Wie weinig weet van de bijzondere geschiedenis van Veenhuizen mist een heleboel. Daarom is er nu een luistertocht door het ‘Pauperparadijs’.

De kaart van Drenthe in 1822. Schuin naast het Groote Ravens Meer, Klooster Meer en Esch Meer ligt een vierkantje. ‘Nieuwe kolonie’, staat erbij. ,,Je ziet een klein weggetje dat naar het vierkantje loopt. Daar staan we nu”, zegt schrijfster van Het Pauperparadijs Suzanna Jansen.

Alleen dit pad

Terwijl auto’s vlak achter ons voorbijrazen langs de Kolonievaart klinkt Jansens stem door de koptelefoon. Ze neemt de luisteraar mee op de reis die de arme paupers uit de Randstad twee eeuwen geleden gedwongen moesten maken . Na een dagenlange bootreis kwamen ze terecht in... niks, eigenlijk. ,,Er was geen boom, geen huis.. Alleen dit pad”, vertelt de schrijfster.

De oudste weg van Veenhuizen loopt naar het Eerste Gesticht. Het oorspronkelijke gebouw staat er niet meer, leert de luisteraar. Het nieuwe Eerste Gesticht, in 1903 gebouwd door de landlopers zelf, doet nu dienst als gevangenis. Normaal gesproken is het terrein niet toegankelijk. Voor wandelaars van de route is een uitzondering gemaakt.

Op de route over het terrein voeren Jansen en acteur Paul R. Kooij, die ook in de theaterproductie van Het Pauperparadijs speelt, de luisteraar mee door de verschillende periodes uit de bestaansgeschiedenis van Veenhuizen. Van de paupers, naar de landlopers en het gesloten gevangenisdorp.

Twee aan twee

,,Twee aan twee lopen ze naar buiten, de bewakers ernaast. Aan weglopen denken ze niet (..). Niemand wil ze in huis, niemand wil besmet worden met de schande van Veenhuizen.” Terwijl je het verhaal hoort zie je ze haast lopen, die arme mensen. Even later, over de wederzijdse afhankelijkheid tussen gevangenen en bewaarders in het Veenhuizen tot 1984: ,,Je moet hun tuintjes aanharken, dan kun je een extra boterham krijgen.” Op de achtergrond klinkt gebrom. In het Veenhuizen van nu maait een jonge man het gras bij één van de voormalige bewaarderswoningen.

,,Met de luistertocht wilde ik het Pauperparadijs laten zien in het landschap. Als je het niet weet zie je het niet. Maar als je het wel weet zit je in een andere wereld”, vertelt Jansen over de tocht die ze met het Gevangenismuseum ontwikkelde. Beiden maakten daarvoor gebruik van de coronatijd, waarin andere werkzaamheden wegvielen.

Naar buiten

Mariëlle Kooij en Inge van de Graaf van het Gevangenismuseum zijn apetrots op de route, die volgens hen voorziet in een behoefte: ,,Toen ik hier zelf kwam werken weet ik nog dat ik dacht: waar is wat, en wat kan ik daar nog van zien”, zegt Kooij. Van de Graaf: ,,Plus dat veel mensen het museum bezochten naar aanleiding van het boek en teleurgesteld waren dat er weinig te zien was.” Kooij: ,,We brengen het verhaal nu letterlijk naar buiten.”

Het Derde Gesticht ligt in een uithoek van Veenhuizen. Daar is geen gebouw meer, alleen nog een weiland. Vlak als een biljartlaken, op de met bloemenmengsel ingezaaide randen na: ze tonen de contouren van ‘Het Derde’. De route leidt dwars over het weiland, naar de plek waar Jansens betovergrootmoeder haar man ontmoette en kinderen ter wereld bracht. En de plek die een thuis was voor duizend wezen. Het geroezemoes van de kinderen is niet meer te horen, bijna niks is meer te zien. ,,Dit was hun thuis, al waren ze allemaal ontheemd.” Kippenvel.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe