DNA verdachte in verkrachtingszaak Schipborg onderzocht om onderscheid met tweelingbroer te kunnen maken

Een 76-jarige wandelaarster werd in juli op klaarlichte dag verkracht in de buurt van Schipborg.

Een ongebruikelijke wending in de verkrachtingszaak van de wandelaarster in Schipborg. Het DNA dat werd gevonden kan zowel van de verdachte (26) als zijn eeneiige tweelingbroer zijn. De rechtbank wil dat er geprobeerd wordt om toch onderscheid te maken in het DNA, zodat onomstotelijk kan worden vastgesteld of het inderdaad van de verdachte is.

Het DNA van eeneiige tweelingen is identiek. Nieuwe onderzoeksmethoden maken het sinds kort mogelijk om toch verschillen vast te stellen. Verdachte R.K. uit Tynaarlo zit sinds juli vorig jaar vast. Hij werd enkele dagen na de verkrachting van de wandelaarster (76) opgepakt.

De man blijft ontkennen dat hij verantwoordelijk is voor het zedenmisdrijf. Bizar genoeg werd hij onder meer zo snel opgespoord, omdat het DNA van zijn tweelingbroer in de databank van justitie zit. Die broer is enkele jaren geleden veroordeeld en moest toen DNA afstaan. Dat was voor zover bekend niet vanwege een zedenfeit.

Bijzonder loopje

Volgens de officier van justitie klopt het alibi van de verdachte niet en heeft de tweelingbroer wel een sluitend alibi. ,,R.K. voldoet aan het signalement dat het slachtoffer heeft gegeven. Zij heeft zijn bijzondere loopje en opvallend rode wangen beschreven. Ook andere wandelaars en fietsers hebben hem zien lopen.” De verkrachting op zaterdag 6 juli heeft waarschijnlijk tussen half vier en vier uur in de middag plaatsgevonden. ,,Gegevens uit zijn telefoon wijzen uit dat de verdachte op dat moment in de buurt van de plaats van het misdrijf was.”

Nooit eerder toegepast in strafzaken

Advocaat Ubo van Ophoven heeft gevraagd om het DNA van de tweelingbroers te vergelijken. De officier van justitie vindt dat niet nodig, omdat er volgens haar meer dan genoeg bewijs is tegen de verdachte. Bovendien heeft het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) volgens de officier aangegeven dat de uitkomst van het onderzoek onzeker is. De rechtbank vindt toch dat het geprobeerd moet worden. Dat kan alleen als ook de tweelingbroer bloed wil afstaan.

Volgens de rechtbank is in Nederland in strafzaken nooit eerder onderzoek gedaan naar het onderscheid tussen het DNA van eeneiige tweelingbroers. Het NFI heeft aan de rechtbank en het Openbaar Ministerie gemeld dat zo’n onderzoek mogelijk is. Het is wel tijdrovend en duur en er zijn en drie laboratoriums nodig om het uit te voeren.

R.K. moet van de rechtbank in afwachting van het onderzoek in voorarrest blijven.

menu