Jetta Klijnsma in haar huis in Assen.

CdK Jetta Klijnsma zit thuis. 'De crisis laat zien dat je je leven nooit alleen kunt leiden'

Jetta Klijnsma in haar huis in Assen. Foto: Marcel Jurian de Jong

Jetta Klijnsma zit thuis. Vanuit haar woonkamer levert ze haar bijdrage aan het bestuur van de provincie Drenthe en overdenkt ze de coronacrisis.

Hulde aan de medewerkers in de zorg. Aan de leraren. Aan de vakkenvullers. Aan de ict’ers, aan iedereen die het land in de benen houdt. Sterkte en beterschap aan de mensen die nu ziek zijn en medeleven aan iedereen die een naaste door corona heeft verloren.

Dat is de boodschap van Jetta Klijnsma, de Drentse commissaris van de Koning.

Dit kan tot grote veranderingen leiden

Jetta Klijnsma wil in deze coronatijd en met Pasen voor de deur graag haar waardering en medeleven uitspreken. Ze wil ook graag de crisis duiden. „Ik ben historica”, zegt ze. „Ik weet dat dit soort gebeurtenissen tot grote veranderingen kunnen leiden.”

Want uniek is deze epidemie niet, al ervaren mensen dat wel zo. „We hebben veel meer uitbraken van besmettelijke ziektes gehad. De pest in de middeleeuwen. Tuberculose, die ziekte was er nog tot in de jaren zestig. Daar zijn ook hele gezinnen aan ten onder gegaan.”

Ook rijken waren op anderen aangewezen

Klijnsma maakt uit de epidemieën in het verleden op dat die leiden tot deemoed en herwaardering. „Hoe rijk je vroeger ook was, als je de pest kreeg was je toch afhankelijk van mensen die je verzorgden, die je eten klaarmaakten, hoewel ze daarbij zelf risico liepen op besmetting. Het besef dringt tijdens zo’n crisis door dat je nooit alleen je leven kunt leiden. Dat brengt mensen dichter bij elkaar.”

Anno 2020 ontstaat er een herwaardering voor mensen die de samenleving draaiende houden: de politieagenten, de leraren, de thuiszorgmedewerkers, de supermarktmedewerkers. „Zonder hen kunnen we niet en we merken hoe moeilijk hun werk kan zijn. Denk maar aan de ouders die nu hun kinderen thuis moeten helpen met leren.”

Uitgerekend nu raken we de vrijheid weer kwijt

Nog een memorabel gegeven voor historici: uitgerekend in het jaar dat we 75 jaar vrijheid herdenken, raken we onze vrijheid op een andere manier kwijt. Toen was het een buitenlandse mogendheid met een misdadig regiem, waartegen Nederlanders zich nog konden verzetten, al was dat levensgevaarlijk. Nu is het een onzichtbaar virus, dat zelfs de knapste geleerden nog niet goed kennen. We hebben ons maar aan te passen.

Waarom niet 76 jaar vrijheid vieren?

De provincie blies met 1 miljoen euro flink in de bus om alle bevrijdingsfestiviteiten mogelijk te maken. Klijnsma: „Het is natuurlijk heel jammer dat veel mensen in touw zijn geweest om van alles te organiseren en dat al die prachtige bijeenkomsten nu niet door kunnen gaan. We moeten ons nu wel beperkingen opleggen om te voorkomen dat de zorg overbelast raakt. De subsidies die we voor de voorbereiding hebben gegeven, vragen we natuurlijk niet terug. En ach, waarom zou je een rond getal als 75 jaar moeten hebben om de vrijheid te vieren? 76 jaar kan ook. Eigenlijk moet je elke dag je vrijheid vieren.”

loading

Geen werkbezoeken, geen Den Haag

Zelf werkt de Drentse commissaris het overgrote deel van de week thuis. Geen werkbezoeken, geen bijeenkomsten op het Provinciehuis, geen overleg in Den Haag. Alles gaat via videobellen of de gewone telefoon.

„Eén keer per week hebben we op het Provinciehuis wel een bijeenkomst van de Veiligheidsregio Drenthe met de 12 burgemeesters, in de Statenzaal. We zitten dan heel ver uit elkaar en bespreken de situatie in Drenthe. Burgemeester Marco Out van Assen is de voorzitter, de provincie de gastheer. Ik ben trots op de Drentse gemeentebestuurders die in deze tijden op de voorplecht staan.”

Daarnaast zijn er nu twee keer per week de videovergaderingen met de gedeputeerden. „We hebben op vrijdag een extra vergadering ingelast om te bespreken hoe de zaken ervoor staan.”

Provinciale Staten gaan door

Provinciale Staten zullen zich over enkele weken buigen over de provinciale begroting en de geplande miljoeneninvesteringen in de Drentse economie. Dit gebeurt in een speciale videovergadering. Klijnsma: „Ik ben heel blij met onze Statenleden. Iedereen werkt er constructief aan mee dat we besluiten kunnen nemen en is bereid de onderlinge verschillen wat opzij te zetten.”

Het thuiswerken gaat goed. Zelf houdt ze beneden in huis kantoor, haar echtgenoot Ard van Rijn boven. „Normaal gesproken zijn we altijd op pad, nu zien we elkaar veel vaker. Dat gaat heel goed.”

Geef elkaar de ruimte

Elke dag maakt ze op de fiets een tocht. „Het is voor mij heel belangrijk om in beweging te blijven. Ik kan nu niet naar de fysiotherapeut. Niet dat ik daardoor achteruit ga, maar ik ben wel heel blij dat het kabinet ervoor heeft gekozen dat we allemaal nog wel naar buiten mogen. Tenslotte is het voor de gezondheid van iedereen belangrijk dat we regelmatig onze benen strekken.”

Andere landen hebben voor een totale lockdown gekozen, daar mag je alleen nog even naar de supermarkt of de apotheek. Het is voor iedereen belangrijk verantwoord om te gaan met de vrijheid die wij wel hebben, benadrukt Klijnsma.

„We mogen heel blij zijn dat we hier in Drenthe veel ruimte hebben, maar we moeten elkaar die ruimte ook geven. Ik wil daarom iedereen oproepen heel goed na te denken voor men in groepen met de racefiets of de motor er op uit te trekt. Want je kunt op smalle weggetjes wandelaars dwingen om dicht bij elkaar te lopen, als ze voor je aan de kant moeten gaan.”

Vrijetijdseconomie ligt plat

Ondernemers in de horeca en het toerisme zijn voorlopig gedwongen op hun handen te zitten. Niemand weet wanneer ze weer hun gasten mogen verwelkomen. De vrijetijdseconomie mag zich in de warme belangstelling van het provinciebestuur verheugen. Wat kan de provincie nu doen om het leed te verzachten?

„Als provincie Drenthe, maar ook als provincies gezamenlijk, proberen we de noodvoorzieningen die het Rijk heeft ingesteld toegankelijk te krijgen voor verschillende sectoren die nu buiten de boot lijken te vallen, zoals bedrijven in de vrijetijdseconomie en de cultuursector.”

„Ik snap de zorgen heel goed: in deze sectoren werken veel mensen als zzp’er of op afroepbasis. Er zijn noodvoorzieningen, maar de nabije toekomst is voor veel mensen financieel onzeker.”

Problemen achter de voordeur

Een andere zorg is dat er moeilijke situaties bij mensen thuis ontstaan , achter de voordeur. In gezinnen met kinderen die thuis niet te houden zijn, of waar juist de ouders psychische problemen hebben. Of bij oudere echtparen, van wie er een aan het dementeren is. Dankzij de dagbesteding was het tot voor kort nog net vol te houden, maar die is nu ook dicht...

„Ik kan mij goed voorstellen dat in veel situaties de lontjes kort zijn en de eenzaamheid groot”, zegt Klijnsma. „Als provincie overleggen we met de verantwoordelijke wethouders in de gemeenten wat we hieraan kunnen doen. Het is heel belangrijk dat mensen zelf bij de gemeente, de school of de thuiszorg om hulp vragen als er problemen zijn. Alleen al een luisterend oor kan helpen.”

„Daarnaast kunnen buren helpen, of familieleden. Probeer niet jezelf groot te houden, of denk niet dat jouw problemen in deze tijd niet belangrijk zijn. Houd je zorgen niet achter. Vraag om hulp! In Drenthe zijn we goed in naoberschap.”

menu