Dwangsom Ruinerwoldse klusjesman Josef B. lijkt voorlopig van tafel te gaan, maar Oostenrijker is er nog niet van verlost

Links de verdachte klusjesman Josef B., rechts de bewuste boerderij in Ruinerwold. Foto: ANP & Willem Braam

De dwangsom van 50.000 euro die de gemeente De Wolden heeft opgelegd aan klusjesman Josef B., verdachte in de Ruinerwold-zaak, moet worden ingetrokken en opnieuw worden beoordeeld. Dat adviseert de bezwaarschriftencommissie van de gemeente. Desondanks is de Oostenrijker niet uit de zorgen.

Het advies komt er in het kort op neer dat de gemeente De Wolden haar besluit scherper had moeten formuleren. Volgens de commissie is de gemeente niet eenduidig genoeg in haar besluit en is het onduidelijk welke overtredingen nu precies waar zijn begaan aan de Buitenhuizerweg. Voorlopig moet het college van B en W de dwangsom intrekken en opnieuw beoordelen, adviseert de commissie.

Josef B. (59) zit net als vader Gerrit-Jan van D. (68) ruim elf maanden in voorarrest. Ze worden onder meer verdacht van vrijheidsberoving van zes kinderen van Van D. De Oostenrijker is de huurder van de boerderij in Ruinerwold waar de zes jongste van de negen kinderen van Van D. sinds 2009 tegen hun zin zouden zijn vastgehouden.

Laatste vergunning uit 1972

Hij kreeg de dwangsom toen De Wolden na de inval van de politie in de boerderij in Ruinerwold, in oktober 2019, constateerde dat er grote aanpassingen zijn gedaan aan de boerderij. Allemaal illegaal. Zo werd in strijd met het bestemmingsplan een koeienschuur ingericht als woonruimte, terwijl de laatst aangevraagde vergunning uit 1972 stamt.

Om die verbouwingen ongedaan te maken, stuurde de gemeente de Oostenrijker eind 2019 een last onder dwangsom. Als hij niet binnen een aantal weken startte met de sloop of nieuwe vergunningen zou aanvragen, zou er een boete van maximaal 50.000 euro volgen. B. was het daar niet mee eens en ging in beroep bij de bezwaarschriftencommissie van gemeente De Wolden, waar begin juli een hoorzitting werd gehouden. Met dit advies is hij voorlopig van de dwangsom af.

Voorlopig, want op hoofdlijnen krijgt de gemeente namelijk gelijk.

Van samenspanning geen sprake

Zo zegt de commissie dat de dwangsom terecht aan B. is uitgedeeld en niet aan de eigenaar van de boerderij en is er van vooringenomenheid geen sprake.

Yehudi Moszkowicz, advocaat van B., sprak tijdens de hoorzitting over samenspanning van de eigenaar van de boerderij en de gemeente, om zijn cliënt bij de boerderij weg te houden. Dat zou blijken uit een gespreksverslag. De bezwaarschriftencommissie veegt dit van tafel en schrijft dat de gemeente beide opties openhield en pas naderhand een keuze maakte om B. voor de verbouwingen op te laten draaien.

Moszkowicz stelde tijdens de hoorzitting ook dat zijn cliënt de aanpassingen niet kán doen, omdat hij vastzit en geen sleutel meer heeft van de boerderij. Daarop zegt de commissie dat hij iemand anders hiervoor opdracht zou kunnen geven. Dat hem dat extra geld kost, is volgens de commissie niet van belang. Mocht het zover komen, dan kan de eigenaar hem voor die aanpassingen toegang kan verlenen tot de boerderij, vindt zij.

‘Op elk punt hebben we een punt’

Een woordvoerder van de gemeente laat weten niet ontevreden te zijn met het advies van de bezwaarschriftencommissie. „Op elk punt hebben we een punt. Over ongeveer vier weken komt het advies langs bij de collegevergadering, waarop een nieuw besluit volgt.”

Als B. zich niet in het nieuwe besluit kan vinden, kan hij in beroep gaan bij de rechter. Zijn advocaat heeft nog niet gereageerd. B. riep na de vierde pro formazitting afgelopen donderdag dat hij in hongerstaking gaat tot hij is overleden. Mocht hem dat inderdaad fataal worden, zou de dwangsom theoretisch overgaan naar de eigenaar van de boerderij, zegt de woordvoerder van de gemeente.

menu