De cd's van Klaas Prent uit Ruinen gaan naar Japan, Thailand en Nieuw-Zeeland: 'Eerste coronaweken was het gekkenhuis'

Mond- en klauwzeer in 2001, de financiële crisis in 2008 en voortdurend dreigende verliezen door de overgang van analoog naar digitaal. Klaas ‘De Platenbaas ’ Prent uit Ruinen moet zich in deze coronatijden met zijn CD Hal weer door een crisis knokken. Verkopen via internet is de uitkomst. Zijn cd’s gaan de hele wereld over, al is het een doekje voor het bloeden.

De doorgewinterde marktkoopman is niet meer welkom tussen de kramen, en dat is voor hem het grootste gemis ,,Op markten zijn alleen nog kramen welkom die levensmiddelen verkopen. Dat is de zwaarste dreun, want dáár kom ik in contact met mijn klanten en draai ik de meeste omzet.” Toch nam Prent ook nog de beslissing om zijn winkel in Ruinen te sluiten. Waarom? Sinds de maatregelen bemerkt Prent een flinke groei in online-aankopen. Dat mag niet stil komen te liggen, de kans om het virus op te lopen moet zover mogelijk worden teruggeschroefd.

Hij verstuurt de ‘schijfjes’, samen met zijn team, via de eigen webwinkel en platformen als Bol.com en Amazon de hele wereld over. Langspeelplaten van Nightwish naar Japan of een collectie van de Dutch Swing College Band , waar wijlen koning van Thailand Bhumibol nog op meespeelde, gaat in veelvoud naar dat land van herkomst. De postzakken staan nu voor de schappen waar klanten in betere tijden gulzig in rondneusden. ,,Met name de eerste weken in quarantaine was het gekkenhuis.”

‘Heb geen cd’s thuis staan’

Toch deed het de Ruiner pijn om zijn zaak tijdelijk te sluiten. ,,Wij verkopen een gevoel. Mensen worden hier nog door de directeur zelf geholpen. Dat vindt men prettig. Het is wat anders dan wat ‘clicks’ op een computerscherm.” Maar voorlopig is dat wat rest voor Prent en zijn personeel. Het geratel van de automatische printer betekent dat er weer een online-aankoop is gedaan. Er kan een zending naar Maasbroek. ,,Weet jij waar dat ligt?”, vraagt Klaas retorisch aan zijn vrouw Aaltje. Ze gaat er niet eens op in, ze duikt weer het magazijn in, waar tienduizenden artikelen liggen.

CD’s van The Flying Burrito Brothers , Ad en Karin of Webb Pierce. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het staat wel ergens op de plank. Op de ene hoes een dikkere laag stof dan op de ander. Wie koopt er nu van die plaatjes van zulke onbekende namen? ,,Kennis kan een rem zijn”, reageert Prent droogjes. ,,Ik luister gewoon naar mijn klanten. Als zij ergens naar vragen, haal ik het in huis. En het liefst nog wat extra’s van diezelfde artiest.”

Maar dat contact valt weg. Tijdens de koffie druppelt het nieuws via de radio binnen dat burgemeesters landelijk oproepen grote evenementen te verbieden tot 1 september. Een diepe zucht bij de platenbaas, terwijl aan zijn achterhoofd krabt. „Je kon erop wachten. Soms kun je beter niet naar het nieuws luisteren.” Want naast al zijn werkzaamheden heeft hij ook bands als Mooi Wark onder zijn eigen platenlabel.

Geen concerten betekent nauwelijks verkoop van merchandise. Bands van zijn platenlabel zitten zonder optredens en kunnen niet repeteren. ,,Om zo’n band heen zitten ook een aantal mensen die ervan moet leven. Dat is nu gewoon shit.

Janken in het magazijn

Tijd om erbij stil te staan is er niet. Prent is door de jaren gehard en veert altijd weer terug. In een markt die alsmaar kleiner wordt, houdt hij zijn hoofd nog altijd boven water. ,,Tijdens de crisis van 2008 stond ik met iemand die hier al dertig jaar werkte te janken in het magazijn. Zo bang dat ik haar moest ontslaan. Gelukkig hebben we dat toen kunnen voorkomen. En ook nu gaan we het redden, daar ben ik van overtuigd.”

Hoe veel klappen er ook nog vallen, durft Prent niet te voorspellen. Maar stoppen? ,,Geen denken aan. Ik ben een man van het ‘volksrepertoire’. Bijna iedereen kent me in dat wereldje. Daar stap ik niet zo maar weer uit. Mensen adviseerden mij jaren geleden al: ‘Ga artiesten managen!’ Maar ik ben een marktkoopman en dat blijf ik. Alles wat wij hier hebben opgebouwd, is ons niet aan komen waaien. Daar hebben we hard voor gevochten met zijn allen. Dat laat ik niet meer los.”

menu