De waterstoffabriek in Emmen, die dit jaar gebouwd gaat worden, is het meest spraakmakende project om de energietransitie in Drenthe vorm te geven. Maar is deze fabriek genoeg? Hoogleraar André Faaij stelt dat Drenthe pas écht duurzaam is als de provincie investeert in alle mogelijke duurzame energiebronnen. „Een waterstoffabriek is een Lego-steentje.”

Hoogleraar André Faaij stelt dat Drenthe pas écht duurzaam is als de provincie investeert in alle mogelijke duurzame energiebronnen. „Een waterstoffabriek is een Lego-steentje.”

Drenthe wil dit jaar grote stappen zetten op het gebied van de energietransitie. De tijd dringt: in 2050 moet Nederland energieneutraal zijn. Olie, kolen en gas gaan in de ban, wind, biomassa en zon - in combinatie met energie- en materiaalbesparing - moeten de huidige energievoorziening vervangen.

Een groot project moet dit jaar zijn beslag krijgen. De bouwstart van een nieuwe waterstoffabriek op het terrein van de voormalige Gaszuiveringsinstallatie (GZI) in Emmen. Het gaat hier om een miljoeneninvestering waar multinational Shell bij betrokken is en waar de provincie ruim 1,6 miljoen euro aan subsidie in steekt. Deze fabriek moet een belangrijke slinger geven aan de toepassing van waterstof.

Nog lang niet iedereen is enthousiast over de zogenoemde energietransitie. Wat is de betekenis van een waterstoffabriek? Gaat het lukken alle weerstand en scepsis te overwinnen?

Alle opties inzetten

André Faaij, energieprofessor aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en wetenschappelijk directeur bij technisch onderzoeksinstituut TNO EnergieTransitie, waarschuwt dat Drenthe zich niet blind moet staren op de waterstoffabriek. Er moet nog veel, maar dan ook heel veel meer gebeuren. „Klimaatneutraal worden in 2050 kan nog steeds, maar dan moet je alle opties inzetten. Bovendien moet je slimme combinaties maken tussen alle afzonderlijke opties en energie-infrastructuur”, vertelt Faaij.

Niet of windenergie, of zonne-energie of waterstof, maar en, en, en. Wat dat betreft, komt de waterstoffabriek in Emmen misschien wel te vroeg, betoogt Faaij. Niet dat deze fabriek een nutteloos project is. Integendeel, waterstof kan in de toekomst een belangrijke rol spelen als energiedrager om bijvoorbeeld de kunststofindustrie in Emmen te verduurzamen, in combinatie met de inzet van biobased en gerecyclede grondstoffen.

Veel stroom nodig

Maar om waterstof te maken, is veel stroom nodig. En wel graag duurzaam opgewekte stroom. „Anders houd je jezelf voor de gek”, zegt Faaij. Nu staan er weliswaar zonnepanelen op het GZI-terrein, maar dat is veel te weinig om de waterstoffabriek dag en nacht van stroom te voorzien. „Overdag leveren die panelen stroom, maar ’s nachts niet. Die fabriek vertegenwoordigt een grote investering en je wilt dan dat die dag en nacht draait.”

Tel daarbij op dat de groene stroombehoefte in de toekomst alleen maar zal toenemen - neem bijvoorbeeld de opkomst van elektrische auto’s en warmtepompen en de elektrificatie van de industrie - en het wordt duidelijk dat er eerst veel meer groene stroom opgewekt moet worden. Drenthe moet daarbij zijn kansen spreiden, zegt Faaij. Windmolens, zonneparken, zon op daken, goede huisisolatie, efficiëntere en meer circulaire industrie, benutting van duurzame biomassa en mestvergisters. En, uiteindelijk ook met alle duurzaam opgewekte stroom, een waterstoffabriek. „De energietransitie wordt juist goedkoper als je vele opties in combinatie inzet. Dit hebben we recent vanuit TNO in detail geanalyseerd”, stelt Faaij.

Niet ad hoc, maar goede sturing

Goede sturing vanuit de provincie is daarbij onmisbaar. Geen ad hoc-projecten, maar een duidelijk beleid voor de lange termijn waarbij slimme combinaties gemaakt worden. ,,Daar is het in het verleden in Nederland vaak mis gegaan, doordat subsidieregelingen en doelen vaak wijzigden. Dan gaan bedrijven niet investeren.” Drenthe is geen eiland, maar onderdeel van de totale Noordwest-Europese energievoorziening, zegt Faaij. „Afstemming tussen actie in de regio en ontwikkelingen elders is erg belangrijk om optimale trajecten te realiseren.”

Bovendien moet Drenthe, met de wetenschap dat de vraag naar groene stroom steeds groter zal worden, ervoor waken dat een versnipperd aanbod van duurzame projecten leidt tot hoge energierekeningen. ,,Want dan zal het draagvlak voor de energietransitie snel verdwijnen bij de mensen.”

En juist met het draagvlak in Drenthe voor een duurzamere wereld zit het volgens Faaij nu wel snor. „Er is veel enthousiasme om de energietransitie aan te pakken.” Daarom zijn oproep aan de Drentse politiek: verspeel het enthousiasme niet. En neem de regie in handen voor een duidelijke en goed onderbouwde strategie. „En toon daadkracht op gebieden waar nu al veel meters kunnen worden gemaakt: verduurzamen gebouwde omgeving, zon, wind, biomassa, circulair produceren, meer elektrisch vervoer enzovoorts.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe