Doe als Jan van de Vondervoort uit Usquert. Bouw in je eentje een volwaardig huis ('net Lego, maar dan groter')

Jan van de Vondervoort met het door hem ontwikkelde element waarmee het kleine huis wordt gebouwd. Op de achtergrond het modelhuis dat hij in z’n eentje bouwde. Foto: Peter Wassing

‘Waar ga je heen?’ Even naar de bouwmarkt. ‘Alweer een nieuwe boormachine...?’ Nee, een nieuw huis. ‘Oké, tot straks.’

Als het aan Jan van de Vondervoort (73) in Usquert ligt, wordt het bouwen van een huis een stuk voordeliger en eenvoudiger. De gepensioneerd ingenieur (ing én ir) bedacht het klikhuis, een bouwpakket, en bouwde een modelwoning in zijn achtertuin. In z’n eentje. ,,Het systeem is te vergelijken met Lego, maar dan iets groter.’’

Geen tiny house, maar gewoon klein huisje

Hij spreekt van kleine huisjes, met opzet niet van de hippe maar piepkleine tiny houses. Zijn huis houdt qua afmetingen het midden tussen zo’n tiny house en een sociale huurwoning. Maar de mogelijkheden zijn veel groter. ,,De bouwer heeft maximale grip op de indeling. Eigenlijk kun je het huis inrichten zoals je wilt. En dat geldt voor een groot deel ook voor de plekken van de ramen en deuren.’’

Uitgangspunten voor Van de Vondervoort zijn dat het huis betaalbaar moet zijn, een snelle bouwtijd heeft, een flexibel ontwerp kent en maximaal is geïsoleerd. En hij voegde een extra dimensie toe: ,,Het huis moet door één persoon kunnen worden gebouwd.''

,,En dat kan’’, zegt hij wijzend naar de modelwoning in zijn achtertuin, opgetrokken in de stijl en de kleuren van het hoofdhuis, Villa Biwema. ,,Geen grote kranen, die louter door specialisten worden bediend om enorme prefab gevel- en muurdelen op hun plek te zetten. Nee, gewoon twee handen. In mijn geval ook nog eens twee linkerhanden.’’

loading

Bedenker ontwikkelde eigen standaard

Het kleine huis wordt gebouwd volgens het principe van de houtskeletbouw. Van de Vondervoort bedacht een eigen standaard: elementen van 1.20 bij 2.60 meter. ,,Die wegen nog geen 20 kilo per stuk en daar wordt het hele huis uit opgetrokken. Plus enkele balken voor de overspanning. Het geheel staat op een geïsoleerde betonnen vloer met vloerverwarming.''

,,En als de drager eenmaal staat, dat is het skelet van de woning, dan wordt die vanaf de buitenzijde bekleed met houten gevelpanelen die voorzien zijn van isolatie. Aan de binnenkant afwerken met gipsplaten of osb-platen, zoals ik heb gedaan, en klaar is het.’’

Menig klusser en (hobby)bouwer zal denken: dat kan één persoon niet doen, want je hebt sowieso twee extra handen nodig om de elementen bij de opbouw staande te houden. ,,Nee’’,zegt Van de Vondervoort lachend. Het geheim van de smid zit ‘m in de stel- en koppelregels.

,,De stelregels leg je uit op de betonnen vloer en zijn om de 10 centimeter voorzien van een op de tiende millimeter nauwkeurig boorgat. Die gaten corresponderen met gaten in de onder- en bovenkant van de elementen. Plaats het element op de stelregel, druk een houten pen in het gaatje en hij staat. Op de bovenkant van de elementen wordt op dezelfde manier een koppelregel geplaatst. Zo kun je door bouwen aan de verdieping. Je klikt de elementen als het ware aan elkaar.’’

loading

Makkelijk in en uit elkaar

In zijn schuur heeft hij een model (schaal 1:2) gebouwd. ,,Moet je kijken hoe stevig deze constructie nu al is. Dan te bedenken dat dit model is voorzien van slechts enkele verbindingspennen. Op bepaalde plekken moeten de elementen ook met schroeven aan elkaar worden gezet. Op vaste plekken, want net zo makkelijk als je de constructie in elkaar zet, moet die voor hergebruik ook weer uit elkaar kunnen worden gehaald.’’

Huizen moeten aan het Bouwbesluit voldoen. Voor ‘gewone’ woningen gelden andere eisen dan voor vakantiehuizen en bijvoorbeeld woonwagens. Het kleine huis van Van de Vondervoort moet aan de voorschriften van de gewone huizen voldoen.

En dat is jammer, vindt hij. ,,Eigenlijk zouden er aparte normen moeten komen voor kleine, maar volwaardige woningen. Een voorbeeld: volgens het Bouwbesluit mag een toilet niet grenzen aan een leefruimte. Dus moet er een halletje tussen, maar dan krijg je een hokkerig geheel. Jammer, want juist in een klein huis moet je optimaal de ruimte beleven. Daarom heb ik in mijn modelwoning de wc in de badkamer op de bovenverdieping gesitueerd.’’

‘Een paar keer met de aanhanger op en neer naar de bouwmarkt’

In gedachte ziet hij het al helemaal voor zich: achter de pc ontwerpt de toekomstige bewoner zijn of haar kleine droomhuis. Het systeem geeft aan wat wel en niet kan én wat de kosten zijn. Met de spreekwoordelijke druk op de knop verschijnt de mededeling: u kunt uw bestelling dan en dan ophalen bij de bouwmarkt.

Van de Vondervoort: ,,Bij de bouwmarkt heb je twee stapels. Eén voor de elementen van het skelet en één voor de afwerking aan de buitenzijde. Je rijdt een paar keer met de aanhanger op en neer en je kunt beginnen.’’

De bedenker zegt dat zijn kleine huis ongeveer 40.000 euro gaat kosten. Hoe groter de schaal, waarop zijn standaardmaat wordt toegepast, hoe lager de prijs. Sociale woningbouw zit in zijn DNA. ,,Ik heb mijn werkzame leven lang in de betaalbare woningen gewerkt. Ooit begonnen bij de Nationale Woningraad, de koepel van de toenmalige woningbouwverenigingen. Later heb ik voor verschillende grote aannemers gewerkt, maar altijd in de sociale woningbouw. Ik ben en blijf een vakidioot, ook al ben ik gepensioneerd.’’

Over aannemers gesproken: zullen zij ook zo blij zijn met deze manier van bouwen? ,,Dat denk ik niet, of ze moeten het zelf ook volgens deze methode gaan doen.’’

menu