Drentse brandweer blust zonder brandkraan

De brandweer van Drenthe maakt voor zijn bluswater alleen nog maar gebruik van zo’n 200 geboorde putten en 600 vulpunten bij oppervlaktewater.

Daarmee heeft de brandweer definitief afscheid genomen van de ruim 20.000 brandkranen waarover de provincie beschikt. Vanuit Nederland en buitenland bestaat grote belangstelling voor het nieuwe systeem dat begin juni met enig ceremonieel officieel in gebruik wordt genomen.

Drenthe voorop

,,Drenthe loopt hiermee voorop en daar mogen we trots op zijn’’, zegt Theo de Jong, algemeen adviseur van de Veiligheidsregio Drenthe. ,,We krijgen regelmatig korpsen uit andere regio’s op bezoek.’’ Het kostte de brandweer (na jarenlange voorbereiding) drie jaar om van het oude naar het nieuwe systeem over te schakelen.

De brandweer deelde de brandkranen met de Waterleidingmaatschappij Drenthe (WMD). Dat knelde. Het waterleidingbedrijf heeft behoefte aan smalle buizen waardoor het water sneller kan stromen. De brandweer verlangt juist grotere buizen voor het bluswater. ,,De opbrengst van de brandkranen liet veel te wensen over, vooral in het landelijk gebied’’, zegt De Jong.

De nieuwe situatie werkt ook in het voordeel van de WMD. Zij hoeft nu geen rekening meer te houden met de wensen van de brandweer.

14.000 liter water

Bijna alle 36 brandweerkorpsen hebben een tankauto die meegaat als de brandweer voor een brand uitrukt. In zo’n ‘watertank’ zit 14.000 liter water. Zodra die leeg is, kan de tankauto worden bijgevuld vanuit een put of vulpunt bij open water.

Het netwerk van putten en vulpunten is zo opgebouwd dat de brandweer nooit verder dan 2 kilometer hoeft te rijden vanaf de plek waar de brand woedt.

Boorputten

Waar oppervlaktewater te ver uit de buurt ligt, zijn boorputten nodig. Bijna al die putten zijn nu klaar. De putten gaan minimaal 60 meter de grond in om het water op te pompen. In elke brandweerauto zit een ingebouwde pomp die direct aan een vulpunt kan worden gekoppeld. Met een snelheid van zo’n 1500 liter per minuut kan de tankauto razendsnel worden gevuld.

Bij de boorputten in Zuidoost-Drenthe en op de Hondsrug waren extra maatregelen nodig. Het water zit daar zo diep dat een extra pomp in de boor nodig is.

De aanleg van de laatste boorputten neemt Defensie voor haar rekening. Deze week installeren militairen ‘een calamiteitenput’ aan de zuidrand van het Dwingelderveld, tegenover het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten. De put biedt uitkomst bij een natuurbrand, vandaar de samenwerking met Defensie. Eenzelfde put legt Defensie aan bij het Holtingerveld bij Havelte.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.