreven. Uiteindelijk bleven drie huishoudens over en hebben we de woning onder hen verloot.”

Met 65 vierkante meter houdt het qua binnenruimte niet over. Dankzij slim tekenwerk van architect Pieter Brink uit Meppel zijn er desondanks twee slaapkamers op de begane grond en biedt de etage ruimte voor nog eens twee (bescheiden) logeerkamers.

Wiersma en Broekman weten te vertellen dat, toen deze huisjes begin negentiende eeuw net waren opgeleverd, er complete gezinnen in leefden. ,,In het voorhuis welteverstaan. Het achterste gedeelte was voor de varkens of geiten.”

Restauratie net zo duur als nieuwbouw

De weloverwogen keuze om de oude koloniewoningen niet te vervangen door nieuwbouw loopt wel in de papieren. Wiersma: ,,Deze restauratie kost de Maatschappij 270.000 euro. Dat is ongeveer net zo veel als een koper kwijt is aan een gemiddelde nieuwe koloniewoning.” De investering houdt niet verband met de naderende erkenning van de Koloniën van Weldadigheid als Werelderfgoed, zegt hij: ,,Dat is een toevallige samenloop.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe