Dr. Nassaucollege wil levend lab worden

ASSEN Het nieuwe gebouw van het Dr. Nassaucollege in Assen moet middels sensoren een levend lab worden waar het Technasium de vruchten van plukt.

In Sensor City Assen kan al veel worden gemeten dus past een sensorschool goed bij de stad, stelt wethouder Maurice Hoogeveen. Door het Dr. Nassaucollege ook vol te hangen met sensoren, ontstaan er volgens directeur Albert Noord veel interessante en innovatieve mogelijkheden. „We kunnen dan bijvoorbeeld onderzoeken wat voor effecten buitenomstandigheden hebben op het microklimaat binnen.”

Voor het project, dat drie jaar duurt, is een Europese subsidie van twee miljoen euro aangevraagd. In augustus wordt er beslist over de aanvraag. „Ook als we de subsidie niet krijgen, gaan we door”, zegt Noord. „Dan komt het alleen langzamer op gang.” Het geld is vooral voor ondernemingen om sneller sensoren te ontwikkelen waarmee de school onderzocht kan worden.

Asser onderzoeksbureau Incas³ begeleidt de leerlingen. Victor Stoica van het bureau: ”Door de hele stad als proeftuin te gebruiken krijg je inzicht in aspecten die nog onbekend zijn. Hetzelfde geldt voor de school.”

Als voorbeeld noemt Stoica een project dat hij met leerlingen van een andere school uitvoerde. ”Zij onderzochten met sensoren hoe je een kop koffie zonder morsen oppakt. Dat is een simpele handeling, maar het kan wel toepassingen hebben in de zorg. Het is voor ons belangrijk om leerlingen altijd inzicht te geven in het eindresultaat van een project, ook als zij zelf maar een klein deel doen.”

Met de informatie van de sensoren gaan de bedrijven samen met Technasiumleerlingen en Incas³ aan de slag. „Onze leerlingen voeren projecten voor de bedrijven uit en komen zo al vroeg met de praktijk in contact. Daardoor leren ze beter welke vervolgopleiding hen ligt”, zegt Noord. „Deze school is een van de eerste in het voortgezet onderwijs die zo dicht op het bedrijfsleven staat.”

De ongeveer 350 Technasumleerlingen van het Dr. Nassaucollege besteden vijf uur per week aan hun projecten. In de onderbouw duurt zo’n project acht weken, in de bovenbouw zijn leerlingen er in kleine groepen meer dan een half jaar mee bezig. Vaak komen er nuttige dingen uit, zegt Noord. ”In Arnhem waren mensen bezig met planten en kunst. Ze vroegen zich af hoe ze de planten in leven konden houden. Onze leerlingen kwamen met ideeën waar zij nog niet aan hadden gedacht.”

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.