Ferry Boer in het centrum van Emmen.

Dakloos, drankverslaafd en onuitstaanbaar: voormalig dj Ferry Boer uit Emmen sliep anderhalf jaar in het bos (en droomt nu van een kledingwinkel)

Ferry Boer in het centrum van Emmen. Foto: Marcel Jurian de Jong

Van een geliefde diskjockey tot een dakloze die zo’n anderhalf jaar in de bossen bij Emmen sliep. Ferry Boer (54) weet hoe het is om bijna alles te verliezen. Met hulp van het Leger des Heils kreeg hij zijn leven weer op de rails. Zonder gêne vertelt hij zijn verhaal.

Het Valtherbos is een plek waar veel mensen graag wandelen, rennen of fietsen. Ferry Boer komt er niet graag. Het doet hem denken aan de donkerste periode van zijn leven. Zo’n anderhalf jaar sliep hij in het bos, in een kuil met daarover wat dekens. Jarenlang veel te veel drinken had hem aan de rand van de afgrond gebracht. ,,Ik maakte mezelf wijs dat ik drank nodig had om te kunnen functioneren. Het tegenovergestelde was het geval. Ik begon me voor de buitenwereld steeds irritanter te gedragen en raakte na verloop van tijd bijna alles kwijt.’’

Veel veertigers, vijftigers en zestigers in Emmen kennen Ferry Boer, in ieder geval van gezicht. Jarenlang was hij een bekende verschijning in het uitgaansleven. Hij verdiende bij flink wat disco’s en kroegen de kost als diskjockey en ging op pad met een drive-in show. ,,Als jong ventje had ik geen idee wat ik wilde worden. Leren boeide mij ook totaal niet. Ik verliet de lagere agrarische school zonder diploma en rolde meteen daarna de horeca in. Ik begon bij een café aan de Kolhoopstraat in Emmen. Die eigenaar was een muziekliefhebber en maakte mij ook enthousiast. Ik duurde maar even of ik was druk aan het mixen en scratchen.’’

Diskjockey, op donderdagavond. Daarna ook in het weekend

Na enige tijd ontdekte Boer dat een disco een wedstrijd voor diskjockeys op touw had gezet. Boer trok de stoute schoenen aan en schreef zich in. ,,Ik vond mezelf toen al best wel goed, maar toen ik bij die diskjockeywedstrijd aan de beurt was, was ik toch zenuwachtig. Blijkbaar zagen mensen dat. Ik kreeg het advies om eerst een paar biertjes te nemen. Dat deed ik en het ging vervolgens geweldig. Ik won en kon daarna als diskjockey bij die disco aan de slag. Eerst alleen op donderdagavond, daarna ook op vrijdag en zaterdag.’’

Het ging Boer voor de wind, maar toch kwam hij na enkele jaren in de problemen. Van de drie avonden en nachten die hij werkte, gaf hij er maar twee op bij de Belastingdienst. De diskjockey liep tegen de lamp. Hij kreeg een taakstraf, een boete en moest de nog verschuldigde belasting alsnog ophoesten. ,,Stom van mezelf en volledig mijn eigen schuld’’, blikt Boer terug. Na enige tijd extra geld te hebben verdiend bij een interieurwinkel, werd Boer weer fulltime diskjockey. Hij werkte in meerdere discotheken en ook draaide hij met een drive-in show op bruiloften en andere feesten.

‘Ik dronk zo 20 tot 25 glazen bier op een avond’

Het drinken bleef inmiddels allang niet meer beperkt tot enkele biertjes op een avond. ,,Ik dronk steeds meer. Niet vanwege de stress, maar omdat ik het lekker vond en omdat ik mezelf wijs had gemaakt dat ik met veel drank beter functioneerde. Het kostte me niets, want als diskjockey kreeg ik de drank gratis. Het ging van kwaad tot erger. Ik dronk zo 20 tot 25 glazen bier per avond, met daarnaast nog een paar shotjes en drie glazen cola-vieux. Ik herinner me nog dat ik een keer moest draaien op een feest voor minderjarigen, dus zonder alcohol. De organisator regelde speciaal voor mij een kratje bier voor achter de draaitafel. Toen vond ik dat geweldig. Nu denk ik: wat supertriest.’’

Met het vele drankgebruik groeide ook het ego van Boer. ,,Het gevolg was dat ik onuitstaanbaar gedrag ging vertonen. Een beetje mensen beledigen, dat vond ik grappig. Tijdens een jaren tachtig-feest vond ik het heel geinig om met een nummer van Jan Smit te gaan mixen. Daar zat dat publiek niet op te wachten, maar dat interesseerde mij niets. Op een gegeven moment kwamen mensen van de beveiliging naar mij toe die zeiden dat ik daarmee moest stoppen. Zo niet, dan gooiden ze me eruit. Een keertje was ik zelfs zo dronken, dat ze me achter de draaitafel weg moesten halen.’’

‘Ik had niet door hoe erg het was, ik zag het probleem niet’

Drie jaar lang combineerde Boer het werk als diskjockey in Drenthe met facilitair werk in twee ondergrondse tramstations in Den Haag. ,,Ook in Den Haag ging ik wel eens beschonken aan het werk. Achteraf gezien was dat natuurlijk heel dom en gevaarlijk.’’ Ondanks dat Boer een reputatie had opgebouwd als drinkebroeder, lukte het hem om nog lange tijd als diskjockey zijn geld te verdienen. ,,Natuurlijk waren er wel mensen om mij heen die zeiden dat ik minder moest gaan drinken, maar daar trok ik mij niets van aan. Ik had zelf niet door hoe erg het was, ik zag het probleem helemaal niet.’’

Boer snapte ook niet dat steeds meer mensen hem uit de weg gingen en dat hij minder in trek werd als diskjockey. ,,Ik was in geestelijk opzicht helemaal niet bereikbaar voor andere mensen. Ik hoef je dan ook niet te vertellen dat relaties geen stand hielden.’’ Doordat Boer minder werd gevraagd als diskjockey, kwam er steeds minder geld binnen. Hij ging daarom op kamers wonen, maar slaagde er niet in om de huur op tijd te betalen. De verhuurder bracht hem op een dag naar De Breehof in Nieuw-Amsterdam, het opvangcentrum van het Leger des Heils. ,,Ik dronk te veel en betaalde te weinig huur. Bij De Breehof zei die verhuurder: Hier is Ferry Boer. Nu is hij jullie probleem.’’

‘Om toch maar ergens te kunnen slapen, ben ik het bos ingegaan’

Een jaar lang woonde Boer in De Breehof. ,,Vaak ging ik ‘s weekends stiekem ergens muziek draaien in ruil voor wat tientjes en bier. Bij het Leger des Heils wisten ze dit niet. Ik vertelde daar dat ik logeerde bij vrienden. Een paar keer kreeg ik straf omdat ik beschonken terug kwam. Omdat ik door de week niet dronk, maakte ik wel stappen vooruit. Na een jaar kreeg ik de kans om begeleid te gaan wonen in de Emmer wijk Angelslo. Ik ging ook aan het werk in het kader van een re-integratietraject. Toen dat werk stopte, bleek dat er procedureel gezien dingen mis waren gegaan waardoor ik niet in aanmerking kwam voor een ww-uitkering. Uit pure ellende begon ik weer met drinken. Rekeningen bleven liggen en uiteindelijk werd ik uit mijn huis gezet.’’

Boer vond onderdak bij verschillende vrienden, maar daar kon hij niet voor lange tijd blijven. ,,Ik dronk in die periode echt enorm veel. Om toch maar ergens te kunnen slapen, ben ik het bos ingegaan. Voor de buitenwereld heb ik dat altijd verborgen gehouden. In die periode ging ik muziek draaien in de kantine van een amateurvoetbalclub. Ook werd ik daar omroeper. Ik voelde me weer even iemand. Ik kon er eten en drinken en lekker douchen.’’ In februari 2013 werd Boer wakker in het bos en besloot hij dat hij niet meer verder wilde leven. Op weg naar het spoor kwam hij langs de dagopvang van het Leger des Heils. ,,In paniek ging ik daar naar binnen. Het voelde als een warme jas. Er werd een arm om me heen geslagen, ik kreeg een tosti en wat drinken en er werd naar mij geluisterd.’’

‘Aardappelpuree, een speklapje en rode kool uit de magnetron. Het voelde als een koningsmaal’

Via de dagopvang kon Boer weer naar opvangcentrum De Breehof. ,,Daar kwam ik de man tegen die me daar eerder begeleid had. Hij zei: Het zal toch niet, hè? Jij blijft hier, we gaan je helpen.’’ Boer is even stil. ,,Ik word altijd emotioneel als ik daarover vertel. Die man is een van de liefste mensen die ik ooit heb ontmoet. De eerste avond kreeg ik aardappelpuree, een speklapje en rode kool uit de magnetron. Het voelde als een koningsmaal.’’ In De Breehof werd Boer intensief begeleid. ,,De eerste dagen liepen de tranen mij over de wangen. Ik zag in wat ik mezelf had aangedaan. En de mensen die mij dierbaar waren. Ik had hen in de steek gelaten en niet andersom.’’

Na zes maanden De Breehof was Boer klaar om wat meer op eigen benen te staan. Na in drie verschillende woonvormen met zorg van het Leger des Heils te hebben gewoond, betrok Boer in de zomer van 2016 zijn eigen appartement in Assen. Daar woont hij nog steeds. ,,Het duurde jaren voordat het allemaal weer goed ging met mij. Ik moest niet alleen stoppen met drinken, maar ook werken aan allerlei persoonlijke problemen die mede door mijn verslaving waren ontstaan. Denk aan psychische problemen, maar ook aan het wegwerken van schulden. Het ging niet altijd makkelijk, maar ik ben trots op wat ik tot nu toe heb bereikt. Waar ik nog wel aan moet werken is mijn korte lontje. Ik schiet te gauw uit mijn slof als ik onrechtvaardigheid voel.’’

‘De drank, daar kan ik nu heel goed van af blijven’

Sinds 2016 werkt Boer als ervaringsdeskundige mee aan voorlichtingsbijeenkomsten van het Leger des Heils. Met muziek is hij tegenwoordig alleen in zijn eigen woning bezig. Zijn droom: een eigen winkel, gespecialiseerd in bovenkleding voor mannen. Lukt dat niet, dan graag een leuke baan in loondienst. En hoe zit het met de drank? ,,Daar kan ik heel goed van afblijven. Ik dacht dat drank mijn grootste vriend was, maar het was mijn allergrootste vijand.’’

menu