Thijs Rinsema te midden van de collectie kunstwerken die hij en zijn vrouw verzamelen. FOTO JASPAR MOULIJN

De stijlvolle wereld van Thijs Rinsema

Thijs Rinsema te midden van de collectie kunstwerken die hij en zijn vrouw verzamelen. FOTO JASPAR MOULIJN

Thijs Rinsema kreeg de oeuvreprijs voor al zijn publicaties over de Drentse geschiedenis. Het is slechts één verhaal dat aan hem kleeft. Duik in de culturele wereld die Thijs Rinsema heet en het palet krijgt alle kleuren van de regenboog. Een kleine man, met een groot denkraam.

Norg

Oud-apotheker Thijs Rinsema kreeg zondag twee prijzen van de Drentse Historische Vereniging en dat vraagt natuurlijk om een interview. Het ene na het andere boek kwam onder de handen vandaan van deze Meppeler, die acht jaar geleden naar Norg verhuisde.

Het interview vond plaats bij hem thuis, in de voormalige kleuterschool van Norg. Daar woont hij, samen met zijn vrouw Conny Weide. Achteraf had het gesprek beter elders kunnen plaatsvinden. Want wie bij Thijs Rinsema en zijn vrouw Conny Weide over de vloer komt, raakt direct van zijn apropos. Hij vergeet domweg waarom hij hier kwam.

Verdwalen

De bezoeker verdwaalt in de lokalen, gangen en kamers die volhangen met schilderijen uit de twintigste eeuw. Tot in de keuken aan toe. Vele tientallen kunstwerken sieren de wanden, alle even stijlvol opgehangen. Stijlvol, met recht. Veel schilderijen dateren uit de periode waarin de Nederlandse kunstbewegingen van De Stijl en het Dadaïsme het artistiek palet beheersten in het begin van de twintigste eeuw.

De bezoeker verdwaalt in de verhalen die schuilgaan achter die schilderijen. Hij droomt weg in de kamer die bijna een kopie is van het werkvertrek van opa Thijs Rinsema (1877-1947). Een bijzondere man, die destijds in Drachten zijn ambacht van schoenmaker combineerde met zijn passie als kunstschilder en verzamelaar van schilderijen. Opa Thijs ontwikkelde zich tot een redelijk succesvolle kunstenaar met een grote voorliefde voor de modernistische en kubistische stijl.

Geschiedenis

De geschiedenis van opa Thijs, en van zijn broer Evert (1880-1962), vormen een doolhof op zich binnen de grote dwaaltuin van de oude kleuterschool. Opa Thijs maakte superieure schoenen die in de smaak vielen bij kunstenaars als Theo van Doesburg (oprichter van De Stijl ) en Charley Toorop, dochter van Jan Toorop. Thijs leverde de schoenen, de kunstenaars betaalden hem met schilderijen. Er bestaat zelfs een levendige briefwisseling tussen Evert en Thijs Rinsema enerzijds en Theo van Doesburg anderzijds.

Terzijde, maar daagt daar niet een nieuw boek aan de horizon?

Het is alweer zo’n verhaal waarin een verslaggever zichzelf gemakkelijk verliest. De broers kregen dankzij hun ruilhandel drie schilderijen van Theo van Doesburg. Die zouden nu kapitalen waard zijn. Twee kwamen in bezit van Thijs’ zoon Dirk, die weer de vader is van Thijs Rinsema. Maar apotheker Dirk Rinsema zou beide Van Doesburgs verkopen. Van de opbrengst kocht hij andere schilderijen.

Stijlvol

Veel van die schilderijen hangen nu in de oude kleuterschool, die door de collectioneurs Thijs en Conny is herschapen in een wit paleisje. Een gebouw waarin de kunstwerken maximaal tot hun recht komen. Stijlvolle rangschikking, stijlvolle belichting, stijlvolle inrichting. Het secuur beveiligde onderkomen oogt als een museum maar is dat niet. ,,We vinden het gewoon mooi en genieten er elke dag van’’, zegt Thijs Rinsema. ,,Een mooie lijst eromheen en dat is het.’’ Met vakantie gaan ze niet. ,,We zijn altijd thuis.’’

Waarom zouden ze weggaan? Dit is hun domein, waar beiden werken, schrijven en genieten. Vanuit de kamers kijken ze uit over het karakteristieke landschap van Norg. Verderop ligt Veenhuizen. Voor iemand die veel interesse heeft in lokale en regionale geschiedenis is dit the place to be . En Thijs Rinsema mag graag ‘puzzelen’: uitpluizen hoe historiën in elkaar steken en ze erna tot leven wekken – dat vindt hij heerlijk.

Boeken

Ter zake: historische boeken schrijven, daar kwamen we voor. Zijn eerste artikel, voor het blad Oud Meppel , schreef Rinsema nog als apotheker. Op de zolder van zijn collega Soer, met wie hij een maatschap had, vond Rinsema ‘prachtige medicijnboeken’. Hij stuitte op een vergiftigingszaak van ijswafels, die in de jaren twintig het leven van zeven kinderen kostte in Meppel.

,,Dat smaakte naar meer, maar ik had geen zin meer om medische en farmaceutische onderwerpen te kiezen’’, vertelt hij. Zijn apotheek in Meppel verkocht hij, maar voordat hij zich op de regionale geschiedenis zou storten, promoveerde hij nog even in 2000. De Natuur Voorbij, heet het proefschrift van dr. Thijs Rinsema, met als ondertitel: het begin van de productie van synthetische geneesmiddelen .

De oud-apotheker raakte op stoom, de ene publicatie volgde op de andere. Met als laatste boek Tussenstation Meppel. Frits Blasbalg op de vlucht voor Hitler , waarvoor hij de prijs kreeg van de Drentse Historische Vereniging (DHV). Het bizarre verhaal van een Duits-joodse vluchteling die in Meppel belandt en in Auschwitz zou worden vermoord. Maar de prijs geldt evenzeer het gehele oeuvre van Rinsema. ,,Ik schrijf al die boeken niet om een prijs te winnen, maar als het gebeurt, doet dat wat met je.’’

Huzarenstukjes

Piêce de résistance is zijn boek Joden in Meppel 1940-1945. Dat móest worden geschreven. Zo’n 250 Joden telde de Joodse gemeenschap in Meppel, van wie bijna iedereen werd vermoord in de vernietigingskampen. Rinsema dook in de archieven van de gemeente en de politie en daarin zitten zwarte bladzijden. Meppel was een van die plaatsen in Nederland waar relatief de meeste Joden van de kaart verdwenen. Rinsema: ,,Het was registratie, isolatie, deportatie en liquidatie.’’ Het klinkt als een macaber kinderrijmpje. De Meppeler gaf de vermoorde Joden een gezicht.

Een ander huzarenstukje is de samenstelling van een database van de bewoners van alle koloniehuizen van de Maatschappij van Weldadigheid in Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord. Een enorm puzzelwerk dat hij na vijf jaar voltooide. Nu is hij bezig om alle bewoners van de drie strafkoloniën in Veenhuizen in kaart te brengen. Opnieuw een mammoetpuzzel, maar dankbaar werk. De wortels van 800.000 Nederlanders liggen in al deze Drentse koloniën.

De DHV-prijs ging vergezeld van 1000 euro. ,,Die kan ik mooi voor het boek van Veenhuizen gebruiken.’’

menu